Categories
Mike's notities

Breinkoekje: Vriendin op vakantie

Hoe
krijg
ik
de vaatwasmachine
nu
in
m’n
eentje
vol?!

Lees hier alle breinkoekjes.

Categories
Mike's notities

Uit de mond van een ware poëet

Uit bovenstaand fragment blijkt dat Paul Simon schrijft voor het plezier van het schrijven en vanwege het plezier dat hij in het zingen heeft. En sommige nummers schrijft hij om bepaalde dingen te verwerken, om zich emotioneel uit te drukken en spanningen die hij ervaart te verlichten.

Ik vind dat een mooie en waarheidsgetrouwe gedachte.
De kunstenaar die iets voor zichzelf maakt, maar niet per se iets naar anderen probeert te communiceren. Tegelijkertijd bieden Simons liedjes herkenbare en inleefbare emoties waarin we graag onszelf herkennen. Kunst geeft immers bij uitstek de ruimte om als toeschouwer/luisteraar er zelf iets mee te doen, om het werk als het ware een eigen interpretatie te geven.
Het nummer ‘Homeward Bound‘, dat later in dezelfde clip gezongen wordt door Simon, is een van mijn favoriete Simon & Garfunkel-liedjes. Het gevoel dat Paul Simon hier verwoord is universeel: iedereen die lang onderweg is heeft het wel eens ervaren. Dat je ver weg van huis soms het gevoel hebt dat je van jezelf vervreemd en dat je weer verlangt naar de geborgenheid die je ervaart in de thuisbasis. Het liedje gaat natuurlijk ook over een zanger die niet langer gelooft in wat hij zingt. Misschien omdat de ideeën die de liedteksten uitdrukken niet meer de zijne zijn. Het vertolken van de liedjes is dan slechts een act, een lege performance, betekenisloos voor de uitvoerder. Het overkomt een ieder die werk doet waar hij of zij niet achter kan staan. Dat kan een tijdje goed gaan, maar uiteindelijk werk je jezelf leeg.Tenminste, dat is wat het liedje bij mij oproept. Die interpretatie hoeft natuurlijk helemaal niet overeen te komen met wat Simon ermee bedoelde. Dat is juist zo mooi aan poëzie en kunstuitingen, dat ze voor een ieder iets anders kunnen betekenen. Simons gedachten bij Homeward bound zijn dan ook anders dan de mijne. In 1990 zei de zanger zelf het volgende over het nummer in een interview met Song Talk Magazine:

“That was written in Liverpool when I was traveling. What I like about that is that it has a very clear memory of Liverpool station and the streets of Liverpool and the club I played at and me at age 22. It’s like a snapshot, a photograph of a long time ago. I like that about it but I don’t like the song that much. First of all, it’s not an original title. That’s one of the main problems with it. It’s been around forever. No, the early songs I can’t say I really like them. But there’s something naive and sweet-natured and I must say I like that about it. They’re not angry. And that means that I wasn’t angry or unhappy. And that’s my memory of that time: it was just about idyllic. It was just the best time of my life, I think, up until recently, these last five years or so, six years… This has been the best time of my life. But before that, I would say that that was.” Bron: Songfacts.com.

Hieronder een andere, maar zeker niet minder mooie uitvoering van dit nummer:

Categories
Fotoblog Mike's notities

Vaarwel

Gisteren zei ik mijn oude huisje vaarwel. Mijn appartementje werd door een vertegenwoordiger van de huisbaas geïnspecteerd en goedgekeurd, waarna ik de sleutels kon inleveren en voor de laatste keer het pand verliet. Ik verliet mijn vertrouwde haven op weg naar nieuwe wateren.
Vanmorgen regelde ik de inschrijving in mijn nieuwe habitat.
Het nieuwe avontuur van samenwonen in de grote – echte – stad gaat nu werkelijk beginnen. Lees ook de vorige afleveringen van de verhuissoap:

Categories
Strips

Begraafplaats van de consumptiemaatschappij

‘Ik verhuis nooit meer…’ dacht ik toen ik maandagmiddag onder het genot van een tropisch temperatuurtje een poging deed om mijn tweepersoonsbed uit elkaar te halen.

Hoewel alle belangrijke spullen de week ervoor naar mijn nieuwe onderkomen waren ondergebracht, met behulp van een paar trouwe vrienden en schoonfamilie, stond in mijn oude huis vooral meuk die rijp was voor het grofvuil. Dus dat werd weer een dagje sjouwen.

Grappig trouwens, zo’n bezoek aan de vuilnisbelt. Alle geledingen van de burgerbevolking komen er samen. De verloren huisvader met twee linkerhanden die oude Ikeameubels komt inleveren tot en met de doorgewinterde klusser die wekelijks een bezoekje brengt. Allen delen een gemeenschappelijke factor, namelijk het vuil dat ze komen achterlaten. Spullen die ooit met veel plezier zijn gebruikt, die op een mooie dag voor veel geld zijn aangeschaft en die nu worden afgedankt als bejaarden in een verzorgingstehuis. Ze worden gezien als niet meer nuttig, zijn gebroken of passen gewoonweg niet meer in het nieuwe interieur.

Er is veel poëzie op de belt, de begraafplaats van de consumptiemaatschappij. En er is een duidelijke hiërarchie, want je kunt maar beter luisteren naar de vuilnismannen die bij de containers staan. Als de vuilnisman zegt dat dit stukje hout niet in deze container hoort, dan is dat zo. Zij zijn immers de specialisten en wij zijn slechts hulpzoekende bezoekers die afstand komen doen van onze consumptiegoederen.

Na al het puinruimen kon er worden schoongemaakt. Want de stofinspecteur van de huisbaas zou bij het sleutel inleveren met een grote loep alles even nalopen. Dat gaat volgende week gebeuren, als ik dan eindelijk de verhuissoap kan afronden. Wederom dankzij schoonfamilie werd het huis aan kant gemaakt. (Wat voor mij een nieuwe betekenis aan het woord schoonfamilie geeft, maar dat even terzijde.)

‘Ik verhuis nooit meer…’ is natuurlijk een onzinnige stelling. Zoals in echte soaps zal deze plotwending nog wel vaker terugkomen. Het is een noodzakelijk onderdeel van het leven. Maar voorlopig even niet. Eerst genieten van mijn nieuwe woning.

Lees ook (of niet, mag je helemaal zelf weten ;):

Categories
Mike's notities

Geheugen wissen

Terwijl het merendeel van de oude papieren, scripts, papers en andere papieren zaken in de vuilniszak verdwijnt, voel ik een voldaan gevoel in mijn buik.Ik kijk terug op een rijk verleden vol pogingen, daden, triomfen en vooral ook mislukkingen. De verjaarde spullen zijn tekenen van een geschiedenis van een bezig baasje. Een verleden waarvan bepaalde elementen jarenlang weggestopt waren in de diepste krochten van mijn onderbewuste en die nu weer even aan de oppervlakte van mijn gedachtewereld drijven, maar die snel weer in de vergetelheid zullen zinken. Waar ze horen. Mijn geschiedenis zal grotendeels worden afgesloten op het moment dat de vuilnisman de rommel op komt halen. Deels, want sommige dingen zal ik bij me houden tot het graf. Sommige artefacten zijn immers te leuk om weg te gooien. Geschreven teksten uit Amerika, het script en draaiboek van mijn eerste korte film op de HKU, een paar oude foto’s, dagboeken en natuurlijk een flinke doos met andere positieve herinneringen.
Het verleden mag dan een fundament zijn waarop het heden staat en waarop we de toekomst bouwen, niet ieder schroefje, stukje en dwarsbalkje waaruit dit fundament is opgebouwd hoeft bekend te zijn. Daar is simpelweg geen ruimte voor in mijn hoofd. Liever richt ik me op het heden en het later, want daarin schuilt het echte avontuur.

Categories
Mike's notities

De nieuwe bewoonster op bezoek

Het volgende deel uit de verhuissoap waaruit mijn leven deels bestaat.
Afgelopen maandag kreeg ik bezoek van de nieuwe, jonge bewoonster. Tenminste, ze kwam mijn huurappartement inspecteren om te zien of het iets voor haar was. Ze had voor de gelegenheid haar ouders meegenomen.Voor mij is het de eerste keer dat ik met zoveel officieel gedoe een huis moet overdragen. Twee weken geleden kwam een inspecteur van de verhuurder al in kaart brengen hoe het huis ermee voorstaat. Meewarig keek hij rond en noteerde hij met een potlood wat er allemaal opgeruimd, schoongemaakt en vervangen diende te worden. Gelukkig bleek de lijst met mijn taken niet te lang, al was de man wel bijzonder gebrand op het feit dat alles klinisch schoon diende te zijn. De vorige keer dat ik een eigen huis uit ging was in Berkeley. Daar viel toen heel weinig aan te doen of aan te verhuizen: ik had maanden in een karige, euh, ik bedoel boheemse inrichting geleefd. Behalve een bed, een tafel en een stoel en een kartonnen doos die als boekenkast diende, bezat ik niet veel. De 12 jaar dat ik in mijn huidige huis vertoefde verzamelde ik veel spullen en aan het huis is te zien dat er geleefd is.En nu kwam de potentiële nieuwe bewoonster eens kijken. Die was er al snel uit en zag het appartement wel zitten. Als jonge starter is het dan ook een prima woning. Middenin de binnenstad waar alles dichtbij is, en temidden jongelui van haar leeftijd. Ik heb als bewoner wat dat betreft allang de houdbaarheidsdatum overschreden.Nadat haar vader nog eens kritisch met zijn timmermansoog (hij is timmerman) de kamers had doorlopen en zijn eigen lijstje met opmerkingen had volgeschreven, was het tijd om zaken te doen. Ik zag al een tijdje op tegen het feit dat er een wasmachine, een zware koelkast en fornuis naar beneden gesjouwd moesten worden om uiteindelijk van de stoep te verdwijnen in de vuilniswagen of het busje van de tweedehands winkel, want niets zou naar het nieuwe huis gaan. Ik zag me zelf al sjouwen en puffen, vier trappen af. Tot mijn grote verbazing kon ik de apparatuur aan de nieuwe bewoonster kwijt. Sterker nog: het tapijt en zeil konden ook rustig blijven liggen waar ze lagen.De loodzware tv was haar te groot – maar ja, je kunt niet alles hebben.Toch zal ik hem gaan missen: mijn trouwe wasmachine die nooit te beroerd was om zich over mijn vuile kleren te ontfermen. Het gaat je goed, wasmachine! Which reminds me dat ik er nog een wasje uit moet halen.
Lees ook (of niet, mag je helemaal zelf weten ;):

Categories
Mike's notities

200 kilo meubels

We zijn het huis aan het verbouwen. En wie zijn huis verbouwt, komt al snel een keer in de Ikea terecht.Vorige week was ik maar liefst twee keer in het bouwpakketparadijs. Maandag om meubels te bekijken, te testen en ideeën op te doen. Je kunt immers in zo’n gids bladeren tot je een ons weegt, voor de Billy staan en het hout aanraken doet je pas beseffen wat je in handen hebt.Zondag waren we weer in de Ikea om de uitgekozen meubels daadwerkelijk te halen. Wat een hel was dat: heel Nederland was er die regenachtige middag op uit getrokken om de Ikea in Amsterdam te bezoeken. Er was een aantal artikelen voor de helft van de prijs, dus die fantasieloze Hollanders die toch niet weten hoe ze hun vrije zondagmiddag moeten doorbrengen, waren massaal in het overvolle filiaal van het Zweedse meubelimperium te vinden. (Het leek de Efteling in het hoogseizoen wel.)
Helaas hadden L. en ik geen keuze en begaven ons tussen de consumentenkudde in het magazijn om de spullen in te laden die op ons lijstje stonden. Alle clichés kwamen voorbij: het karretje dat een eigen willetje leek te hebben, files voor de kassa en dat ene stel plankjes dat uiteindelijk toch uit de winkel zelf gehaald moest worden, waardoor we het hele doolhof aan huiskamers, slaapkamers en keukens door konden lopen. Tegen de stroming in uiteraard.Onsmakelijk
De koffie en Zweedse gehaktballen sloegen we over. Die hadden we maandag al geprobeerd. Geen idee waar al die lofuitingen over die gehaktballen vandaan komen, want als je vriendin doorgekauwd kauwgom aan je doorgeeft die je nog eens lekker over je tong laat rollen, dan heb je een smaakvollere bal in je mond dan de Zweedse gehaktballetjes van Ikea. Niet te vreten dus. En de koffie.. oh man, opgewarmde klei uit een beerput smaakt beter. Logisch dat het tweede kopje gratis is – het zal zelden gevuld worden. Diarree verzekerd.Mijn eerste Ikea-ervaring, waar ik vorig jaar over schreef, was wat dat betreft een stuk positiever. Al moet ik zeggen dat ze de 200 kilo uitgekozen meubels wel snel kwamen thuisbezorgen. (De volgende keer laat ik ze echter wel tot aan de deur bezorgen, zodat ik niet zelf alle pakketten naar boven hoef te sjouwen.)
Nu maar hopen dat alles compleet is.
De komende dagen ben ik in ieder geval bezig met bouwpakketten bouwen.Lees ook:

Categories
Mike's notities

Breinkoekje: Duivels doe-het-zelfdilemma

Wordt
het
een
Billy
in
het
wit
of
in
berkenfineer?
Categories
Film Mike's notities

Tussen de verhuisdozen door

Het is warm in mijn appartementje vandaag. Maar dat ben ik wel gewend. In de zomermaanden kun je een ei op het aanrecht bakken. Terwijl ik achter mackie zit te tikken kijk ik even naar de lege verhuisdozen die nog gevuld moeten worden. Maar eerst even een post over Eeuwig Weekend, Transformers, het rookbeleid en de durf om te falen.Woensdag 1 juli bestaat EeuwigWeekend.nl één jaar. Wellicht een bescheiden leeftijd voor een groepsweblog, maar toch het vermelden waard. In één jaar werden meer dan 500 posts gepubliceerd. Van lange epistels tot korte, doch pakkende straatprenten. Hoewel ik mijn functie als co-hoofdredacteur sinds april heb neergelegd, draag ik de site die ik samen met Menno Kooistra in het leven riep, natuurlijk een warm hart toe.Overigens is het rookbeleid ook een jaar van kracht. Een niet onomstreden maatregel waar veel, heel veel commentaar op kwam uit de horecabranche. Ik schreef vlak voor het ingaan van het rookverbod nog triomfantelijk dat ik nu eindelijk rookvrij van mijn stamkroeg kon gaan genieten. Helaas, het is een van de kleine kroegjes waarin nog steeds flink gepaft wordt. Dat past overigens geheel in de geest van de rebelse eigenaar, maar heeft ook een praktische reden: het café is simpelweg te klein om een aparte rokersruimte in te richten. Sinds augustus vorig jaar ben ik niet meer in mijn stamkroeg, nou ja zeg maar voormalige stamkroeg, geweest, want kies liever voor een dranklokaal waar niet gerookt wordt. Al kijk ik ernaar uit om op de avond dat ik afscheid neem van deze woonplaats nog even een nostalgisch drankje te nuttigen aan de bar.Over rebelsheid/koppigheid gesproken: tussen alle blogberichten vandaag las ik dit inspirerende tekstje van Jonathan Morrow over de durf om te falen en de kracht van buitenbeentjes. Michael Jackson was natuurlijk ook een buitenbeentje. Word jij ook al helemaal gek van alle Jackson-muziek die de laatste dagen gedraaid is? Niet dat het naar in het gehoor klinkt, maar je kunt ook overdrijven. Duidelijke zaak van overkill.
Overdrijven is een woord dat regisseur Michael Bay niet kent. Zijn bombastische Transformers 2: Revenge of the fallen doet zijn naam als blockbuster eer aan. Volgens het persbericht dat ik gister las heeft deze sequel al $387 miljoen dollar opgebracht. Hoewel je eigenlijk pas een oordeel mag vellen nadat je een film hebt gezien, lijkt deze rolprent mij alles behalve boeiend. Ik vond het eerste deel al niets, maar toen ik in een recensie las dat een van de transformers met een stel ballen tussen zijn benen rondloopt, verloor ik ook maar enige interesse om de film te gaan zien. Zeker nadat een goede vriend van me, wiens mening ik respecteer, zei dat hij de film absolute bagger vond. Als Michael Bay zijn eigen onderwerp niet eens serieus neemt, waarom zou ik als publiek tijd moeten verkwisten aan het kijken van zijn film? De echte vraag is echter: waarom scoort deze film zo ontiegelijk goed? Is het de curiositeitswaarde? Of heeft het grote publiek echt geen smaak?Nou ja, voorlopig heb ik genoeg verhuisdozen vol te stoppen om me niet met die vraag bezig te houden. Laat ik maar eens beginnen met inpakken.Lees ook:

Categories
Mike's notities

Huur opgezegd

Maandag heb ik mijn huur opgezegd. Het appartement dat ruim 12 jaar onderdak bood, zal binnenkort mijn huis niet meer zijn. Een prettig idee, al koester ik ook enige nostalgische herinneringen.12 jaar (nou ja, als ik mijn sleutel inlever spreken we inmiddels al van 12½) is een hele tijd. Ik heb in mijn appartementje liefdes beleefd en verbroken, uren zitten studeren en een vuistdikke scriptie geschreven, diverse verhalen, scripts en blogjes gepend, ruzies gemaakt en weer bijgelegd, mooie filmschatten ontdekt, zomers lang op het schuurdak zitten dromen, ontelbare liters koffie gedronken, meters boeken en strips verslonden. En ik ben er natuurlijk ouder geworden.De laatste tijd voelde het pand echter niet meer als een thuis. Sterker nog, ik was er nog zelden en zat meestal bij lief in Amsterdam. Thuis deed ik de was en werkte ik aan projecten. Geregeld waren er nare opstootjes in de gangen en rondom het complex. Details zal ik de lezer besparen, maar toen een paar maanden geleden een Marokkaanse knokploeg probeerde een deur van de buren in te trappen, leek het mij geen onaardig idee om elders te gaan wonen. Ook voelde ik ook steeds minder binding met de andere bewoners in het pand. En met hun muzieksmaak die duidelijk door de muren was te horen evenmin. Ik zal het gehorige pand in het centrum niet missen.Een mens moet ook niet te lang op dezelfde plek blijven hangen. Herinneringen stapelen zich op en voordat je het weet woon je in het decor van vergaande gebeurtenissen en raakt je blik op de toekomst troebel door al die oude scènes op je netvlies. Een nieuwe start betekent een nieuwe plek. Ik was dat VOC-dorp aan het IJsselmeer ook meer dan zat. Alle paden, lanen en wegen aldaar heb ik reeds een miljoen keer bewandeld.Tijd om ergens anders voetsporen te gaan maken. Samen wandelen is ook zoveel leuker dan soloreizen.Wordt vervolgd…
Lees ook:

Categories
Mike's notities

Op zoek naar mijn plekje in niemandsland

Ik ben al een tijdje op zoek naar een nieuwe woning, die hopelijk ergens in de Randstad staat: een prettige plek om te toeven, te schrijven, te lezen, te werken en visite te ontvangen. Hoeft niet groot te zijn. Gewoon, groot genoeg.Nu sta ik al een paar jaar ingeschreven bij Woningnet Amsterdam. Nu zal de Amsterdammer wel grinniken: ‘Een paar jaar, dan kun je nog wel even wachten maatje.’ Inderdaad, daarom heb ik het risico gespreid door me ook in Utrecht in te schrijven. Ik hoor het hoongelach van de Domstadbewoners al. ‘Ha! In Utrecht wonen is al bijna net zo moeilijk als een woning in Amsterdam vinden. Nee, nóg moeilijker!’Daarom dacht ik laatst: misschien moet ik niet zo groot denken. Weesp is ook leuk. Heb ik gehoord. Maar Hilversum is ook prima, of iets leuks daartussen.
It sounds interesting…
Ja beste lezer, u begrijpt het al: ik heb haast met verhuizen. Waarom? Mijn huidige appartement heeft mij 12 jaar trouw van onderdak voorzien, maar het is mooi geweest. Ik ben de oudste bewoner van dit pand. Niet dat dit zo erg is, maar ik wil ook wel eens in mijn huiskamer zitten zonder de buren woordelijk te kunnen volgen. Om nog maar te zwijgen van de borrelende waterpijpen die geregeld kletterend water vervoeren. Ik zou dit huis dan ook niet aanraden aan mensen met een kleine blaas. Wel aan iemand die van de hypnotiserende werking van een zoemend afzuigsysteem houdt overigens. Die kan zijn lol op in de woonkamer.
Daarbij wil ik dichter bij het werk gaan wonen. In de Randstad dus, niet er buiten. En – hier komt het – mocht jij, beste lezer, nog iets horen, weten, vermoeden van een leuke huurwoning… schroom niet om even te mailen:
De tip die leidt tot het door mij betrekken van een nieuwe huurwoning, levert de tipgever 100 euro op!
Ik hoor het hoongelach alweer op de achtergrond: ‘Ga maar achteraan staan, ik heb al tien mensen op mijn lijstje die ook graag iets van me willen horen als er iets vrij komt.’Ongetwijfeld, maar niet geschoten is altijd mis. Lees ook:

Categories
Mike's notities

Ikea ja!

Van de week was ik voor het eerst van mijn leven in meubelparadijs Ikea. Vandaag mijn eerste Ikea-kast in elkaar gezet. Nu hoor ik ook bij de groep Ikea-adepten. Goliat heet het ladekastje naast mijn bureau. Een grote naam die contrasteert met de slechts 58 centimeter dat hij hoog is. In elkaar zetten kostte zo’n twee uur. En dat terwijl de handleiding die volledig uit plaatjes bestaat, toch simpel lijkt. Maar ja, een echte doe-het-zelver ben ik niet, dus dan kom je automatisch op prefabmeubels uit. Van de week liep ik met Paul door de huiskamers van Ikea. Op zoek naar een bankstel, cd-kasten en een bureaukastje. Alles was makkelijk en snel te vinden. Vandaag de Goliat en een tafeltje in elkaar gedraaid (letterlijk). Volgende week begin ik dan wel aan de drie Benno’s. Wat een namen eigenlijk. Alsof je vreemde vrienden in huis haalt. Overigens was er recent nog een grappig relletje over de namen van de koopwaar. De Denen voelden zich beledigd omdat het Zweedse concern alle goedkope spullen een Deense naam had gegeven. Dure meubels hebben Zweedse namen, bedden hebben Noorse namen, stoelen en eettafels worden naar Finse plaatsnamen vernoemd. Maar de deurmat heet Roskilde, vernoemd naar een Deense stad. Er was een onderzoek van de Universiteit van Kopenhagen voor nodig om deze subtiele belediging aan het adres van de Denen te ontdekken. (Zie dit artikel in Elsevier over deze kwestie.)Hoe het ook zij, ik kan het niet langer ontkennen. Mijn Ikea-ontmaagding is een feit. Weer een stap verder op het pad van de burgertrut. Waar gaat dat heen in G-name? 🙂
Lees ook (of juist niet):