Posts Tagged ‘Oog & Blik/De Bezige Bij’

Interview Frits Jonker: Handlettertype

Wednesday, January 11th, 2017

handlettertype-intro

Frits Jonker geportretteerd door Fred de Heij.

Frits Jonker geportretteerd door Fred de Heij.

‘Letteren komt hier op neer: je moet binnen meestal heel korte tijd met weinig materiaal voor weinig geld zo netjes mogelijk een boek naar de drukker brengen. Het is geen kunst, het is een ambacht,’ aldus Frits Jonker (1959), handletteraar van beeldverhalen. Van 1978 tot 2000 was Jonker hier fulltime mee bezig. ‘In de hoogtijdagen van de strip werden veel Franse albums meteen in het Nederlands uitgegeven dus driekwart van wat ik deed waren vertalingen. Ik deed bijna alle series wel, behalve Lucky Luke en Asterix.’

Ook al lettert hij nu nog iedere aflevering van strips als Claire en Willems Wereld, graphic novels zoals De Aanslag van Milan Hulsing en In the Pines van Erik Kriek, tegenwoordig verdient Jonker zijn brood als huisschilder, want het merendeel van de strips wordt digitaal geletterd. Toen in 2000 bleek dat de mensen die Jonkers werk digitaliseerden drie keer zoveel per pagina betaald kregen dan hij, legde hij zijn pen neer.

Lastige ballons
‘Tegenwoordig word ik vaak niet meer gevraagd om hele albums te letteren, maar vooral voor de lastige ballons met vette uitroepingen en onomatopeeën, de geluidseffecten. Ook schrijf ik tekst die in de tekeningen staat en die vertaald is, zoals opschriften van winkels, artikelen en krantenkoppen of naambordjes.

Wol van Aart Taminiau (De Bezige Bij, 2016)

Wol van Aart Taminiau (De Bezige Bij, 2016)

Het beeldverhaal Wol van Aart Taminiau letterde Jonker wel van kaft tot kaft. ‘Dat was leuk omdat ik betrokken werd bij het letterproces voordat het boek af was. De tekst was er nog niet helemaal en Aart moest zelfs nog een deel tekenen. Omdat hij geen idee had hoe hij het boek geletterd wilde hebben, heb ik op basis van een paar pagina’s – waar de minst en de meeste ruimte was voor de lettering – zitten puzzelen om te zien wat het mooiste zou passen. Je kunt namelijk niet zomaar een mooie lettering bedenken, want dan blijkt deze opeens op pagina dertien niet meer te passen qua ruimte. Als je eenmaal iets gekozen hebt, kun je altijd wel een beetje smokkelen door af en toe de letters bijvoorbeeld 20 procent kleiner te maken. Dat zie je net niet, je leest die boeken immers niet met een loep.’

Wat beschouwt Jonker als een goed geletterde strip? ‘Ik ben snel tevreden. Als het met liefde en aandacht gedaan is, dan mag het van mij aan alle kanten rammelen. Ik hou meer van charme dan van perfectie. Perfectie is altijd doods. Al is letteren met de computer lekker snel en makkelijk, handlettering vind ik altijd mooier. Machines zijn zielloos.’

In the Pines van Erik Kriek. (Scratch Books, 2016). De lettering staat perfect in het midden.

In the Pines van Erik Kriek. (Scratch Books, 2016). De lettering staat perfect in het midden.

Regels
Volgens Jonker zijn er een paar belangrijke regels voor goede lettering. Zo moet er altijd voldoende lucht zitten tussen de tekst en de rand van de ballon. Ook moet de tekst goed gecentreerd zijn. ‘Als dat niet het geval is, zie je dat meteen! De spatiering tussen de letters moet regelmatig zijn en de interlinie mooi. Het is heel belangrijk dat je een letterdikte kiest die je als harmonisch ervaart. Als je te dun of te dik schrijft, valt dat al op voordat je gaat lezen. Als je dat goed kiest, maakt het handschrift niet veel uit.’

In de Verenigde Staten bepalen letteraars vaak de positie en de vorm van de tekstballons voordat de tekeningen worden geïnkt. Zij kunnen zo een totaalbeeld creëren waarin de tekst een organisch geheel vormt met de tekeningen. ‘Het lettertype dat ze in Amerikaanse comics gebruiken is ideaal: goed leesbaar en snel te schrijven. Die letters zijn altijd een beetje vierkant, zodat ze evenveel ruimte innemen. Hierdoor is er een perfecte balans tussen het wit en het zwart.’

lettering-frits-jonker

Twee Pistolen Kid
Jonkers liefde voor de strip en letteren begon op jonge leeftijd. ‘Thuis hadden we Donald Duck en veel stripachtige reclameboekjes want mijn vader werkte bij een kruideniersbedrijf. Toen ik jaar of acht was ging ik met mijn moeder mee naar de oogarts. In het Amstelstation stond zo’n tijdschriftenmolen vol met comics en ik mocht toen een strip kopen. Ik koos voor de Twee Pistolen Kid. Er ging voor mij een wereld open, die strip leek echt uit een andere dimensie te komen. Er was een leven voordat ik ontdekte dat dit bestond en een leven erna.’

Eigenlijk wilde Jonker daarna striptekenaar worden en als tiener stuurde hij zijn werk naar amateurbladen. Har van Fulpen, de man achter uitgeverij Drukwerk, stuurde hem een briefje dat hij het tekenwerk niet interessant vond, maar bood Frits wel een baan aan als letteraar. ‘Ik letterde een boek voor hem en besefte toen dat ik letteren honderd keer leuker vond dan tekenen.’

De eerste keer van Dave Guedin. (Xtra, 2016)

De eerste keer van Dave Guedin. (Xtra, 2016)

Ontzettend puzzelen
‘Wat ik zo tof vind aan letteren? Ten eerste vind ik het gewoon heel erg leuk om een pen in mijn handen te hebben. Ten tweede hield ik ontzettend van strips. Eigenlijk was ik de meest intensieve striplezer van Nederland, want ik las een album wel twintig keer als ik die letterde. Ook vind het heel prettig om monomaan werk te doen. Dat heb ik nu ook met huizen schilderen. Als ik dertig deuren moet schilderen, denk ik bij de laatste nog “En nu ga ik het heel mooi doen!” Bij letteren had ik vaak dat ik de foutjes uit het vorige boek niet meer wilde maken bij het nieuwe. Maar goed, dan loop je weer tegen andere problemen aan.

Bij letteren is het grootste probleem dat de tekst vaak niet in de ballons past, omdat je in het Nederlands vaak meer woorden nodig hebt om hetzelfde te zeggen dan in het Engels. Daarom zijn vertalingen vaak te lang. Het is ontzettend puzzelen om al die woorden er mooi in te krijgen, want ballons zijn zelden mooi rond. Ik wil ook zo min mogelijk woorden afbreken.’

celine-verdomd

Céline en de kolonie van collaborateurs van Christophe Malavoy e.a. (Xtra, 2016)

Jonker houdt wel van een uitdaging: ‘Bij een strip waren per ongeluk vier ballons niet geletterd. Ik heb toen twee dagen lang die ballons rechtstreeks in alle vijfhonderd albums zitten letteren. Dat soort dingen vond ik erg leuk om te doen. Ook heb ik voor Casterman een Kuifje-album in het Russisch geletterd, maar ik had dus geen idee wat daar stond of welke letters het waren. Dan zie je meteen hoe ambachtelijk het werk is: in een paar dagen kun je jezelf een aantal symbooltjes of lettertjes aanleren en die schrijf je gewoon.’

Lelijk
‘Ik vind het moeilijk als ik bewust lelijk moet letteren, zoals Kunnen we het niet over iets leukers hebben van Roz Chast. Chasts handschrift was heel slordig en mijn lettering werd in eerste instantie afgekeurd omdat die toch iets te netjes was. Uiteindelijk kreeg ik hem slordig genoeg. Dat doet me dan pijn in het hart, want je maakt dan 228 pagina’s met schots en scheve letters. En ik moest oppassen dat ik niet halverwege te netjes ging werken.’

Kunnen we het niet over iets leukers hebben van Roz Chast. (De Bezige Bij, 2015). Hiervoor moest Frits bewust lelijk letteren.

Kunnen we het niet over iets leukers hebben van Roz Chast. (De Bezige Bij, 2015). Hiervoor moest Frits bewust lelijk letteren.

Trend
Tegenwoordig lijkt letteren met de hand een trend te zijn. Er zijn verschillende boeken uitgekomen waarin dit ambacht geleerd wordt. Jonker: ‘Er zijn meerdere dingen die dit verklaren, denk ik. Er is een enorme belangstelling voor wat vintage genoemd wordt, dus alles wat een beetje ruikt naar oud en ambachtelijkheid. We zitten in een tijd waarin mensen het ambachtelijke missen. Jonge mensen zitten bijna alleen maar achter een computer en houden nooit meer een pen vast terwijl de mens toch een behoefte heeft aan fysieke bezigheden als schrijven.’

showcaseBlogger
Behalve letteraar en huisschilder is Jonker ook verzamelaar, graficus, auteur en publicist van zines. Ook houdt hij al tien jaar een zeer inspirerend blog bij genaamd ShowCase. Frits toont daarop zijn grafische werk en schrijft onder andere over zijn verzamelingen. Jonker: ‘Ik verzamel dingen die mensen eigenlijk niet beschouwen als verzamelwaardig. Een verzameling is pas interessant als je er iets mee doet en anderen duidelijk maakt waarom je die zo mooi vindt, bijvoorbeeld door er over te bloggen.’ In 2005 begon Frits met het schrijven van de papieren versie van zijn blog: strookjes handgeletterd papier die hij rondstuurde naar vrienden en kennissen. Deze strookjes werden in 2012 verzameld in het boek ShowCase dat door uitgeverij Xtra is uitgebracht.

Eindelijk erkenning

Op 5 maart krijgt Jonker op de Stripdagen in Rijswijk de P. Hans Frankfurtherprijs voor bijzondere verdiensten. Eindelijk erkenning dus voor het handletteren. ‘Vroeger interesseerde het niemand wie er letterde, mijn naam werd meestal niet eens in het album vermeld. Nu krijg ik heel veel respect voor het feit dat ik zoveel gedaan heb. Ik heb nog nooit zo hard nagedacht en geschreven over lettering sinds ik het niet meer regulier doe. Vroeger had ik daar de tijd niet voor.’

Alle handlettering: Frits Jonker.

Dit interview is gepubliceerd in VPRO Gids #2 (2017).

Hal Foster Award voor Mara Joustra

Sunday, September 11th, 2016

Vrijdag 9 september was het feest in stripwinkel Beeldverhaal Amsterdam, want de winkel bestond 40 jaar. Ook werd de Hal Foster Award uitgereikt.

Die prijs was voor Mara Joustra. Joustra is al jaren actief als (strip)redacteur en ze is de mede-oprichter van de site Drawing the Times waar journalistieke strips op gepubliceerd worden. Ze leerde het klappen van de zweep bij Oog & Blik, de uitgeverij van haar vader Hansje die tegenwoordig Scratch Books bestiert. Mara is ook de drijvende kracht en oprichter van uitgeverij Banafish.

Natasja en Mara.

Natasja en Mara.

Mara kreeg de Hal Foster Award uitgereikt van Natasja van Loon, de vorige winnares van de lelijkste wisselbokaal van Nederland. Maar die prijs moet je ook niet op zijn uiterlijk beoordelen, maar juist om waar die voor staat, namelijk een prijs voor mensen die belangrijk werk verrichten in de periferie van het beeldverhaal. Het gaat dus om het idee.

Niet dat ik het Mara niet gun, want ik vind dat ze de prijs terecht heeft gekregen, maar ik vind dat Jeanet van het Beeldverhaal ook een goede kandidaat voor de prijs was geweest, want al veertig jaar een stripwinkel open houden is op zich al een hele prestatie. En zonder stripverkopers komen de lezers niet aan hun strips en verdwijnt het medium in het niets.

hans-jeanette-beeldverhaal

Hans en Jeanet.

Het was een gezellige boel daar in het Beeldverhaal vrijdag. De Unborn Brothers, de band waar stripmaker Erik Kriek in speelt, zorgde voor muziek op de achtergrond. Verder was er bier en waren er heel veel stripmakers aanwezig.

Welke Nederlandse strip kan verfilmd worden?

Sunday, May 29th, 2016

Naar aanleiding van het uitkomen van de Marvel-film X-Men: Apocalypse, vroeg journalist Dave Krajenbrink van BNR Nieuwsradio aan Hanco Klok, Aimée de Jongh en ondergetekende of er ook een Nederlandse strip is die succesvol verfilmd kan worden.

Dat Aimée die vraag gesteld wordt, is niet zo gek, want haar prachtige graphic novel De terugkeer van de wespendief wordt op dit moment verfilmd als Telefilm. Benja Bruijning, Sanne Langelaar en Mandela Wee Wee spelen de hoofdrollen in de speelfilm van Stanley Kolk (regie) en Philip Delmaar (scenario). De Telefilm is een productie van Family Affair Films en AVROTROS.

man van nu seks

Stripplaatje uit De Man van Nu.

Omdat Dave Krajenbrink wilde weten of er in de Nederlandse strip nog meer te verfilmen viel, noem ik onder andere De Man van Nu van Hanco Kolk en Kim Duchateau. Dit is in wezen een Nederlands sciencefictionverhaal, een what if story. Wie zou die klus op zich moeten nemen? Paul Verhoeven natuurlijk! Is dat immers niet de beste filmregisseur die Nederland ooit heeft voortgebracht. Ik dacht het wel.

Nou ja, luister het fragmentje van drie minuten maar gewoon.

Welke Nederlandse strip vind jij een verfilming waard?

Recensie: Pelgrim of niet?

Sunday, August 2nd, 2015

Judith Vanistendael maakte de voetreis naar Santiago de Compostela die ieder jaar wordt afgelegd door duizenden pelgrims, gelukzoekers en wandelaars. Haar dagboekaantekeningen zijn nu door Oog & Blik/De Bezige Bij uitgebracht.

Wie zijn vakantie thuis viert, kan altijd reisboeken gaan lezen om in de voetsporen van andere reizigers weg te dromen. Zelf ben ik nogal gecharmeerd van Carnet de voyage, het reisdagboek van Craig Thompson dat hij in 2004 bijhield toen hij drie maanden lang door Frankrijk, Barcelona, de Alpen en Marokko reisde. Er staan prachtige tekeningen in en een persoonlijk verslag van zijn reis dat het particuliere overstijgt en dus ook voor de lezer interessant is. Ik heb het reisverslag van Maaike Hartjes en Mark Hendriks over Hong Kong ook met veel plezier gelezen, evenals de boeken van Guy Delisle, die geregeld in andere oorden in de wereld verblijft. Door die boeken leer je andere culturen beter kennen en leer je iets over vreemde landen. Dat is bij Pelgrim of niet? Een voettocht naar Santiago niet het geval.

Judith Vaninstendael is een getalenteerd stripmaker. Ik vond haar De maagd en de neger goed, en Toen David zijn stem verloor vind ik een prachtige strip over wat het effect is als een naaste doodziek wordt. Ze vertelt hoe ieder op zijn eigen wijze omgaat met de naderende dood. Toen ik haar over dit boek interviewde vertelde Judith: ‘Ik ben niet zo van “De Grote Waarheid”. Wat ik boeiend vind aan fictie is dat je verschillende waarheden kunt weergeven, verschillende realiteiten en visies. Ik denk dat het me daarom zo aanspreekt. Maar in het volgende boek doe ik dat niet meer, want het is heel veel werk.’

Je zou kunnen zeggen dat Pelgrim of niet? Een voettocht naar Santiago een kleine waarheid is, Judiths waarheid. Het is een verzameling van indrukken en introspecties van Vaninstendael, die zich op haar reis voornam iedere dag een illustratie te maken.

Soms leidt dat tot een belangrijk inzicht:

pelgrim-1Ik had soms wel moeite om Vanistendaels schoolschrift te lezen. Vooral de aantekeningen in de illustraties.

Pelgrim of niet? Een voettocht naar Santiago geeft een aardige indruk van wat je meemaakt als je een wandeling van 900 kilometer onderneemt. Sommige illustraties vind ik mooi, anderen vooral functioneel: ze zijn er om een detail van de reis weer te geven, maar springen er qua compositie of uitvoering niet uit.

Deze illustratie bekoort mij in het bijzonder omdat het enerzijds zo alledaags tafereel is, maar door de bergen op de achtergrond iets romantisch of dromerigs krijgt:

pelgrim-waslijnDat gezegd hebbende en zonder Vanistendaels ervaring te willen bagatelliseren, vind ik het resultaat voor mij als lezer enigszins mager. De vertelling blijft mijns inziens te veel in het particuliere hangen en heeft voor deze lezer daarom weinig zeggingskracht. Het is vooral een leuk boekje voor bekenden van Vanistendael en mensen die zelf deze tocht hebben ondernomen. Ik hoop daarom ook dat Vaninstendael binnenkort weer met een goed stripverhaal komt.

Mijn favoriete strips van 2014

Monday, December 29th, 2014

Een lijstje met strips uit 2014 die ik van harte aanbeveel.

Normaliter doe ik niet aan eindejaarslijstjes en ik ga je ook niet vervelen met succesverhalen van hoe goed of hoe slecht het afgelopen jaar ging als freelancer. Niet alleen fungeert mijn blog al aardig als dagboek, waarin mijn stappen en gedachten goed te volgen zijn, ook denk ik dat er maar weinig mensen zitten te wachten op dergelijke stukken.

Wat mij opvalt is hoe verschillend de top tienen van collega’s zijn. En die verschillen merk ik al bij de recensies. Soms krijgt een strip maar liefst vijf sterren terwijl ik voor het betreffende boek slechts twee of drie sterren over heb. En andersom. Dat recenseren blijft dus eigenlijk maar een arbitraire bedoeling.

Daarom een lijstje met dit jaar uitgekomen strips waar ik het meeste leesplezier aan ontleende. Leesplezier komt voort uit een goed geschreven verhaal of fantastische tekeningen. Als beiden voorkomen in een strip, ben ik helemaal blij.

Op alfabetische, en dus willekeurige volgorde:

Het eerste plaatje van Polza uit Blast 4.

Het eerste plaatje van Polza uit Blast 4.

Blast 4: Nu maar hopen dat de boeddhisten zich vergissen (Manu Larcenet)
Een van de beste series die ik ooit heb gelezen. Larcenet is een meesterverteller. Dit jaar kwam eindelijk het vierde en laatste deel uit. Blast draait om Polza, een kolossale man die een heftig visioen krijgt na de dood van zijn vader. Polza noemt dit visioen de blast en besluit zich hierna terug te trekken uit het dagelijks leven en te zwerven, op zoek naar een nieuwe blast. Dan wordt hij opgepakt en verhoord door de politie op verdenking van moord.
seconds-coverSeconds (Bryan Lee O’Malley)
Een mooi sprookjesachtig science fiction-verhaal over de universele wens om fouten te herstellen.

sugar-serge-baekenSugar (Serge Baeken)
De veelzijdige grafisch kunstenaar Serge Baeken toont in het stripalbum Sugar het leven van alledag door de ogen van de kat. Het grafisch oogstrelende en vernuftige stripalbum is een hoogtepunt uit zijn oeuvre.

suikerschedelSuikerschedel (Charles Burns)
In de albums X, De Korf en Suikerschedel mengt Burns de beeldtaal van Hergés Kuifje met elementen van het werk van Willam Burroughs en met een flinke scheut David Lynch. Het resultaat is verbluffend en, vooral de finale, ontroerend. Burns brengt in Suikerschedel alle puzzelstukjes van de voorgaande delen mooi samen in een ontroerende finale die blijft intrigeren.

wespendief_coverDe terugkeer van de wespendief (Aimée de Jongh)
De eerste graphic novel van Aimée de Jongh smaakt naar meer. De Jongh toont in dit verhaal haar talent voor visueel vertellen en laat zien dat ze een van de beste stripmakers van Nederland is. Wat mij betreft ieder jaar zo’n mooi album. Ik interviewde haar een paar maanden geleden over dit album en haar andere strips.

zotte_geweld_coverHet zotte geweld (Joris Vermassen)
Het zotte geweld van Joris Vermassen is een ontroerende striproman waarin de stripmaker een goede balans weet te vinden tussen tragikomische elementen en waarachtige, emotionele scènes. Stand-upcomedian Tom Steurs verkeert in een levenscrisis. Met zijn carrière wil het niet echt vlotten, zijn relatie verloopt stroef en zijn geliefde zus Elke ligt doodziek in het ziekenhuis. Een mooi en intiem verhaal waar ik het bijkans niet droog bij hield.

Striprecensie: Suikerschedel van Charles Burns

Wednesday, December 17th, 2014

Met Suikerschedel heeft Charles Burns eindelijk zijn trilogie afgerond. De puzzelstukjes zijn compleet maar het plaatje blijft deels gehuld in mysterie. Het levert een boeiende leeservaring op.

SUGAR-SKULL_charles_burns

charlesburns_zelfportret

Charles Burns. Zelfportret.

In de albums X, De Korf en Suikerschedel mengt Burns de beeldtaal van Hergés Kuifje met elementen van het werk van Willam Burroughs en met een flinke scheut David Lynch. Het resultaat is verbluffend en, vooral de finale, ontroerend.

Toen ik begin 2012 Burns interviewde voor de VPRO Gids en Kuifje ter sprake bracht, zei de tekenaar daar het volgende over: ‘Een groot deel van mijn kindertijd moest ik mezelf vermaken en dat deed ik door te tekenen en strips te lezen. Nog voordat ik kon lezen kreeg ik Kuifje-albums van mijn vader en werd verliefd op ze. Ze maakten grote indruk op mij. Uiteindelijk hebben het verhaal, de personages en wat ik wil vertellen niets te maken met de wereld van Kuifje of die van Hergé, maar de beeldtaal en misschien ook de sfeer die ik als kind tot me genomen heb, komen er nu op deze manier uit.’

charles_burns_xIn X (of X’ed Out als je de Engelse versie leest) maakten we kennis met Doug, een getormenteerde jongen wiens alter ego Nitnit (juist, Tintin omgedraaid) gevangen zit in een surrealistische, alternatieve realiteit, opgeroepen door de verdovende middelen die Doug slikt en de dramatische gebeurtenissen die vooraf gingen. Doug krijgt een relatie met Sarah, een kunststudente met een gewelddadig en stalkend ex-vriendje. De relatie tussen Sarah en Doug verloopt dramatisch en dan is er ook nog… Maar wacht, laat ik niet meer over de plot prijsgeven.

Met een beschrijving van wat er gebeurt en wie wat doet, doe je het werk van Burns eigenlijk te kort. De verhalen van Burns moet je ondergaan, je moet ze ervaren. Het zijn vaak gecompliceerde vertellingen vol symboliek, soms vertelt vanuit meerdere perspectieven. Ze kennen een ingewikkelde narratieve structuur met flashbacks en flashforwards.

Het werk van Burns fascineert omdat hij net als bovengenoemde Lynch nachtmerrieachtige taferelen toont in een realistische omgeving. De ‘echte’ wereld vervormd tot een surrealistische droom, weergegeven in een strakke, bijna klare lijn. En de personages in die nachtmerrie zijn gelaagd, intrigerend en feilbaar.

“I guess I struggle through those ideas of what those characters are and why they’re out there. I think all the characters are pretty fallible. And I think, in the trilogy, you’re focusing on Doug – that’s the primary focus. Then you’re definitely seeing that Sarah has got her shortcomings and she’s struggling with a lot of things. It’s less specific but you can see that she’s not a perfect person either,’ verklaarde Burns in een recent interview met Patrick Lohier van BoingBoing.net.

Sommige gebeurtenissen in het verhaal raakten een gevoelige snaar bij mij omdat ik dingen in mezelf herkende. Ik vermoed dat dit voor iedere lezer anders zal zijn, wat de strip alleen maar rijker maakt.

Fragment uit 'X'

Fragment uit ‘X’

suikerschedelNiet alle elementen in het verhaal zullen bij eerste lezing duidelijk worden. Sterker nog: pas bij het lezen van Suikerschedel is grotendeels duidelijk waar het verhaal precies om draait. Burns maakt intrigerende, gelaagde verhalen die enige studie vergen, maar zeer de moeite van het lezen waard zijn.

Doe jezelf daarom een lol en schaf meteen alle drie de boeken aan om deze achter elkaar te kunnen lezen. Een bijzondere leeservaring staat je te wachten.

Charles Burns. Suikerschedel
Oog & Blik / De Bezige Bij, € 21,95 (hardcover)

Aimée de Jongh: ‘De dood boeit mij’

Wednesday, October 22nd, 2014

Aimée de Jongh maakt al een decennium strips. Nu is eindelijk haar eerste graphic novel uit: De terugkeer van de wespendief. ‘Ik ben het autobiografische beu. Dat kennen we nu wel.’

Aimée de Jongh. Zelfportret.

Aimée de Jongh. Zelfportret.

‘Mijn sterkste punt is dat ik een soort kameleon ben. Ik wil alles proberen. Als iemand mij morgen vraagt om Suske en Wiske te illustreren, dan ga ik daar heel hard aan werken tot ik in die stijl kan tekenen,’ vertelt Aimée de Jongh (1988). De gagstrip Snippers die dagelijks in forenzenkrant Metro staat, tekent ze in een expressieve cartooneske stijl terwijl haar striproman De terugkeer van de wespendief semi-realistisch is getekend. Als grafisch kameleon bouwde De Jongh in de afgelopen tien jaar een indrukwekkend cv op met animaties, stripverhalen en kinderboekillustraties.
Recent animeerde De Jongh de videoclip ‘Last resistance’ van Wende Snijders, werkte ze als in-betweener aan de animatiefilm Trippel Trappel en exposeerde ze samen met de Amerikaans-Filipijnse kunstenaar Miljohn Ruperto in het 18th Street Art Center in Santa Monica. ‘We hebben acht verschillende animaties van rotsen gemaakt die op de één of andere manier zijn aangetast door de natuur. Sommige stenen doen denken aan menselijke organen of rottend vlees. Miljohn wilde onderzoeken of stenen ook lelijk kunnen zijn, net als mensen.’
Manga
De Jongh is een visueel verteller, haar verhalen lezen vloeiend. Trefzeker en met schijnbaar weinig moeite zet ze haar personages op papier en laat ze overtuigend acteren. Hoewel de stripmaker in de loop der jaren haar eigen handschrift heeft ontwikkeld, is in haar tekenstijl een sterke invloed van manga (Japanse strips) terug te zien, het soort strips waarmee ze als tiener begon. Manga’s hebben een andere beeldtaal dan bijvoorbeeld Europese en Amerikaanse strips. ‘Manga is een dynamische en filmische manier van vertellen. Er zit veel actie in, je vliegt door de pagina’s heen. Vaak heb je pagina’s lang geen tekst. Dan loopt er bijvoorbeeld iemand in gedachten verzonken een paadje af. Grote platen worden dikwijls afgewisseld met close-ups van handen en ogen. En in manga hebben de personages vaak van die grote ogen. Maar dat vind ik lelijk.’

snippers_avondtheeSitcom
De Jongh maakte als tiener naam in de stripwereld door wekelijks online een dagboekstrip te publiceren. ‘Ik zag het als promotiemiddel. Stripmaker Floor de Goede was toen al twee jaar bezig met zijn dagboekstrip en trok veel bezoekers. Dat wilde ik ook. Al snel had mijn site veel lezers.’ De aandacht leidde in 2006 tot de publicatie van haar eerste boekje en meerdere publicaties in mangabundels. Inmiddels is Aimée afgestapt van autobiografisch werk: ‘Ik ben het autobiografische beu. Dat kennen we nu wel. Waarom zou ik mijn leven met iedereen moeten delen? Zodra je zegt dat je een graphic novel maakt, denkt men dat je een roman gaat verstrippen of dat het verhaal over jezelf of je zieke moeder gaat. Met de jaren begon het idee dat graphic novels autobiografisch of journalistiek moeten zijn, me tegen te staan. Waarom hebben we Nederland niet een goede graphic novel over een detective of een echt horrorverhaal? In Japan heb je alleen maar fictie en genrestrips. Er komt bijna geen autobiografie voor.’

Sinds 2012 staat in de Metro haar gagstrip Snippers, een sitcom rondom de dagelijkse avonturen van Aimée en haar al even nerdy huisgenoot Stef. ‘Zelf heb ik nooit een huisgenoot gehad, maar je hebt in een strip minimaal twee hoofdpersonen nodig om een gesprek te laten plaatsvinden. Deze strip draait om het scenariootje, de grap is belangrijker dan of het mooi getekend is.’ Snippers is duidelijk geen autobiografie, maar De Jongh gebruikt wel voorvallen uit haar leven om iedere week weer vijf strookjes te kunnen bedenken. ‘Neem die grap dat mijn personage bij de opticien zit en de tekst die ze moet voorlezen bestaat uit: “Doe mij die dure uit de etalage maar”. Dat heb ik niet letterlijk zo meegemaakt, maar ik heb wel sinds kort een bril en dat vind ik helemaal niet leuk. Die frustratie verwerk ik dan in een stripje. Vaak zit ik te brainstormen met een schetsboekje maar soms ontstaat er een strip als ik me afvraag of je avondthee ook ‘s ochtends mag drinken.’

snippers_opticienZware thema’s
Begin oktober kwam De Jongs eerste striproman De terugkeer van de wespendief uit. ‘Ik wilde al jaren een graphic novel maken, maar tot nu toe had ik er simpelweg geen tijd voor.’ In Wespendief staat boekhandelaar Simon Antonisse voor de keuze om de familiezaak te verkopen aan een keten of de deur te sluiten. Als hij getuige is van een zelfmoord op het spoor ontsluit dit onverwerkte herinneringen aan de ongelukkige dood van een jeugdvriend. Regina, een jong meisje dat hij per toeval tegenkomt, weet Simon de rust en liefde te geven waar hij naar verlangt. Zelfmoord, pesten en het verdwijnen van de boekwinkels. Veel zware thema’s in één verhaal. ‘Dat klopt,’ zegt De Jongh, ‘maar als ik een van de drie had gekozen was het teveel een thematisch boek geworden. Als verteller heb je een bepaalde motivatie nodig om gebeurtenissen uit te lokken of op gang te brengen. De jeugdvriend van Simon moest een verandering ondergaan. Hij was een puber dus kwam ik al snel op pesten. Hierdoor kunnen kinderen namelijk echt veranderen en snel volwassen worden. Ik vond dit een cool gegeven en kon dit mooi koppelen aan wat er nu met Simon gebeurt. Hij had die gebeurtenissen aan zijn jeugdvriend weggestopt en vergeten, maar door die zelfmoord op het spoor komt het allemaal weer terug.’

Simon en Regina. Uit: 'De terugkeer van de wespendief'

Simon en Regina. Uit: ‘De terugkeer van de wespendief’

Metafoor
Net als eerdere verhalen bevat Wespendief onverwachte wendingen, een bovennatuurlijk tintje en een melancholische toon. Ook speelt de dood een prominente rol in het werk van De Jongh. In de korte animatiefilm One Past Two waar ze in 2011 mee afstudeerde aan de Willem de Kooning Academie, ontmoet Tim medestudente Eva bij een afgelegen bushalte. Terwijl ze wachten in de ijskou praten ze met elkaar en ontstaat er een band tussen hen. Als de bus eindelijk arriveert is er nog maar voor één persoon plaats. Galant laat Tim het meisje voorgaan en ziet hij de bus wegrijden. Dan blijkt de hele situatie een metafoor te zijn voor de dood: beide studenten zijn geraakt in een schietpartij op school. Terwijl Tim op de intensive care ontwaakt, blijkt het meisje naast hem, Eva dus, zojuist overleden te zijn aan haar verwondingen.

De Jongh: ‘Als Tim haar niet had laten voorgaan, had ze dan overleefd en was hij dan gestorven? Dat vind ik een boeiende vraag. Net als de zelfmoord in Wespendief: als iemand ervoor kiest om te sterven, is dat dan goed of slecht? Ik ben er zelf ook nog niet uit, dus die verhalen zijn voor mezelf een zoektocht om te ontdekken wat ik er van vind. De dood boeit mij. Mijn vader overleed aan kanker toen ik 19 was. Vijf jaar lang was hij ziek, dus eigenlijk mijn hele pubertijd. Al die tijd leef je met het idee dat je vader een keer gaat sterven. Vlak voordat hij overleed, stierf de moeder van mijn toenmalige vriendje aan kanker na een ziekbed van drie maanden. Het klinkt wellicht wat cru, maar toen vroeg ik me toch af wat eigenlijk beter is. Die drie maanden waren net zo heftig, maar wel een stuk korter. Toen ben ik verhalen over de dood gaan maken. Misschien om dat thema te onderzoeken of het te verwerken. Maar ook om mensen over dit thema na te laten denken. Bij One Past Two vertelden mensen me dat ze zich bij de aftiteling echt aan het bezinnen waren. Dat is wat ik wil en vooral door het maken van strips. Men denkt nog steeds dat strips voor kinderen zijn, maar met zo’n verhaal als Wespendief maak ik een statement dat dit niet zo hoeft te zijn.’
In de striproman mengt De Jongh wederom veel magisch realistische elementen. ‘Ik vind magisch realisme erg tof omdat in een normale omgeving bijzondere dingen gebeuren. Het klinkt ouderwets maar is eigenlijk erg hip. Denk maar aan superheldenfilms of de Transformers-reeks van Michael Bay.’

wespendief_trein

Belofte
wespendief_coverJarenlang stond De Jongh bekend als nieuwe belofte van de Nederlandse strip. Op de Stripdagen Haarlem eerder dit jaar werd ze nog steeds geschaard onder de noemer ‘nieuwe garde’. Heeft de stripmaakster het idee dat ze met deze graphic novel die belofte eindelijk heeft ingelost? ‘Dat van Haarlem vond ik bizar, want ik ben al tien jaar stripmaker. Zijn er dan zo weinig nieuwe stripmakers bijgekomen, vraag ik me dan af. Als je kijkt naar wat ik al gedaan heb, dan heb ik mezelf wel bewezen. Maar ik doe het niet voor de reputatie of voor andere mensen. Ik wil gewoon heel veel doen en ik ben snel verveeld. Ik wil dingen fris houden. Nu heb ik een dik boek gemaakt en wil ik weer eens iets anders doen. Lekker schilderen of een reisverslag maken. Ook het animeren gaat met golven. De ene keer heb ik heel veel zin om een film te maken en als die af is, dan denk ik: “Oké, ik ga nu echt een jaar lang niet meer animeren!” zegt De Jongh lachend.

Aimée de Jongh. De terugkeer van de Wespendief.
Uitgeverij Oog & Blik / De Bezige Bij.

Snippers 1 t/m3
Strip2000

Dit artikel schreef ik voor de VPRO Gids en werd in #43 gepubliceerd.

Scratch Books wil mooie strips gaan uitgeven

Friday, May 30th, 2014

Tekenaars Guido van Driel, Craig Thompson, Robert Crumb, Erik Kriek, Ever Meulen, Joost Swarte, Typex en Henning Wagenbreth hebben een nieuwe uitgever gevonden namelijk Scratch books. Hansje Joustra, tot voor kort de man achter Oog & Blik, is de uitgever.

Als je in de huidige stripmarkt een nieuwe uitgeverij opricht om graphic novels uit te geven, heb je lef. Scratch Books gaat zich richten op het uitgeven van kwalitatief hoogwaardige en goed verzorgde boeken. Daar is in Nederland en België grote behoefte aan, aldus Wiebe Mokken, oprichter en directeur van Scratch. Mokken tegenwoordig CEO van MMIT, een bedrijf dat actief is datamanagement, had vroeger een stripwinkel aan de Zeedijk. Tekenaar Joost Swarte is bij de uitgeverij betrokken als adviseur. Vandaag kreeg ik een video toegestuurd waarin de heren Joustra, Swarte en Mokken het een en ander toelichten.

Veel van de auteurs van Scratch zijn afkomstig uit het fonds van Oog & Blik/De Bezige Bij, waar Joustra tot voor kort werkzaam was. Scratch hoopt binnenkort meerdere auteurs aan te trekken.

Nu vind ik het maken van mooie strips een nobel streven, en gun ik deze nieuwe uitgeverij alle succes, maar volgens mij is een van de reden dat er van veel graphic novels weinig exemplaren worden verkocht juist het probleem dat er een flink prijskaartje aan hangt. Als je je toch al door de crisis aangetaste salaris gaat uitgeven, wil je dan op de gok een graphic novel kopen van pakweg dertig of veertig euro? Nu weet ik natuurlijk niet of de boeken van Scratch zo veel gaan kosten maar dat is toch wel weer veel hardcover stripromans nu voor in de winkel liggen.

Verder ben ik het met Swarte eens dat er goed gekeken moet worden of Nederlandse strips ook in het buitenland kunnen worden uitgegeven. Stripmakers als Erik Kriek en Marcel Ruijters doen het bijvoobeeld goed in het buitenland en richten zich vooral op die markt. Bart Nijstads graphic novel Muggen vond eerst een uitgever in Polen. De Nederlandse versie van zijn boek verschijnt dit weekend bij Uitgeverij Xtra. Wordt de Nederlandse markt secundair? Het zou goed kunnen dat Nederlandse stripmakers zich in de toekomst eerst bekommeren om een Engelstalige editie van hun boek en dat de Nederlandstalige editie, als die er dan al komt, bijzaak wordt.

Maar goed, we gaan het zien. Scratch verwacht de eerste titels in oktober uit te brengen. Het eerste album wordt De piraat en de apotheker van de Duitse tekenaar/ontwerper Henning Wagenbreth.

Minneboo leest: Blast 4

Tuesday, May 27th, 2014

Nu maar hopen dat de boeddhisten zich vergissen heet het vierde deel van de serie Blast. Er zijn niet veel strips waar ik zo halsreikend naar uit heb gekeken als dit laatste deel van Manu Larcenets fantastische serie.

Blast draait om Polza, een kolossale man die een heftig visioen krijgt na de dood van zijn vader. Polza noemt dit visioen de blast en besluit zich hierna terug te trekken uit het dagelijks leven en te zwerven, op zoek naar een nieuwe blast. Dan wordt hij opgepakt en verhoord door de politie op verdenking van moord.

Het eerste plaatje van Polza uit Blast 4.

Het eerste plaatje van Polza uit Blast 4.

Larcenet toont zich in dit verhaal een waar stripmeester en eerder schreef ik dan ook uitgebreid over de eerdere delen die ieder zo’n 200 pagina’s dik zijn. De reeks wordt prachtig uitgegeven door Oog & Blik, al is het wel spijtig dat men aan het begin van een nieuw deel niet even een kort resumé geeft van het voorafgaande. Aangezien er maar eens per jaar een deel uitkomt, is zo’n geheugenopfrisser geen overbodige luxe.

Sinds vorige week ligt Blast 4 in de winkel en ik keek er halsreikend naar uit. Mijn postvak bleef echter leeg vorige week. Zaterdagochtend belde de postbode aan om te vertellen dat hij per ongeluk post van de buren in de brievenbus van het onderste huis in het pand had gestopt. Aangezien dat huis op dit moment onbewoond is, vroeg hij of ik wist hoe we binnen konden komen om de post terug te halen. Uiteraard had ik daar geen sleutel van. Aangezien het huis al maanden leeg staat achtte ik de kans dat er binnen afzienbare tijd iemand de deur open zou doen, ook niet waarschijnlijk.

Nieuwsgierig ging ik naar beneden om door het glas van de deur te kijken. Er lag inderdaad een dikke bruine envelop tussen de reclamefolders, maar deze lag met de achterkant naar me toe, dus geen idee voor wie hij was. Wel was het pakketje even groot als een exemplaar van Blast dus begon ik te vermoeden dat het door mij zo verlangde boek buiten mijn bereik op de mat lag. Zeker weten deed ik het niet, maar het zou me niets verbazen als dat kleine stemmetje in mijn hoofd gelijk had. Just my luck.

Maandag hebben we meteen gebeld met de huisbaas om een sleutel te regelen maar die kon een reservesleutel niet zo snel overleggen. Vandaag belde de huisbaas terug dat hij de sleutel had gegeven aan het bedrijf dat de badkamer zou maken in het huis. Vanmorgen hoorden we het typische geluid van een boormachine. Nieuwsgierig ging ik naar beneden en ja hoor: er was iemand aan het werk in het lege huis. De voordeur stond open dus nu kon ik eindelijk de post checken en bij de buren afleveren. Bleek het pakketje toch voor mij te zijn én de nieuwe Blast te bevatten. Nu kan ik eindelijk lezen of Polza die moord heeft gepleegd en hoe het verhaal afloopt. Mijn telefoon staat uit vanavond.

BLAST4_polzaMocht je nog nooit een deel van Blast hebben gelezen dan raad ik je van harte aan vandaag nog aan het eerste deel te beginnen. Maar koop meteen de andere drie boeken erbij, want je zult het verhaal in een ruk uit willen lezen. En nu het compleet is, kan dat ook uiteindelijk.

Daarom Minneboo leest:
Maandelijks krijg ik van veel uitgeverijen stapels strips toegestuurd. Daar zit veel moois tussen, maar niet alles is geschikt voor de bladen en opdrachtgevers waar ik voor schrijf. Toch wil ik deze uitgaven onder de aandacht brengen. Daarom heb ik de rubriek Minneboo leest in het leven geroepen, om te laten zien hoe rijk en divers het medium strip kan zijn. De artikelen in deze rubriek zijn geen recensies (die teksten staan gepubliceerd in de bijhorende rubriek), maar kunnen thematisch zijn, een tekenstijl belichten of simpelweg een nieuwe uitgave kort aanstippen.

Een echte Trondheim

Sunday, April 27th, 2014

Zelden vraag ik een stripmaker bij signeersessies aan een tekening te maken, ze hebben immers al een heel album mooi tekenwerk afgeleverd, maar afgelopen donderdag was de sfeer in Lambiek heel fijn dus vroeg ik net als de andere fans een krabbel aan Lewis Trondheim.

trondheim

Lewis Trondheim. Foto: Michael Minneboo

Lewis Trondheim. Foto: Michael Minneboo

De voorgaande vijf kwartier had de Franse stripmaker zitten tekenen voor een geïnteresseerd publiek van stripmakers en -liefhebbers. Achter hem werden zijn handelingen op papier geprojecteerd, zodat iedereen goed kon zien hoe hij een pagina van zijn autobiografische strip maakte. Tijdens het tekenen stelden mensen vragen. Gert Jan Pos vertaalde Trondheims antwoorden in het Nederlands. Ik heb die middag wel video-opnamen gemaakt maar moet nog even zien wat ik daar precies mee ga doen.

Trondheim zette bovenstaande tekening, die ik prachtig vind in z’n nerdiness, in mijn exemplaar van De vloek van de paraplu een bundeling van zijn autobiografische strips in 2008 verschenen bij Oog & Blik. Toevallig is dat boekje ook vertaald door Gert Jan Pos.

Autobiografie
Ik hou van Trondheims dagelijkse niemendalletjes en bezigheden. Het leven van de meeste mensen bestaat immers uit kleine gebeurtenissen en niet uit grootse avonturen. En toch: juist omdat Trondheim van dat soort kleinigheden leuke stripjes maakt, wordt het kleine en dagelijkse meer bijzonder.

Minneboo leest: De grap is rond

Saturday, April 12th, 2014

Met de cartoonbundel De grap is rond gaan De Jager en De Wit zeker scoren.

voetbal_de_wit vrouwenvoetbal_de_jagerHet is weer voetbaltijd, want het WK (geloof ik) staat voor de deur. Ach, in Nederland is het altijd voetbaltijd. Je hoort het al: ik heb niet veel met de ballensport die een groot deel van de bewoners van dit kikkerlandje in zijn ban heeft. Ik gun ieder z’n lolletje en de kans om de stad af te breken, wat erbij schijnt te horen als je supporter bent, maar kijk niet uit naar de aankomende storm van oranje merchandise en het niet meer kunnen eten in een restaurant zonder dat er een televisiestoestel met een voetbalwedstrijd in je oor zit te tetteren.

Toch kan ik lachen om de voetbalcartoons uit De grap is rond. Een bundel waar Gerrit de Jager en Peter de Wit hun beste cartoons voor Hard Gras hebben samengebracht. Cartoons over voetbalvrouwen, zaakwaarnemers, bankzitters, trainers, vedetten en pupillen met bemoeizuchtige ouders. En als vanzelfsprekend komt ook de WK-koorts rijkelijk aan bod. Al vijftien jaar maken ze voetbalcartoons voor het literaire tijdschrift dus er viel veel te kiezen.

Als het om humorstrips gaat, spelen De Jager & De Wit al jaren in de eredivisie van humorstrips. Met deze bundel, die voor slechts 5,95 te koop is, gaan ze daarom vast flink scoren.

De Jager lichtte recent in het radioprogramma De Taalstaat van Frits Spits de bundel toe.

De Jager & De Wit. De grap is rond.
Oog & Blik/De Bezige Bij, € 5,95.

Daarom Minneboo leest:
Maandelijks krijg ik van veel uitgeverijen stapels strips toegestuurd. Daar zit veel moois tussen, maar niet alles is geschikt voor de bladen en opdrachtgevers waar ik voor schrijf. Toch wil ik deze uitgaven onder de aandacht brengen. Daarom heb ik de rubriek Minneboo leest in het leven geroepen, om te laten zien hoe rijk en divers het medium strip kan zijn. De artikelen in deze rubriek zijn geen recensies (die teksten staan gepubliceerd in de bijhorende rubriek), maar kunnen thematisch zijn, een tekenstijl belichten of simpelweg een nieuwe uitgave kort aanstippen.

Uitslag Stripschapprijzen 2013

Monday, March 10th, 2014

Zaterdag 8 maart werden de jaarlijkse Stripschapprijzen, ook wel bekend als Stripschappeningen, uitgereikt tijdens de Stripdagen in Gorinchem. Traditiegetrouw laat een persbericht hierover op zich wachten, al kan het natuurlijk ook zijn dat het Stripschap mij niet op de maillijst heeft staan. In ieder geval staat er nog niets op de site van de organisatie. Gelukkig was juryvoorzitter Ger Apeldoorn zo sympathiek om de uitreikingsteksten en uitslag naar me te mailen.

Bij deze de tekst en de uitslag.

De categorie Nederlands Jeugd

Pim-Pam-PluisAlle strips die genomineerd zijn in de categorie Jeugd werden voorgepubliceerd in een tijdschrift. En dat is goed. Als de strip zijn populariteit wil houden bij nieuwe generaties, dan is het belangrijk dat er leuke, verrassende en spanende strips worden gemaakt voor beginnende lezers. En dat die gepubliceerd worden. En dat er uitgevers zijn die ze daarna willen bundelen. Kito en Boris van Aimée de Jongh werd oorspronkelijk gemaakt voor het tijdschrift Knuffel en daarna door Uitgeverij De Eenhoorn in boekvorm voortgezet. Pim, Pam en Pluis van Gerard Leever werd gemaakt voor Roetsj van Uitgeverij Zwijssen en uitgegeven door Strip2000. En Ivo en de Vikingszoon werd voorgepubliceerd in de jeugdkrant BimBam van het Reformatorisch Dagblad en daarna uitgebracht door de Christelijke Uitgeverijen.

Drie albums die je zonder probleem aan een kind kunt geven. Maar één van de drie springt eruit, doordat het niet alleen een leuke strip is maar ook nog tekenlessen bevat waardoor de lezer zijn eigen creativiteit eraan toe kan voegen.

Daarom is de Penning voor het beste Jeugdalbum 2014 voor een stripmaker die hier al vaker heeft gestaan en zijn album voor de allerjongsten: Gerard Leever en Pim, Pam en Pluis.


De categorie Nederlands avontuur en vermaak:

rhondaIn de categorie Entertainment honoreert het Stripschap albums waarmee je lekker in een hoekje kunt kruipen of waar de lezer smakelijk om kan lachen. Daar maken we er veel van in Nederland, maar drie sprongen er dit jaar uit. Rick Turpin van Yvan Claes en Daniël van den Broek is een vrolijk getekende avonturenstrip over een licht gestoorde Engelse aristocraat die verzeild raakt in de Caraïben. Het soort strip waarvan je zou willen dat er veel meer gemaakt werden, maar het is zoveel werk en ook helemaal niet makkelijk. Amoras 1 en 2 van Marc Legendre en Charel Cambré een eigentijdse herschepping van een klassiek stripduo. Eigentijds in elkaar gestoken, maar vooral ook boeiend verteld. Help Me, Rhonda van Hans van Oudenaarden op basis van een gegeven dat hij samen met Hanco Kolk ontwikkelde is een flitsende actiestrip, die op zij eigen manier het genre opnieuw uitvindt.

Maar de winnaar van de Penning voor het Beste Album uit de categorie Entertainment is er eentje die de commissie bij de lurven greep en niet meer los liet… Help Me, Rhonda van Hans van Oudenaarden.
De categorie Nederlands Literair:

Typex_Rembrandt-coverJe zou denken dat de Penning voor het beste boek in de categorie Literatuur dit jaar wel naar Rembrandt zou moeten gaan van stripmaker Typex. Zo’n groot boek, zo meespelend verteld, zo eigenzinnig, zo persoonlijk, zo… belangrijk voor het imago van de strip in de media. Daar kun je eigenlijk niet omheen. Maar er zijn meer mooie albums gemaakt dit jaar. Met Elsie en Mairi laat Ivan Petrus Adriaanse zien hoe je een historische strip moet maken zonder de menselijke maat uit het oog te verliezen. En Verdwaald van Shamisa Debroey is even meeslepend als poëtisch. Door alles wat het niet vertelt, vertelt Verdwaald misschien wel meer dan heel veel andere boeken. (pauze) Maar wie houden we voor de mal. Rembrandt is het boek van dit jaar en de Literatuur Penning voor 2014 gaat naar die grote, wilde, creatieve en uiteindelijk toch sympathieke beer… Typex, de man achter Rembrandt.

Categorie productie:

De productieprijs is in het leven geroepen omdat het Stripschap al die mensen wil eren die achter de schermen hun eigen bijdrage aan de boeken geven. Dit jaar heeft de commissie drie uitgeverijen genomineerd, die over de hele linie goed hebben gepresenteerd. De nieuwe heruitgave van Roodbaard is slechts één van veel prachtige boeken waar Uitgeverij Sherpa dit jaar (en de jaren daarvoor) hebben uitgebracht. Strip2000 valt al een paar jaar op door een consequente stijl, die met de jaren alleen maar meer tot zijn recht komt. Een simpele beslissing om iedere auteur zijn eigen kleur rug te geven, is uitgegroeid tot een handvat voor het auteursgerichte uitgavenbeleid. En de manier waarop nieuwkomer Lion zijn goed gekozen en perfect vertaalde comicalbums uitgeeft, is beter dan ze in Amerika doen. Maar de winnaar is een uitgeverij die al 25 lang garant staat voor kwaliteit en toeweiding.

Eén van de meest unanieme beslissingen die de comissie ooit genomen heeft. Kom naar het podium en haal je penning op, Matt Schifferstein en Peter Kuipers van Uitgeverij Sherpa.


Categorie buitenlands:

michel_coverIn de categorie Buitenlands heeft de comissie twee albums genomineerd van uitgeverij Blloan en eentje van Oog & Blik. Dat had ook andersom kunnen zijn, want beide uitgeverijen zijn grote spelers geworden op het gebied van de goed vertaalde en uitgegeven betere buitenlandse strip. Het is te hopen dat ze daar allebei nog lang mee door kunnen gaan, want uitgevers met visie kan de stripwereld goed gebruiken. Met Blast #3 van Larcenet honoreert de commissie alle delen van deze dwarse en zwartgallige reeks, waarmee de tekenaar laat zien dat de grootste galbakken nog altijd uit Frankrijk komen. Abeltje van Dillies en Hautière is lichter, of althans qua tekenstijl. Maar ook deze dierenstrip voor volwassenen heeft een prettig melancholieke toon.

Maar de penning voor het beste album in de categorie Buitenlands gaat voor deze commissie naar een meeslepend, menselijk en integer verteld verhaal over een moeder en haar geestelijk beperkte zoon. Een losse flodder, maar een boek wat je bij blijft, want dat kunnen strips ook zijn. Een strip waarmee je thuis kunt komen, Michel van Zidrou en Roger.

 

Alle stripmakers en uitgevers natuurlijk van harte gefeliciteerd!

Een extra penning was dit jaar voor het Meermanno Museum in Den Haag dat sinds enige tijd heel erg zijn best doet om als het Stripmuseum van Nederland gezien te worden.

Interview Fred de Heij
Rob van Bavel kreeg de Frankfurtherprijs
, Frits van der Heide de Bulletje en Boonestaak Schaal en Fred de Heij kreeg natuurlijk de Stripschapprijs voor zijn gehele oeuvre, maar daarover is al eerder bericht. Journalist Floortje Smit van het VPRO radioprogramma Nooit meer slapen interviewde De Heij recent over het winnen van de prijs:

De commissie van de Stripschapprijzen bestond dit jaar uit: Paul Teng, winnaar van vorig jaar, stripwinkelier Klaas Knol, Rudi de Vries, wetenschapper en publicist, recensent Teunis Bunt en Daan van den Bos, lid van het Stripschap. Mocht je het niet met de uitslag eens zijn dan mag je bij deze heren gaan klagen.