Posts Tagged ‘Aart Taminiau’

Interview Frits Jonker: Handlettertype

Wednesday, January 11th, 2017

handlettertype-intro

Frits Jonker geportretteerd door Fred de Heij.

Frits Jonker geportretteerd door Fred de Heij.

‘Letteren komt hier op neer: je moet binnen meestal heel korte tijd met weinig materiaal voor weinig geld zo netjes mogelijk een boek naar de drukker brengen. Het is geen kunst, het is een ambacht,’ aldus Frits Jonker (1959), handletteraar van beeldverhalen. Van 1978 tot 2000 was Jonker hier fulltime mee bezig. ‘In de hoogtijdagen van de strip werden veel Franse albums meteen in het Nederlands uitgegeven dus driekwart van wat ik deed waren vertalingen. Ik deed bijna alle series wel, behalve Lucky Luke en Asterix.’

Ook al lettert hij nu nog iedere aflevering van strips als Claire en Willems Wereld, graphic novels zoals De Aanslag van Milan Hulsing en In the Pines van Erik Kriek, tegenwoordig verdient Jonker zijn brood als huisschilder, want het merendeel van de strips wordt digitaal geletterd. Toen in 2000 bleek dat de mensen die Jonkers werk digitaliseerden drie keer zoveel per pagina betaald kregen dan hij, legde hij zijn pen neer.

Lastige ballons
‘Tegenwoordig word ik vaak niet meer gevraagd om hele albums te letteren, maar vooral voor de lastige ballons met vette uitroepingen en onomatopeeën, de geluidseffecten. Ook schrijf ik tekst die in de tekeningen staat en die vertaald is, zoals opschriften van winkels, artikelen en krantenkoppen of naambordjes.

Wol van Aart Taminiau (De Bezige Bij, 2016)

Wol van Aart Taminiau (De Bezige Bij, 2016)

Het beeldverhaal Wol van Aart Taminiau letterde Jonker wel van kaft tot kaft. ‘Dat was leuk omdat ik betrokken werd bij het letterproces voordat het boek af was. De tekst was er nog niet helemaal en Aart moest zelfs nog een deel tekenen. Omdat hij geen idee had hoe hij het boek geletterd wilde hebben, heb ik op basis van een paar pagina’s – waar de minst en de meeste ruimte was voor de lettering – zitten puzzelen om te zien wat het mooiste zou passen. Je kunt namelijk niet zomaar een mooie lettering bedenken, want dan blijkt deze opeens op pagina dertien niet meer te passen qua ruimte. Als je eenmaal iets gekozen hebt, kun je altijd wel een beetje smokkelen door af en toe de letters bijvoorbeeld 20 procent kleiner te maken. Dat zie je net niet, je leest die boeken immers niet met een loep.’

Wat beschouwt Jonker als een goed geletterde strip? ‘Ik ben snel tevreden. Als het met liefde en aandacht gedaan is, dan mag het van mij aan alle kanten rammelen. Ik hou meer van charme dan van perfectie. Perfectie is altijd doods. Al is letteren met de computer lekker snel en makkelijk, handlettering vind ik altijd mooier. Machines zijn zielloos.’

In the Pines van Erik Kriek. (Scratch Books, 2016). De lettering staat perfect in het midden.

In the Pines van Erik Kriek. (Scratch Books, 2016). De lettering staat perfect in het midden.

Regels
Volgens Jonker zijn er een paar belangrijke regels voor goede lettering. Zo moet er altijd voldoende lucht zitten tussen de tekst en de rand van de ballon. Ook moet de tekst goed gecentreerd zijn. ‘Als dat niet het geval is, zie je dat meteen! De spatiering tussen de letters moet regelmatig zijn en de interlinie mooi. Het is heel belangrijk dat je een letterdikte kiest die je als harmonisch ervaart. Als je te dun of te dik schrijft, valt dat al op voordat je gaat lezen. Als je dat goed kiest, maakt het handschrift niet veel uit.’

In de Verenigde Staten bepalen letteraars vaak de positie en de vorm van de tekstballons voordat de tekeningen worden geïnkt. Zij kunnen zo een totaalbeeld creëren waarin de tekst een organisch geheel vormt met de tekeningen. ‘Het lettertype dat ze in Amerikaanse comics gebruiken is ideaal: goed leesbaar en snel te schrijven. Die letters zijn altijd een beetje vierkant, zodat ze evenveel ruimte innemen. Hierdoor is er een perfecte balans tussen het wit en het zwart.’

lettering-frits-jonker

Twee Pistolen Kid
Jonkers liefde voor de strip en letteren begon op jonge leeftijd. ‘Thuis hadden we Donald Duck en veel stripachtige reclameboekjes want mijn vader werkte bij een kruideniersbedrijf. Toen ik jaar of acht was ging ik met mijn moeder mee naar de oogarts. In het Amstelstation stond zo’n tijdschriftenmolen vol met comics en ik mocht toen een strip kopen. Ik koos voor de Twee Pistolen Kid. Er ging voor mij een wereld open, die strip leek echt uit een andere dimensie te komen. Er was een leven voordat ik ontdekte dat dit bestond en een leven erna.’

Eigenlijk wilde Jonker daarna striptekenaar worden en als tiener stuurde hij zijn werk naar amateurbladen. Har van Fulpen, de man achter uitgeverij Drukwerk, stuurde hem een briefje dat hij het tekenwerk niet interessant vond, maar bood Frits wel een baan aan als letteraar. ‘Ik letterde een boek voor hem en besefte toen dat ik letteren honderd keer leuker vond dan tekenen.’

De eerste keer van Dave Guedin. (Xtra, 2016)

De eerste keer van Dave Guedin. (Xtra, 2016)

Ontzettend puzzelen
‘Wat ik zo tof vind aan letteren? Ten eerste vind ik het gewoon heel erg leuk om een pen in mijn handen te hebben. Ten tweede hield ik ontzettend van strips. Eigenlijk was ik de meest intensieve striplezer van Nederland, want ik las een album wel twintig keer als ik die letterde. Ook vind het heel prettig om monomaan werk te doen. Dat heb ik nu ook met huizen schilderen. Als ik dertig deuren moet schilderen, denk ik bij de laatste nog “En nu ga ik het heel mooi doen!” Bij letteren had ik vaak dat ik de foutjes uit het vorige boek niet meer wilde maken bij het nieuwe. Maar goed, dan loop je weer tegen andere problemen aan.

Bij letteren is het grootste probleem dat de tekst vaak niet in de ballons past, omdat je in het Nederlands vaak meer woorden nodig hebt om hetzelfde te zeggen dan in het Engels. Daarom zijn vertalingen vaak te lang. Het is ontzettend puzzelen om al die woorden er mooi in te krijgen, want ballons zijn zelden mooi rond. Ik wil ook zo min mogelijk woorden afbreken.’

celine-verdomd

Céline en de kolonie van collaborateurs van Christophe Malavoy e.a. (Xtra, 2016)

Jonker houdt wel van een uitdaging: ‘Bij een strip waren per ongeluk vier ballons niet geletterd. Ik heb toen twee dagen lang die ballons rechtstreeks in alle vijfhonderd albums zitten letteren. Dat soort dingen vond ik erg leuk om te doen. Ook heb ik voor Casterman een Kuifje-album in het Russisch geletterd, maar ik had dus geen idee wat daar stond of welke letters het waren. Dan zie je meteen hoe ambachtelijk het werk is: in een paar dagen kun je jezelf een aantal symbooltjes of lettertjes aanleren en die schrijf je gewoon.’

Lelijk
‘Ik vind het moeilijk als ik bewust lelijk moet letteren, zoals Kunnen we het niet over iets leukers hebben van Roz Chast. Chasts handschrift was heel slordig en mijn lettering werd in eerste instantie afgekeurd omdat die toch iets te netjes was. Uiteindelijk kreeg ik hem slordig genoeg. Dat doet me dan pijn in het hart, want je maakt dan 228 pagina’s met schots en scheve letters. En ik moest oppassen dat ik niet halverwege te netjes ging werken.’

Kunnen we het niet over iets leukers hebben van Roz Chast. (De Bezige Bij, 2015). Hiervoor moest Frits bewust lelijk letteren.

Kunnen we het niet over iets leukers hebben van Roz Chast. (De Bezige Bij, 2015). Hiervoor moest Frits bewust lelijk letteren.

Trend
Tegenwoordig lijkt letteren met de hand een trend te zijn. Er zijn verschillende boeken uitgekomen waarin dit ambacht geleerd wordt. Jonker: ‘Er zijn meerdere dingen die dit verklaren, denk ik. Er is een enorme belangstelling voor wat vintage genoemd wordt, dus alles wat een beetje ruikt naar oud en ambachtelijkheid. We zitten in een tijd waarin mensen het ambachtelijke missen. Jonge mensen zitten bijna alleen maar achter een computer en houden nooit meer een pen vast terwijl de mens toch een behoefte heeft aan fysieke bezigheden als schrijven.’

showcaseBlogger
Behalve letteraar en huisschilder is Jonker ook verzamelaar, graficus, auteur en publicist van zines. Ook houdt hij al tien jaar een zeer inspirerend blog bij genaamd ShowCase. Frits toont daarop zijn grafische werk en schrijft onder andere over zijn verzamelingen. Jonker: ‘Ik verzamel dingen die mensen eigenlijk niet beschouwen als verzamelwaardig. Een verzameling is pas interessant als je er iets mee doet en anderen duidelijk maakt waarom je die zo mooi vindt, bijvoorbeeld door er over te bloggen.’ In 2005 begon Frits met het schrijven van de papieren versie van zijn blog: strookjes handgeletterd papier die hij rondstuurde naar vrienden en kennissen. Deze strookjes werden in 2012 verzameld in het boek ShowCase dat door uitgeverij Xtra is uitgebracht.

Eindelijk erkenning

Op 5 maart krijgt Jonker op de Stripdagen in Rijswijk de P. Hans Frankfurtherprijs voor bijzondere verdiensten. Eindelijk erkenning dus voor het handletteren. ‘Vroeger interesseerde het niemand wie er letterde, mijn naam werd meestal niet eens in het album vermeld. Nu krijg ik heel veel respect voor het feit dat ik zoveel gedaan heb. Ik heb nog nooit zo hard nagedacht en geschreven over lettering sinds ik het niet meer regulier doe. Vroeger had ik daar de tijd niet voor.’

Alle handlettering: Frits Jonker.

Dit interview is gepubliceerd in VPRO Gids #2 (2017).

Striprecensie: De kraker, de agent, de jurist en de stad

Sunday, May 11th, 2014

De kraker, de agent, de jurist en de stad is een must-read voor iedereen die geïnteresseerd is in de recente Nederlandse kraakgeschiedenis.

kraker_agent_jurist_stad_coverIn 2010 werd de Wet kraken en leegstand van kracht, waarmee kraken strafbaar werd gesteld. Een ongelukkige wet natuurlijk als je je bedenkt hoeveel panden er in Nederland leegstaan terwijl er krapte op de woningmarkt is. Drie journalisten – Moira van Dijk, Jasmijn Snoijink en Marieke Aafjes – onderzoeken in dit boek de impact van deze nieuwe wet op de betrokken partijen: (oud)-krakers, openbaar aanklagers, advocaten, burgemeesters, buurtregisseurs, politieagenten en huiseigenaren. De interviews, het veldwerk en verder onderzoek resulteerde in een omvangrijk boek waarin de drie hoofdgroepen, namelijk de krakers, de agenten en de juristen ieder getekend worden door een andere tekenaar: Maia Matches, Aart Taminiau en Sjoerd Kaandorp.

Dat leverde in het begin wat weerstand bij deze lezer op, want door de verschillende tekenstijlen die elkaar opvolgden werd ik uit het verhaal geslingerd. Iedere tekenaar heeft immers zijn eigen stijl en de ene is een betere storyteller dan de andere. Gaandeweg kon ik deze vertelwijze wel waarderen en levert deze methode op visueel vlak een extra laag op. Een ander voordeel van de stripvorm is dat het de makers aanzienlijke vrijheid gaf: sommige bronnen wilden niet herkenbaar in beeld gebracht worden en hun uiterlijk kon door de tekenaar makkelijk worden aangepast. Ook worden sommige bronnen in een samengesteld personage opgevoerd.

Dat de gebeurtenissen vanuit verschillende invalshoeken worden belicht, geeft het verhaal een meerwaarde en versterkt de journalistieke uitgangspunten van deze strip. Als lezer krijg je gaandeweg begrip voor de verschillende partijen en hoe ze in dit soort zaken staan, al moet ik zeggen dat ik van nature altijd meer sympathie voel voor de burgers dan voor de overheid.

De afwisseling in stijl en vertelperspectief nemen niet weg dat het verhaal op sommige punten toch wat droog is, vooral als juridische procedures worden uitgelegd, maar ik denk dat mensen die geïnteresseerd zijn in de huidige krakerswereld en wil weten wat voor nare effecten de huidige kraakwet op het leven van gewone burgers heeft, zich daar wel doorheen slaan.

Politiegeweld
Het blijft altijd naar om te lezen dat de politie bij ontruimingen onnodig geweld gebruikt: er wordt in het boek bijvoorbeeld melding gemaakt van hoe een vrouw, waarvan de politie weet dat ze zwanger is, toch een stomp in haar buik krijgt. Ook misbruikt de sterke arm de wet ook, zoals blijkt uit de ontruiming van Schijnheilig te Amsterdam. Omdat veel krakers weigeren bij arrestaties hun identiteit prijs te geven, werden ze gearresteerd onder de noemer van het vreemdelingenrecht. Dat was eigenlijk een illegale handeling, want je mag iemand alleen maar daaronder vasthouden als je vermoed dat iemand illegaal in het land verblijft, terwijl het duidelijk was dat de meeste krakers gewoon de Nederlandse nationaliteit hadden. Kijk, zo leer je nog eens wat van het lezen van een strip.

Trailer
Voor het boek is deze weinig effectieve trailer gemaakt. Weinig effectief omdat je na het zien van de video niet veel wijzer bent waar het boek over gaat. Omdat de video wel een aardig beeld geeft van de verschillende tekenstijlen, embed ik hem toch:

Diverse auteurs. De kraker, de agent, de jurist en de stad.
Uitgeverij Oog & Blik/ De Bezige Bij. €24,90
ISBN: 978 90 549 2421 0

Amsterdam West in het teken van de strip

Sunday, January 26th, 2014

Stadsdeel Amsterdam-West is drie maanden lang de gastheer van meer dan 35 gerenommeerde Amsterdamse tekenaars. In de maanden februari, maart en april staat het stadsdeel in het teken van de strip en strips in het teken van het stadseel. Op straat, in winkels en in diverse cafés, zal het beeldverhaal zichtbaar zijn. Ook is er een gratis stripkrant met verhalen uit de buurt: Wat Wil West geheten.

Poster getekend door Jan Cleijne

Poster getekend door Jan Cleijne

Centraal in de activiteiten staan drie pijlers: de artistieke waarde van strips, de verhalen van Oud-West, en de betekenis van stadsdeel West als creatief hart. De titel van het project is Zichtbare Lijnen en het doel is om het publiek bewust te maken van de vele mogelijkheden die de negende kunst te bieden heeft.

Stripkrant
Zichtbare Lijnen gaat van start met de feestelijke lancering van de gratis stripkrant Wat Wil West in OT301. Wat Wil West is de opvolger van de stripkrant Orient X Press, die in 2012 stadsdeel Amsterdam-Oost in kaart bracht. Wat Wil West biedt de lezer een blik in de verhalen van de buurt. Van de bitterzoete herinneringen van bejaarde bewoners, de ervaringen van de stadsboeren in de buurtbak, tot aan de interactieve uitklapposter voor jeugdige lezers.

De krant is bovendien geheel als beeldverhaal vormgegeven, zelfs de advertenties zijn strips. Vanaf 5 februari zal de krant in een oplage van 20.000 verspreid worden door Amsterdam West waarbij de postcodes 1053 en 1054 een exemplaar in de brievenbus zullen ontvangen. Daarnaast is Wat Wil West natuurlijk ook ook verkrijgbaar in de betere stripwinkels van groot Amsterdam. Op vrijdag 31 januari wordt de krant gepresenteerd vanaf 21.00 uur en zal worden opgeluisterd door diverse live-acts en dj’s, waaronder de stripmakersbands Blackbird & Thrushes en Onder Kelvin.

Hier alvast wat voorproefjes uit de stripkrant die ik erg mooi vind:

Door Ruben Steeman. Klik op het plaatje voor grotere versie. (Of hoeven we dat tegenwoordig niet meer te melden en spreekt dat voor zich?)

Door Ruben Steeman. Klik op het plaatje voor grotere versie. (Of hoeven we dat tegenwoordig niet meer te melden en spreekt dat voor zich?)

Plaatje uit de strip van Wasco.

Plaatje uit de strip van Wasco.

Zichtbare lijnen
Het stripfestival bestaat uit veel activiteiten, voor een goed overzicht daarvan verwijs ik je graag naar de Facebookpagina. Hier alvast een kleine greep. Op 31 januari zal in restaurant de Peper in de OT301 een expositie openen van tekenaars Merel Barends en Suus van den Akker. Deze expositie is te zien tot en met 1 maart.

In de publieke ruimte zijn onder meer de pilaren van het overdekte deel van de Kinkerstraat voor strips gereserveerd. Over de gehele periode dat het festival duurt worden telkens nieuwe pilaren van enorme striptekeningen voorzien. Op 8 februari worden tussen 13:00 uur en 14:30 uur de ramen van de HEMA op de hoek van de Kinkerstraat en de J.P. Heijestraat door 16 tekenaars vol getekend. Op 13 februari gaat vervolgens het Bellamy etalageproject van start: een wandeling met gids langs verschillende etalages in de buurt waarin de tekenaars van Go West de beelden en verhalen die zij in de krant gepubliceerd hebben exposeren, aangevuld met nieuwe verhalen over opgroeien in Oud-West. De wandeling wordt afgesloten in de bibliotheek met livemuziek en informatie over striptekenen en is voor iedereen toegankelijk, al wordt aanmelding van tevoren via kin@oba.nl wel aanbevolen.

Eveneens interessant is de tentoonstelling met werk van Go West-tekenaars in stripwinkel Het Beeldverhaal op de Bilderdijkstraat vanaf 28 februari. Maar er zijn ook individuele exposities van de tekenaars te zien, zoals onder anderen Remco Polman (Floris en Dirkjan) in café Bax, forumcartoonspecialist Bas Köhler in het WG Café, en Jan Cleijne (Helden van de Tour) in café Du Cap.

Meewerkende tekenaars
In alfabetische volgorde: Aart Taminiau, Aloys Oosterwijk (Willems Wereld), Arie Plas, Bas Köhler, Ben Westervoorde, Bjorn, Christina Garcia Martin, Farida Laan, Femke van Heerinkhuizen, Fleur Post, Floor de Goede (Flo), Jan Cleijne, Julie Rosebud, Lotte Klaver, Maaike Hartjes, Maarten Schuurman, Maia Matches, Mass Hab, Marjolein Verbruggen, Mat Vaassen, Merel Barends, Michiel Wijdeveld, Pepijn Schermer, Peter Pontiac, Rey Roman, Remco Polman, René Windig (Heinz), Rogier Klop, Ruben Steeman (Elke dag rust), Rudi Jonkers, Suus van den Akker, Thijs Vissia, Tjeerd Royaards (Cartoonmovement), Typex, Wasco, Willem Vleeschouwer en Yvo Spry.

Zichtbare Lijnen en de stripkrant zijn mede mogelijk gemaakt door Gemeente Amsterdam Stadsdeel West, Amsterdams Fonds voor de Kunst, de meewerkende tekenaars, buurt- en regiegelden, WOOW, diverse instellingen en bedrijven. Het geheel is een initiatief van Maia Machèn en Stijn Schenk.

Cartoons tegen de plofkip

Wednesday, March 6th, 2013

Maar liefst 47 cartoonisten voeren actie tegen de plofkip. Dit doen ze in opdracht van stichting Wakker Dier. De cartoonisten vragen met scherpe en grappige cartoons aandacht voor de welzijnsproblemen van de plofkip, bijvoorbeeld voor het hoge antibioticagebruik, het hoge percentage kreupele dieren, het gebrek aan leefruimte en de pijnlijke voetzweren.

Dat meldt Wakker Dier. Onder andere Jean-Marc van Tol, Michiel van de Pol, Herman Roozen, Hans Ckoe, Willem Ritstier en Albo Helm doen aan de actie mee.

Cartoonist Steven Degryse (Lectrr): “Ik hoop dat deze actie iedereen die kip eet doet nadenken: wat is dit dier aangedaan in mijn naam, zodat ik ietsje goedkoper kan eten? Ik denk dat hen de eetlust snel vergaat.”

Cartoonist Aart Taminiau: “De gemiddelde Nederlander heeft geen weet van de plofkip, omdat hij bij het kopen alleen geconfronteerd wordt met reclame, waar mooie gezonde kippen vrij door de weide lopen. Terwijl ze in realiteit het vlees van een ongezond en ongelukkig dier eten.”

plofkipCartoon: Dio van der Veen.

Ik ben zelf geen fan van de plofkip en maak me zorgen over de grote hoeveelheden antibiotica die deze beesten krijgen en die wij dus ook tot ons nemen als we op zo’n kippetje kauwen. Ik vind het daarom sympathiek dat de stripmakers hun talent inzetten om dit fenomeen nog eens onder de aandacht te brengen. Toch denk ik ook dat zolang de economische crisis de portemonnee van de consument dun houdt, en biologisch vlees naar verhouding veel meer kost dan een plofkip, men niet snel zal overschakelen. Daarvoor zijn een berg cartoons niet genoeg. De prijs voor biologisch vlees zou naar beneden moeten om de concurrentie aan te gaan.

Mocht je het een leuke actie vinden, dan kun je de cartoons verspreiden via Facebook.