Deprecated: _c is deprecated since version 2.9.0! Use _x() instead. in /customers/9/c/2/michaelminneboo.nl/httpd.www/wp-includes/functions.php on line 5211 Archive for March, 2018

Zaterdagen

Saturday, March 31st, 2018

Toen ik in 2006 een paar maanden dit blog had, kreeg ik een fulltime baan bij Intermediair. Ik ging aan de slag als allround webredacteur. In de korte periode dat ik blogde, had ik al veel geleerd over het web, html en cms’en en die kennis kon ik meteen toepassen in mijn nieuwe baan.

Leestafel anno 2008.

Omdat ik vijf dagen per week op de redactie werkte, schreef ik mijn blogposts voor de komende week meestal op zaterdag. Drie achter elkaar. Op die manier kon ik mijn blog levend houden en hoefde ik niet ‘s avonds aan de slag als ik al de hele dag achter een scherm had gezeten.

Steevast deed ik eerst de wekelijkse boodschappen in de supermarkt om de hoek. Ik woonde toen nog in het centrum van Hoorn en alles was om de hoek. Daarna dook ik dus een paar uur achter de laptop. Het was best lekker om zo geconcentreerd stukken achter elkaar te schrijven. Ik werd daar heel productief van.

Na het eten ging ik of bij vriend Paul langs om film te kijken of ik dook de kroeg in.

De zondagen besteedde ik dikwijls aan het uitkateren van zaterdagavond en het lezen van comics. In die periode las ik veel The Walking Dead, Iron Man, Invisible en Spider-Man. Ik heb weinig leestafelfotos toentertijd gemaakt. Nu ben ik veel bewuster bezig met het bijhouden van wat ik allemaal lees.

Toen ik na Intermediair weer ging freelancen vond ik het veel fijner om elke dag een post te maken. Niet alleen levert dat een lekker constant ritme op en houdt dit mijn schrijfspieren soepel, ook is het fijn om ‘s ochtends te bepalen wat je gaat schrijven, in plaats van dat je blog een paar dagen achter de feiten aanloopt omdat je nu eenmaal een voorraadje content eerst wil publiceren.

Zaterdag
Toch werk ik tegenwoordig weer vaak vooruit. Zaterdag is weer een echte blogdag. Waarschijnlijk omdat ik dan mezelf vrij geef van werk. Het is gewoon heerlijk om helemaal vrij te zijn om te publiceren en te zeggen wat je wilt. Heel erg ver wil ik echter niet vooruitwerken, want dat haalt toch een beetje de lol uit het bloggen.

Toch kan ik vaak de ideeënstroom niet indammen. Ik bedenk meer blogposts dan ik er ooit kan maken. De denkbeeldige stapel ongeproduceerde posts wordt dan ook steeds groter. Ik wil uiteindelijk mijn creatieve energie voornamelijk kwijt in het schrijven van boeken en ander werk, en minder in dit blog.

Mijn vriend Spider-Man bij Dirtees.
Foto: Dutch Nerdclub.

Ook komt het wel eens voor dat ik teksten niet publiceer, omdat ik die dan wil bewaren voor een ander soort publicatie. Sommige stukken zouden onderdeel kunnen worden van een groter werk, een boek of een smallpress-uitgave. Als ik begin met schrijven weet ik niet altijd meteen waar de tekst goed zou kunnen passen. Sommige projecten groeien namelijk organisch. Toen ik met Mijn vriend Spider-Man aan de slag ging, had ik een globaal idee van wat ik wilde gaan vertellen. Gaandeweg is dat steeds duidelijker geworden. Die focus is uiteindelijk ook nodig om een leesbaar en samenhangend boek te maken. Een boek dat ook weer niet te dik wordt zodat het mensen afschrikt. Focus en schrappen dus.

Nieuwe zin
Sinds ik vrijwel geen strips meer recenseer en de Nederlandse stripwereld een beetje links laat liggen, voel ik me persoonlijk een stuk beter. De verplichtingen die ik eerder voelde om bepaalde uitgaven te behandelen, is weg.

Ook voelt het online publiceren sinds ik weg ben bij vijand Fakebook weer als vanouds. Ik kan weer alle kanten op en hoef met niemand rekening te houden. Daarbij wordt mijn agenda niet meer bepaald door de uitgeefschema’s van uitgeverijen. Ik hou me ook niet meer bezig met middelmatige uitgaven omdat die nu eenmaal zijn opgestuurd en op mijn bureau liggen stof te verzamelen. Dat leidt uiteindelijk toch alleen maar tot stukken die ik met minder plezier schrijf. Ik heb simpelweg geen zin meer om een verlengstuk te zijn van een pr-machine.

Ik heb nu ontzettend veel lol om simpelweg mooie stripplaatjes te publiceren, en een beetje bij te houden wat ik aan het lezen ben. De energie die ik daarvan krijg komt simpelweg omdat ik weer lekker voor mezelf bezig ben met de dingen die ik interessant vind.

Kortom, deze Geek Writer is happy.

De Chinese strip in beeld

Friday, March 30th, 2018

De intrigerende overzichtstentoonstelling Panorama van de Chinese strip: Beeldverhalen van elders richt zich op het Chinese beeldverhaal van de twintigste eeuw tot nu.

Een tijd geleden kreeg ik van een vriendin drie rechthoekige stripboekjes uit China. Ik had ze nog nooit gezien, maar was meteen geïntrigeerd door deze historische verhalen vol strijders te paard en de traditionele kostuums. Ze waren goed getekend in een heldere lijn zonder schaduwpartijen. Bij de afbeeldingen stonden korte, begeleidende teksten.

De uitgaven bleken lianhuanhua te zijn: Chinese stripverhalen met op iedere pagina één illustratie en tekst. Geproduceerd op goedkoop papier en gedrukt in miljoenen exemplaren. In Panaroma van de Chinese strip: Beeldverhalen van elders, nu te bezoeken in het stripmuseum in Brussel, zijn de lianhuanhua uiteraard te zien tussen de 150 zorgvuldig geselecteerde werken.

Chinese tekens
De expositie geeft een rijk en historisch overzicht van de geschiedenis van het Chinese beeldverhaal, met nadruk op de ontwikkelingen in de twintigste eeuw tot nu. Dat twee curatoren de tentoonstelling samenstelden, de Belgische stripkenner JC de la Royère en Lou Yiping, is te merken aan de structuur. Het eerste gedeelte is historisch-chronologisch van opzet, dat begint met het beproefde concept van de gevisualiseerde tijdlijn die 5000 jaar geleden aanvangt bij het Chinese schrift. Net als het medium strip zou je dit immers kunnen zien als een afbeeldingenreeks waarvan de symbolen eigenlijk gedetailleerde tekeningen zijn.

Het tweede gedeelte van de tentoonstelling, geschreven door de Chinese stripexpert Lou Yiping, belicht de strip vanuit enkele thema’s. Aan bod komen onder andere Chinese humor en hoe bepaalde stripverhalen over de revolutie de transformatie van de Chinese samenleving weerspiegelen. De teksten worden belicht met veel originele pagina’s uit uiteenlopende strips en enorme blow-ups van stripplaten. Prachtig grafisch werk, zoals een originele tekening uit Vijftien rollen muntgeld van He Youzhi, de onbetwiste meester van de lianhuanhua. De correcties die hij met typex aanbracht zijn duidelijk te zien.

Omdat het beeldmateriaal er vooral is om de thema’s te illustreren, mis je soms specifieke informatie over de strips en hun makers. Desalniettemin is de expositie door de breedte juist een gedegen introductie van de Chinese beeldverhaal.

Lianhuanhua van de hand van He Youzhi.

Lianhuan manhua
Manhua is in China de algemene term voor beeldverhalen. Daaronder wordt van alles verstaan: van strips, tekenfilms tot geïllustreerde boeken. Voor het woord ‘stripverhaal’ gebruikt men lianhuan manhua. Deze duiken voor het eerst op aan het begin van de twintigste eeuw. De geïllustreerde geschiedenis van de apenregering uit 1916 is een politieke satire die bestaat uit enkele reeksen van tekeningen die samen een beeldverhaal vormen. Dit wordt gezien als de aankondiging van de lianhuan manhua. Daarna ontwikkelde de Chinese strip zich snel en werd erg populair.

Sociale kritiek
De Chinese stripmarkt kende in de beginjaren veel diversiteit. Kranten en gespecialiseerde striptijdschriften publiceerden de hedendaagse verhalen met sociale kritiek. Lianhuanhua specialiseerden zich in historische verhalen. En ook de erotische tekeningen van Lu Zhixiang werden gepubliceerd in een populair tijdschrift. Die vrijheid van publicatie zou later sterk worden ingedamd bij de oprichting van de Volksrepubliek China.

Foto: Daniel Fouss.

Sommige Amerikaanse comics waren een inspiratiebron voor Chinese stripmakers. De tekenstijl waarin Ye Qianyu Meneer Wang (1929) tekende, lijkt veel op die van Bringing up Father van Geo McManus. Meneer Wang was de eerste Chinese stripheld die in meerdere verhalen optrad. De strip toont taferelen uit het dagelijks leven in Shanghai aan de hand van dit conformistische personage.

San Mao
In de tentoonstelling is veel aandacht voor het stripfiguur San Mao, in 1935 gecreëerd door Zhang Leping (1910 – 1992). San Mao is een slungelige figuur met drie uitstekende haren op het grote hoofd. Zijn naam betekent ook letterlijk drie haren. De humoristische anekdotes van deze strips worden steevast tekstloos in vier plaatjes verteld, waarbij de humor vooral voortkomt uit de situatie en het feit dat het jongetje uitspraken vaak letterlijk opvat.

San Mao.

De strips van San Mao en het leven van zijn bedenker, vertellen veel over de veranderingen die de Chinese samenleving in de vorige eeuw doormaakte. De verhalen veranderden van focus in verschillende perioden. Tijdens de Japanse bezetting werkte Zhang voor de propagandaservice van het Chinese leger. Na de Chinees-Japanse oorlog (1937-1945) pakte Zhang in 1946 de reeks San Mao weer op met verhalen waarin hij zijn oorlogservaringen verwerkte. De vindingrijke San Mao gaat in dienst maar wordt steevast tegengewerkt door de laksheid van de legerleiding. De Nationalistische Guomindang-partij, toen nog steeds aan de macht in Shanghai, was niet blij met de strips en Zhang verdween een tijd gedeeltelijk in de illegaliteit. In die periode maakte hij San Mao’s omzwervingen, een aanklacht tegen de armoede. San Mao ziet er net zo broodmager uit als de duizenden straatkinderen in Shanghai. Het lezerspubliek leefde zo met hem mee dat ze Zhang allerlei geschenken opstuurden voor San Mao.

Na de oprichting van de Volksrepubliek China werden strips gebruikt om de massa op te voeden in het communistische gedachtengoed. Zhang kreeg gedicteerde scripts van de overheid. In 1966 werd de tekenaar tijdens de Culture Revolutie aangeklaagd als reactionair kunstenaar, gearresteerd en gedwongen originele werken te vernietigen. In 1976 werd hij gerehabiliteerd.

Jin Cheng. Foto: Daniel Fouss.

‘San Mao is nog steeds heel erg populair,’ vertelt Jin Cheng via zijn tolk. Enkele portretten van deze kunstschilder, uitgever en stripkenner hangen in de expositie. Jin kan het een en ander verduidelijken over de Chinese stripwereld:
‘Op dit moment zijn de meeste Chinese stripmakers tussen de 25 en 40 jaar. Daarvan is 35 tot 40 procent vrouw. Historisch gezien is er een groot verschil tussen bijvoorbeeld de Belgische strip en de strip in China. De Belgische strips hebben zich vanaf 1929 tot nu continue ontwikkeld, maar in China kennen wij meerdere perioden waarin die ontwikkeling werd stopgezet zoals tijdens de Culturele Revolutie. Een tweede frustratie is dat de markt in China heel beperkt is, waardoor striptekenaars zich voor een inkomen richten op andere kunstvormen.’ Daarin lijkt de Chinese stripwereld weer veel op die van Nederland, waarbij veel stripmakers er ook een andere baan op nahouden omdat ze er te weinig mee verdienen.

Namaak-Kuifje
Na de dood van Mao Zedong en de eliminatie van de Bende van Vier in 1976 was er in China meer vrijheid. Stripverhalen beperkten zich niet meer tot de Revolutie en ideologische vorming van de lezers. Er werden nu ook misdaadverhalen, sciencefiction en adaptaties van buitenlandse literatuur gemaakt. Ook kwamen buitenlandse stripalbums op de markt, soms illegale versies. In de exposities zijn enkele knullig nagetekende Kuifjes te zien.

Namaak-Kuifje. Foto: Michael Minneboo.

Toen China aan de vooravond van de 21ste eeuw eenmaal werd opengesteld voor de wereldmarkt, werden de makers sterk beïnvloed door strips uit Europa, Amerika en Japan. Er zijn in China nu pakweg twee soorten beeldverhalen. Strips die veel weghebben van de Europese vertelvorm gericht op een volwassen publiek en strips die geïnspireerd zijn door manga, Japanse strips. Deze komen uit in magazine-vorm en hebben jeugdige lezers als doelgroep.
‘Meer dan de helft van de lezers zijn tieners, van 12 tot 18 jaar.
Twintig procent bestaat uit basisscholieren. Dertig procent van het publiek is volwassen,’ aldus Jin. ‘Het populairst zijn fictieverhalen. Sciencefiction en verhalen over Chinese legendes.’

Portret gemaakt door Jin Cheng.

Zelfcensuur
Kunnen ze tegenwoordig in China alles maken, of is er een vorm van censuur? ‘Er zijn geen taboes,’ zegt Jin. Maar als we doorvragen blijken er wel zeker restricties te zijn. Seks of kritiek op de regering, kan niet. ‘Nee, daarin zijn we wel beperkt. Er zijn geen geschreven restricties, maar de stripmakers zijn gewoon gewend om bepaalde dingen niet te behandelen of te laten zien, zoals seks of kritiek uiten op de overheid. Ik kan dat geen zelfcensuur noemen, het is hun eigen keuze.’

Het stripmuseum heeft samengewerkt met de Chinese overheid om alles rond te krijgen. De voorbereidingen kostten drie jaar. Het was voor de experts een flinke klus de Chinese strip in kaart te brengen. Ferry van Vosselen, gepensioneerd stripmaker en voorzitter van het museum, begeleidde curator JC de La Royère op trips naar China: ‘We zijn er vier keer geweest. We bezochten musea en zijn bij stripmakers thuis geweest. Ook is er druk gecorrespondeerd met departementen die strips verzamelen en privéverzamelaars. De selectie van strips en de teksten van de tentoonstelling moesten van tevoren worden goedgekeurd door de officiële instanties in Beijing, zoals het Museum van Schone Kunsten. Alle strips waren prima, maar sommige woorden van de teksten hebben ze veranderd.’

Vitrine met manga. Foto: Michael Minneboo.

Wereldpremière
De expositie is een wereldpremière. Zelfs in China was er nooit een dergelijke overzichtstentoonstelling en dat terwijl volgens Jin Cheng strips op de vijfde plaats staan in de hiërarchie van belangrijkste cultuuruitingen, voorgegaan door film, muziek, TV- en webseries en het theater. Strips genieten in China dus een hogere status dan bij ons. Waarom dan geen tentoonstelling van deze grootte in China tot nu toe? ‘In China vermengen we strips met games en animatie bij exposities. We maken daartussen geen onderscheid.’ Het zijn immers allemaal vormen van manhua. Waarschijnlijk zou zo’n benadering bij ons het lezerspubliek vergroten, doordat gamers en liefhebbers van animatie dan makkelijker in aanraking komen met strips. Dat is iets wat we van de Chinezen kunnen leren.

Schitterende boog, van ZHANG Zhongxiao uit 1973.

Panorama van de Chinese strip is nog te zien tot 9 september 2018.
Belgisch Stripmuseum
Zandstraat 20, Brussel

Dit artikel is geschreven voor en gepubliceerd in VPRO Gids #13 (2018).

Daily Bugles van Phil Postma

Wednesday, March 28th, 2018

Als ik in het Marvel Universum zou wonen, dan las ik zeker elke dag The Daily Bugle. Dat is toch de krant waar je alles over de superhelden te weten komt.

Ook al is de berichtgeving over Spider-Man natuurlijk erg negatief gekleurd. Maar ja, dat heb je bij sommige Nederlandse kranten ook. Sensatie verkoopt nu eenmaal beter dan de waarheid.

Een paar jaar geleden publiceerde ik enkele mooie voorpagina’s van de Bugle. Ik vind het altijd heel leuk als de krant in de comics voorkomt en de tekenaars en letteraars mooi werk van de vormgeving hebben gemaakt.

Inmiddels heb ik weer een paar mooie voorbeelden hiervan verzameld en die zal ik de komende tijd delen.

Superschurken
We beginnen met deze reeks Daily Bugles van Phil Postma, character designer in de animatiewereld.

Helaas gebruikt hij voor deze illustraties praktisch dezelfde Bugle. Maar goed, ze draaien dan ook meer om hoe Postma de tegenstanders van Spider-Man tekent dan om de krant zelf.

Binnenkort dus meer voorpaginanieuws.

Het goede voorbeeld

Tuesday, March 27th, 2018

In Mijn vriend Spider-Man vertel ik onder andere dat ik me goed met Peter Parker kon identificeren toen ik een jonge lezer was. Ook is zijn gedrag vaak het goede voorbeeld voor hoe ik me wil gedragen.

Dat laatste was hij voor editor in chief Jim Shooter ook, blijkt uit zijn column in Marvels Bullpen Bulletins van maart 1987:

Fan, bedenk je eigen helden!

Monday, March 26th, 2018

Vanmorgen zat ik op de hometrainer terwijl ik naar een vlog op YouTube keek. In deze vlog had de ene geek de andere uitgenodigd omdat hij een expert was op het gebied van X-Men. Het onderwerp van de vlog was hoe Fox betere X-Men-films kan gaan maken en wat er nu allemaal schort aan deze films.

De X-Men-expert had kennis opgedaan door al jaren heel veel X-Men-comics te lezen van verschillende schrijvers. Uit zijn verhaal bleek zijn voorkeur voor het schrijfwerk van Chris Claremont en Grant Morrison, want deze twee schrijvers hadden het volgens hem het beste gedaan. Daaruit volgde dan ook: als de filmmakers het voorbeeld van deze schrijvers zouden volgen, werden de films een stuk beter. En met beter bedoel ik dan natuurlijk: dat de films beter aansluiten bij hoe deze fan een X-men-film voor zich ziet.

Nu wil ik die stelling niet meteen bestrijden. Ik denk ook dat verhalen van bovengenoemde stripmakers goede X-Men-verhalen zijn. In ieder geval die van Claremont. Morrisons X-Men heb ik nog niet gelezen, maar zijn andere stripverhalen wel en dat vind ik goede comics.

Mij gaat het om iets anders.

Wolverine en Rogue zijn samen op pad.

Ik besefte door de video opeens het volgende. De X-Men-fan steekt heel veel tijd in het lezen en beleven van het X-Men-universum. Hij koopt waarschijnlijk de comics, misschien ook action-figures, en kijkt de Marvel- en X-Men-films. Waarschijnlijk is hij actief als blogger, vlogger of aanwezig op fora. Het is natuurlijk prachtig dat hij iets heeft gevonden om zijn tijd mee te vullen, iets waar hij zich met passie en plezier op stort. Maar er is een probleem met als geek je ideeën via een vlog of een andere manier verkondigen: de filmmakers gaan die ideeën en suggesties heus niet overnemen.

De fan wil dat de films beter worden, maar is niet in de positie om die beter te maken. De enige manier om zijn zin te krijgen, is ervoor zorgen dat hij filmregisseur of scenarist wordt en dat hij aan de X-Men-projecten mag werken. Ik schat de kans dat dit lukt niet erg groot in.

Een uitspraak van fanexpert Linda Duits schoot me te binnen van toen ik haar voor mijn boek interviewde: de fans zijn niet de eigenaren van de personages. In dit geval zijn dat Marvel Studios en filmmaatschappij Fox. Vooral die laatste eigenlijk, Marvel gaat vooralsnog alleen over hoe de X-Men in de strips geportretteerd worden, maar daarvoor geldt eigenlijk hetzelfde als je het als lezer daar niet mee eens bent. Tenzij je voor Marvel werkt en comics voor ze mag maken, is de kans dat je invloed kan uitoefenen op de verhalen van X-Men, nihil. Noppes. Nada.

Hetzelfde geldt voor mij en Spider-Man. Misschien dat ik ooit Spider-Man-comics mag gaan schrijven en dat ik de vaste schrijver van Spidey wordt, maar om die positie te bereiken, moet er heel wat gebeuren, want ze gaan heus niet zo maar een fan aan het werk zetten als die op de deur klopt en ze vertelt dat Dan Slott tot nu toe gedaan heeft, ruk is.

Om een van de grootste helden ooit te mogen schrijven, moet je een track record hebben. Je moet andere dingen geschreven hebben die je kwaliteiten laten zien. Andere boeken of strips. Misschien filmscripts. In ieder geval moet je een ervaren schrijver zijn. En dan nog is het de vraag of jouw ideeën voor Spidey in de smaak vallen bij de mensen van Marvel.

Kortom, de kans dat je invloed kunt uitoefenen op de properties die je zelf heel tof vindt, maar die eigendom zijn van grote Amerikaanse mediabedrijven, is nihil.

Wat je wel kunt doen, is al die kennis die vergaard hebt door het lezen van X-Men-comics en door het zien van de films, gebruiken om zelf personages te verzinnen en verhalen te maken. De geek doet in de loop der jaren veel kennis op. Hij weet welke verhalen hij goed vond en welke niet. En vaak ook waarom. Nu is het tijd om die kennis te gaan gebruiken om zelf mooie dingen te creëren, of dit nu films zijn, strips, romans of games.

In mijn geval zullen het waarschijnlijk romans worden. Ik kan niet zo goed tekenen, en als je met een tekenaar gaat samenwerken heeft dat allerlei creatieve consequenties. Dat de tekenaar bijvoorbeeld ook zijn brood moet verdienen, dus het project er in eerste instantie naast zal gaan doen. Dat wil zeggen: als de tekenaar je idee al ziet zitten en niet liever zijn eigen verhalen maakt. Je bent dan dus afhankelijk van derden.

Voor mij geldt: als ik het schrijf, kost het alleen mij tijd en energie. In eerste instantie dan, want later komen daar een uitgever, redacteur en opmaker aan te pas als het idee daadwerkelijk iets tofs oplevert.

Het begint dus gewoon in je eigen brein en hart. Daar ontstaan nieuwe verhaalwerelden.

Katchoo, Francine en Peter Parker

Sunday, March 25th, 2018

Zaterdag deed ik boodschappen. Opeens zag ik Katchoo en Francine tussen de schappen struinen in de supermarkt.

Francine, Terry Moore, Katchoo. Illustratie: Terry Moore.

Natuurlijk waren ze het niet echt, maar twee tienermeiden die veel van deze stripfiguren weghadden. Ik heb wel vaker last van dergelijke beroepsdeformatie. Momenten dat ik zo intensief met een verhaal bezig ben, in dit geval met het lezen van de reeks Strangers in Paradise, dat mensen opeens op de personages uit die verhalen beginnen te lijken.

Illustratie: Terry Moore.

Toen ik met het schrijven van mijn boek over Spider-Man en fancultuur bezig was, zag ik wel eens Spider-Man in het straatbeeld opduiken.

Nu zijn Katchoo, Francine en Peter Parker ook personages die levensecht lijken en met wie ik echt meeleef, dus waarom zou ik ze ook niet gewoon op straat tegenkomen?

Hoe dan ook, de strip getekend door Terry Moore zit vol met prachtige afbeeldingen die stuk voor stuk het bestuderen waard zijn. In tegenstelling tot vrouwen in het openbaar aan te blijven staren is naar papier kijken gelukkig wel sociaal geaccepteerd. Hier twee momenten uit de strip die ik laatst op Instragram deelde:

Katchoo weet hoe ze met eikels moet omgaan.

Het einde en het begin
Zaterdagavond las ik de laatste pocket uit van de serie. In een paar weken las ik de 90 comics waaruit de oorspronkelijke reeks bestaat. Wow, wat een rit!

Het afscheid nemen van Katchoo, Francine en Casey was niet al te pijnlijk, want ik weet dat Moore inmiddels aan een nieuwe reeks SiP-verhalen is begonnen. Voor de lezers die in 2007 afscheid moesten nemen van dit trio, zal het allemaal wat pijnlijker zijn geweest. Ik kan nu gewoon naar de winkel lopen om de nieuwe deeltjes aan te schaffen. Het leuke daarvan is, dat ik de keuze heb de serie nu per uitkomende comic te gaan lezen of toch te wachten tot dit verhaal weer is afgerond.

Over de plot zei Moore het volgende in een interview met CBR:

What is this threat to their lives now?
Well, Katchoo is a family woman now, but she has this bad past, remember? It’s a long story and I wrote a book about it. Anyway, she was involved with Darcy Parker, who had a criminal empire and an elite group of women called “Parker Girls” who did scary things. One of the surviving PG women is writing a tell-all book about the whole operation. If the book comes out, it will destroy Katchoo’s family. So Katchoo is determined to stop her. The problem is finding her. The new series is about the sear.

When you initially ended SiP, you talked about how all great stories need an ending. You always knew there were more stories to tell with these characters, but when did you start to realize that you really wanted to tell those stories?
There were a lot of stories in the SiP series, but at the root of it all was a love story and the resolution of that ended the series. But the world has changed so much since then. And there is always that one person who can destroy everything you hold dear. And if you’re someone like Katchoo, who has fought so hard for what she has, you don’t let that happen. You fight for what you have. You hunt your predators, to the ends of the earth if you have to.

To be continued dus…

[hr]

Daarom Minneboo leest:
Recent nam ik mezelf voor om de 30 procent ongelezen boeken en strips in mijn collectie eens door te nemen. Er is kastruimte nodig voor nieuwe strips, dus op deze manier hoop ik meteen wat titels te selecteren die weg kunnen. Daar doe ik geregeld verslag van op dit blog. Overigens is SiP dus duidelijk een serie die lekker in de kast mag blijven staan, want ik weet zeker dat ik de strips over een paar jaar weer ga lezen.

Uitslag

Saturday, March 24th, 2018

De gemeenteraadsverkiezingen zijn weer achter de rug. Dit is de zetelverdeling voor Amsterdam:

Bron: At5

Ook dit keer heb ik me goed verdiept in op wie ik zou moeten stemmen. De gemeenteraad krijgt vanuit Den Haag steeds meer taken in de schoot geworpen, en daar zitten heel belangrijke zorgtaken bij. Daarom vond ik het belangrijk om voor een partij te kiezen met wie ik ongeveer op een lijn zit. Een partij die zich druk maakt over dezelfde dingen als ik.

Groene toekomst
Amsterdam kampt het hele jaar door met een groot overschot aan toeristen. Er zijn teveel buitenlandse rijke stinkerds die panden opkopen als investering. De kloof tussen arm en rijk wordt steeds groter – net als bij de landelijke politiek lijken bedrijven het meer voor het zeggen te hebben dan de bewoners. De lucht in de stad is vervuild. En bij mij in de buurt vinden jaarlijks teveel evenementen plaats die het Westerpark tot een pretpark maken. Daar hebben omwonenden en de natuur in het park veel last van.

Daarom stemde ik op een groene partij door een rood cirkeltje te tekenen. De Partij voor de Dieren heeft mijns inziens een goed programma dat ook nog eens op een daadkrachtige manier geformuleerd is. Fijn dus dat ze er twee zetels bij hebben gekregen. Dat GroenLinks de grote winnaar is geworden, is wat mij betreft ook niet slecht voor de stad. Ik vermoed dat GroenLinks en PvdD het goed met elkaar moeten kunnen vinden. Ze willen immers allebei een beter milieu. Dat is wellicht wat naïef gesteld, want politieke partijen proberen altijd vaak te scoren door hun minuscule verschillen te benadrukken. Toch heb ik goede hoop voor de toekomst.

Haatpartijen
Dat D66 (VVD light) en de PvdA zetels hebben moeten inleveren, stemt mij vrolijk. Al is het wel heel jammer dat we vanaf nu ook met DENK, Forum voor Democratie, Bij1 en de ChristenUnie zitten opgescheept in Amsterdam. Weggegooide zetels wat mij betreft, want dit zijn allemaal extreme partijen die gebaat zijn bij het vormen van groepjes in plaats van dat de mensen elkaar in het midden vinden. DENK is toch eigenlijk de PVV voor Turken. En Forum voor Democratie is dan weer een soort PVV voor zelfoverschattende intellectuelen.

En Silvana Simons had ook beter gewoon VJ kunnen blijven in plaats van zich met de politiek te bemoeien. Zij maakt zich heel druk over slavernij uit het verleden terwijl het misschien veel nuttiger is om zich druk te maken over slavernij van nu, want daar kun je tenminste nog iets aan doen. Maar ja, slachtoffer spelen scoort nu eenmaal goed bij de achterban. Bij1 en DENK danken hieraan immers hun bestaansrecht.

Zeehelden
Prima als we ook de schaduwkanten van de Nederlandse geschiedenis belichten, maar daarvoor hoef je niet alle standbeelden van zeehelden weg te halen en straatnamen te vervangen. Pas de teksten gewoon aan, zodat er een genuanceerd verhaal verteld wordt. Je moet de gebeurtenissen in de historische context zien, niet beoordelen met de blik van hoe we nu dingen aanpakken. Voorlichting, geen doofpot.

Bovendien hebben in de loop van de geschiedenis bijna alle volkeren wel een ander volk tot slaaf gemaakt. Niet alleen blanken zwarten, waar Simons zich nu zo boos overmaakt, maar Afrikanen hebben net zo goed zelf slaven gehad, en islamieten hadden niet-islamieten als slaaf. En dat is nog maar het topje van de ijsberg. Als we het er gewoon over eens kunnen zijn dat we slavernij nu niet meer accepteren, dan kunnen we door met elkaar en aan de slag met het aanpakken van huidige vormen daarvan.

Wat deze kwestie betreft ben ik het eens met Klaas Dijkhoff, fractievoorzitter van de VVD in de Tweede Kamer:

Daarom vind ik het huidige gedoe over standbeelden en vernoemingen ook zo vermoeiend. Het doorbreekt de balans, het bestrijdt een genuanceerde blik op onze geschiedenis. Niemand is namelijk volmaakt. En iedereen leefde in z’n eigen tijd, met de opvattingen die toen dominant waren. Ook als we nu niet kunnen begrijpen waarom dat toen zo was, is het onverstandig om makkelijk te oordelen. Wat leren we onze kinderen dan? Dat er geen geschiedenis is?

Hopelijk gaat het de groene kant op in Amsterdam de komende tijd en horen we de haatpartijen zo min mogelijk. Anders krijg ik toch nog jeuk van deze verkiezingsuitslag.

Haarlemmerpoort

Friday, March 23rd, 2018

Vrijdagavond kiekte ik deze foto van de Haarlemmerpoort. Altijd leuk als mensen met kunst in de straat monumentale panden opluisteren.

Wel erg jammer dat laatst een deel van de bewoners de Poort is uitgezet omdat een projectontwikkelaar weer eens de kans krijgt in Amsterdam om een mooie plek commercieel uit te baten.

Futura

Thursday, March 22nd, 2018

Hoe de reeks Futura afloopt, zullen Nederlandstalige lezers waarschijnlijk nooit weten. De reeks werd uitgegeven door Strip2000, de uitgeverij die in 2017 failliet ging.


De twee albums die ze uitgaven lagen op mijn nog te lezen-stapel.

Deze sciencefiction-strip van Jean-Charles Kraehn speelt zich af op een verre, vergeten planeet genaamd Futura. Hier probeert een menselijke kolonie te overleven in een vijandig gebied. De maatschappij wordt geregeerd door een religieuze organisatie, dus je snapt dat hier veel onderdrukking aan te pas komt. En dat de bevolking allerlei onwaarheden over het verleden van de mens wordt wijsgemaakt.

Het is onder andere verboden om de kloof over te steken naar Terra Incognita af te reizen. Dat is precies wat drie jonge, rebelse wetenschappers wel doen om de waarheid te achterhalen.

De strip is vermakelijk, maar voelt niet erg origineel aan. Eerder als een echo van andere sciencefiction-verhalen. Kraehn vindt het duidelijk leuk om blote borsten te tekenen. Dat kunnen we hem natuurlijk niet aanrekenen, maar het valt wel op.

In het Frans zijn er tot nu toe ook nog maar twee albums verschenen, maar ik vermoed dat Kraehn er nog wel verder mee gaat. Wie weet pikt een Nederlandse uitgever de reeks dan op.

[hr]

Daarom Minneboo leest:
Recent nam ik mezelf voor om de 30 procent ongelezen boeken en strips in mijn collectie eens door te nemen. Er is kastruimte nodig voor nieuwe strips, dus op deze manier hoop ik meteen wat titels te selecteren die weg kunnen. Daar doe ik geregeld verslag van op dit blog.

Peuh!

Wednesday, March 21st, 2018

Beast and the Beauty. Uit: Ravian en Laureline: De ambassadeur van de schaduwen. Uitgegeven door Sherpa.

Tot zover de reeks Ravian-afbeeldingen die beloofd had. Heb je zelf deze serie wel eens gelezen? Wat vond je ervan?

Ik vind de meeste verhalen over Ravian en Laureline erg vermakelijk en geniet vooral van het tekenwerk van Jean-Claude Mézières. De film heb ik vooralsnog niet gezien, maar daar ben ik eerlijk gezegd ook niet zo benieuwd naar.

Laureline is boos

Tuesday, March 20th, 2018

Een mooie compositie, met een lekker pittige Laureline. Vakwerk van Jean-Claude Mézières en schrijver Pierre Christin.

Ravian en Star Wars

Monday, March 19th, 2018

In Ravian en Laureline #0: De levende dromen staat een leuk dossier met allerlei wetenswaardigheden over deze stripreeks. Onder andere komt aan bod hoe veel George Lucas zich heeft laten inspireren door Ravian toen hij Star Wars schreef.