Posts Tagged ‘Uitgeverij Syndikaat’

STING: Nederlandse superheldenparodie | Vlog 244

Monday, October 14th, 2019

Het eerste album van Sting is verschenen bij uitgeverij Syndikaat. Sting: Familiegeheimen van Mark van Herpen is een superheldenparodie. Al duizenden jaren zorgt het fenomeen Sting voor veiligheid in de grote stad, maar de laatste 15 jaar laat deze superheld helemaal niets meer van zich horen. Dit heeft een misdaadgolf tot gevolg.

Wat ik van dit album vind, vertel ik je in deze vlog.

Bags, boards & comics: Lekker bezig met mijn stripcollectie | Vlog 222

Sunday, September 15th, 2019

Gisteren was ik op Stripfestival Breda en vandaag ben ik lekker bezig met mijn stripcollectie. Eindelijk heb ik maatregelen genomen om mijn comics te beschermen die in de kast staan en daarbij ben ik ze aan het baggen en boarden. Ook lees ik Generation X en blik ik even terug op Stripfestival Breda.

Studerende twintigers en hun dagelijkse strijd (volgens striptekenaar Ron Schuijt) | Vlog 73

Monday, November 12th, 2018

Tussen Katers & Spraakwater is het geslaagde debuut van stripmaker en animator Ron Schuijt.

Het kwam in 2013 uit bij uitgeverij Syndikaat. Het verhaal draait om drie vrienden van in de twintig, hun pogingen om vrouwen te versieren en vooral om die vrouwen ook een beetje te snappen. Schuijts Tussen Katers & Spraakwater is humoristisch, goed geschreven en zit vol met lekkere dialogen en overpeinzingen. Bij huidige standaarden wellicht een beetje politiek incorrect, maar dat pleit alleen maar voor deze strip die ik van harte aanbeveel.

Striprecensie: Spoedgeval

Wednesday, November 30th, 2016

Het eind van het jaar is in zicht, dus wordt het hoog tijd dat ik mijn schrijfkamer eens opruim. Er liggen een paar grote stapels strips die nodig eens uitgezocht moesten worden. Door een stapel struinend, stuitte ik op Spoedgeval van Daniel Arruda Massa.

Het was vooral de cover die mij opviel. Een tiener die angstvallig in een wachtkamer zit in gecombineerd met de titel van het album, maakt nieuwsgierig:

spoedgeval-coverNieuwsgierig sloeg ik het album open met de bedoeling een pagina te lezen, maar het werd al snel een hele leessessie.

Het spoedgeval uit de titel is de negentienjarige Ramon die op een avond na het hardlopen bloed plast. Hij wordt met spoed onderzocht in het ziekenhuis en daar wordt blaaskanker geconstateerd.

Stripmaker en graphic designer Daniel Arruda Massa doet vooral verslag van wat er daarna allemaal met Ramon gebeurt: welke onderzoeken hij krijgt, hoe de operatie verloopt en met welke angsten hij mee moet leven. Negentien jaar oud zijn is immers nogal jong voor blaaskanker. Dit maakt Spoedgeval sowieso bijna een educatieve strip omdat het een aardig beeld geeft van wat iemand met deze aandoening allemaal moet ondergaan.

spoedgeval-plassenDe cartooneske tekenstijl is niet subtiel, maar houdt het allemaal wel wat luchtig. Soms komt Arruda Massa met leuke visuele vondsten: de onderzoeken zien we steevast vanuit het point of view van de patiënt met in beeld vooral zijn twee benen terwijl, vaak een vrouwelijke arts in opleiding, tussen die benen aan het aankloten is. De operatie zelf beleeft Ramon alsof hij in een sciencefictionavontuur is beland. De artsen gaan in een soort onderzeeër de monsterachtige tumor te lijf.

Daniel, die ook de strip Zombie Hipsters maakte, baseerde zich voor Spoedgeval op de ervaringen van zijn broer.

En ondertussen ben ik dus niet veel verder gekomen met het opruimen van mijn kantoor. Maar ja, er kwam ook een spoedgevalletje tussendoor en die gaan altijd voor.

Daniel Arruda Massa. Spoedgeval
Uitgeverij Syndikaat / Strip2000, € 8,95

Marq van Broekhoven: ‘Jodocus heeft meer lezers nodig’

Saturday, March 5th, 2016

Het vierde deel van Jodocus de Barbaar is uitgekomen: De blinde ziener. Tijd om stripmaker Marq van Broekhoven te spreken over de stand van zaken betreffende deze originele en grappige reeks.

jodocus-4-coverDe blinde ziener is een typische Marq van Broekhoven titel, zou ik zeggen. Met Jodocus de barbaar maakt hij een strip die niet alleen een losse parodie is op het fantasy-genre, maar een verhaal bevat dat meandert als een rivier met veel flauwe bochten. Ik kijk in ieder geval altijd uit naar een nieuw deel omdat ik de humor in Jodocus erg kan waarderen, maar ook omdat Van Broekhovens liefde voor de strip en het verhalen vertellen aan iedere bladzijde is af te lezen. Jodocus is een sukkelige barbaar die zich voortdoet als prins Folio in de hoop zo het hart van de mooie Yazine te veroveren. In het vierde album zijn Jodocus en Yazine nog steeds op zoek naar de schat van prins Folio en krijgen ze hulp uit onverwachte hoek. Ondertussen zit de ware prins Folio nog steeds opgesloten in een torenkamertje van magiër Azeroth. Ook krijgen we korte scènes voorgeschoteld die duidelijk maken hoe het de andere personages vergaat.

Het is alweer een tijdje geleden dat ik de stripmaker sprak. Plannen om hem te interviewen op de laatste editie van de Stripdagen vielen in duigen door een te volle programmering. Dan maar even een telefoontje op een late vrijdagmiddag. ‘Ik heb het heel druk gehad op de Stripdagen. Ik was voortdurend aan het rennen van het ene kant naar de andere. Het signeren en dan moest ik weer een quiz presenteren en dan moest ik weer bij Robert van der Kroft opdraven omdat hij een oud lied van mij ging draaien en ik daar tekst en uitleg bij moest geven,’ vertelt de stripmaker die eigenlijk op het punt staat patat voor zijn gezin te halen.

Marq-van-Broekhoven1‘Vijf minuutjes interview kan wel even,’ zegt hij. Onze gesprekjes beginnen inmiddels een kleine traditie te worden. Maar ik vind dat het dan ook leuk om de strips van Marq onder de aandacht te brengen.

Deel vier van Jodocus is zojuist uitgekomen. Hoe bevalt de reeks tot nu toe?
‘Het is mijn favoriete reeks en dat zal het ook wel blijven, denk ik. Een heleboel dingen die ik leuk vind om te doen kan ik er in kwijt.’

Zoals?
‘Goeie vraag. Verhaallijnen die elkaar kruizen en weer uit elkaar wapperen. Spelen met conventies, buiten het verhaal ook nog een verhaal vertellen, een beetje ongebruikelijke grappen maken, lezers op het verkeerde been zetten… en ik hoop nog ooit zover te komen dat ik een scène maak waar mensen om moeten huilen. Dat staat nummer één op mijn to-do-lijstje. En ik denk dat alleen met Jodocus voor elkaar te kunnen krijgen.’

Aan het huilen zelfs. Dat klinkt extreem, Marq.
‘Haha! Ja, maar dat duurt nog wel even hoor. Ik moet eerst heel veel opzetten voordat ik mensen zover kan krijgen dat ze een traantje wegpinken. Jodocus is de strip zoals ik hem zelf altijd al had willen lezen.’

Ja, eerder vertelde je me al dat dit de strip was die je altijd al hebt willen maken. Wat voor reacties heb je tot dusver gehad op deze reeks?
‘Ik wilde zeggen dat de reacties alleen maar positief zijn, en dat is ook bijna zo. Er is wel één zure recensent die altijd al mijn werk afkraakt, maar ja, ik weet ondertussen wie het is. Die recensent vindt gewoon dat ik niet goed teken en dat ik te veel freewheel. Zijn kritiek is kritiek die ik ook wel zie als ik naar mijn werk kijk. Hij heeft het vermoeden dat ik bij Jodocus maar een beetje wat doe. Dat is niet helemaal het geval, maar ik snap wel waar het vermoeden verdaan komt. Hij mag die kritiek van mij hebben. Even goede vrienden. Hij noemt zichzelf Beauregard van het B-Gevaar.’

Maar wacht even, Beauregard wordt toch geciteerd achterop je album?!
‘Ja, en daar heeft hij me op de Stripdagen ook op aangesproken. Hij moest daar erg om lachen omdat ik uit zijn negatieve recensie net die paar halve quotes gehaald heb waardoor het allemaal heel positief klinkt. Daar zag hij zelf gelukkig ook wel de lol van in. Verder krijg ik eigenlijk altijd positieve reacties. Ik zou alleen willen dat meer mensen deze strip kende. Daar ontbreekt het nog een beetje aan.’

Je wilt meer lezers, bedoel je?
‘Ja. Ik word nu ook uitgegeven door Syndikaat. Ik wil niet zeggen dat ik gedegradeerd ben, maar uitgeverij Syndikaat werkt samen met Strip2000 en Syndikaat krijgt titels toegeschoven die maar net quitte spelen. Zij kunnen meer aandacht geven aan dit soort titels omdat het een kleinere organisatie is. Jodocus is daar nu dus naartoe verhuisd want ze verdienen nog weinig aan mijn strip. Ik zou willen dat dat wat meer werd.’

jodocus-sneeuwWat zijn je plannen om ervoor te zorgen dat Jodocus een household name wordt bij de striplezers?
‘Ja, da’s een goeie. Ik hou nu en dan een Jodocus show met diaprojecties waarbij ik zelf het verhaal voorlees. Zo komt de strip onder de aandacht bij mensen die het album uit zichzelf niet in zouden kijken. En ik bewerk stelselmatig enkele journalisten zoals een zekere Michael Minneboo die zo nu en dan een stukje schrijven… Haha! Weetje, ik ben niet zo goed in marketing. Ik hoop dat andere mensen dat voor mij oppakken.’

Nou ja, dat is ook de taak van je uitgever, toch?
‘Ook.’

Weet jij al helemaal wat er in het volgende deel staat te gebeuren? Als jij aan een album begint heb je dan het verhaal al helemaal uitgeschreven of begin je gewoon en kijk je wel waar het schip strandt?
‘Nee, het verhaal heb ik dan al helemaal in grote lijnen uitgeschreven. En met de zijlijntjes freewheel ik dan een beetje. De hoofdlijn is mij dus al volledig duidelijk. Voor de lezers overigens misschien niet, maar voor mij wel. In deel vijf zullen een aantal eindjes aan elkaar geknoopt worden. In het laatste plaatje kan ik dan “einde eerste cyclus” of iets dergelijks schrijven. En dan begint de tweede cyclus van vijf albums bij deel zes. Niet alle lijntjes zullen aan het einde van vijf gesloten zijn trouwens, want anders trekt de uitgeverij misschien de stekker eruit. Dat moet ik natuurlijk niet hebben.’

jodocus 4 strand

Ben je bang dat ze de stekker eruit zullen trekken?
‘Ja.’

Vanwege de tegenvallende verkoop?
‘Ja, ja. En vanwege het feit dat het al bijna zover gekomen was. Toen heb ik met ze gebrainstormd om Jodocus wat meer voor het voetlicht te krijgen. Zij dachten toen aan een magazineconstructie. Dat magazine zou zes keer per jaar verschijnen. Ik zat te brainstormen over dat magazine en wat daar dan allemaal in moest komen. Korte verhaaltjes, een dossierachtig iets. Dat soort dingen. De eigenlijke strip lag daardoor stil. Uiteindelijk vonden ze het toch leuker als er toch gewoon albums van Jodocus verschijnen omdat dat allemaal mooi in de boekenkast staat. En ik vind dat ook. Toen viel er een last van mijn schouders, want nu hoefde ik niet dat hele magazine te vullen. Ik kon me nu weer gewoon op het verhaal zelf concentreren. Ondertussen had dit vierde deel daarom wel een jaar vertraging opgelopen.’

Was dat ook niet een veel groter risico om zes keer per jaar dan zo’n Jodocus Magazine uit te brengen in plaats van een album?
‘Ze dachten dat er met zo’n magazine vaker iets verschijnt en dat er dan wat vaker aandacht voor Jodocus zou zijn zodat hij meer naamsbekendheid zou krijgen. Daar ging het eigenlijk om. Overigens sloten ze niet uit dat er uiteindelijk dan evengoed nog een album zou komen.’

jodocus-4-ridderIk kreeg bij het lezen van dit album een beetje de indruk dat je hebt laten inspireren door soaps. Er zit veel dialoog in je strip, veel talking heads, maar weinig actie. Die scène waarin de hofnar vrouwe Mina ten huwelijk wil vragen duurt twee en een halve pagina en hij draait nogal om de hete brei heen. De scène eindigt met een flinke cliffhanger. Het gedraal van Rich Forrester uit the Bold and the Beautiful lijkt er niets bij.
‘Als soap al een inspiratiebron is, dan is dat een onbewuste. Maar oude feuilletonstrips van rond de Tweede Wereldoorlog zijn wel een inspiratiebron. Ik noem een Prins Valiant, die ik natuurlijk uitentreuren ken. En daar zitten ook enorme, noem het maar soapscènes in. Dat speelt mee, vermoed ik. Plus het feit dat ik met Jodocus klein wil beginnen. Ik wil in een redelijk begrensde wereld starten en niet te veel uitpakken met grote scènes, gigantische monsters en almachtige tovenaars. Dat kan altijd nog. Lord of the Rings begint eigenlijk ook heel klein en bekrompen in de Gouw en zo. Uiteindelijk wordt het machtiger. Ik geloof overigens niet dat ik pagina’s lange gevechtscènes zal tekenen. Dat vind ik niet leuk om te doen. Wat ook meespeelt is dat ik strips interessant vind waar het draait om emotie en om hoe personages op elkaar reageren, hoe mensen met elkaar converseren en de misverstanden die daardoor kunnen ontstaan. Dat vind ik ook leuk om te doen. Misschien dat het daarom ook de soapkant op gaat.’

Ik kreeg al zin in de rest van het album na het lezen van de eerste twee bladzijdes waarin je telkens hetzelfde shot van de kust laat zien en een groep tentakels langzaam vanuit het water naar het strand komt. Uiteindelijk blijken die tentakels helemaal geen zeemonster te zijn, maar gedragen te worden door kleine grijze wezentjes. De sfeer zit er met die grappige scène al meteen goed in, vind ik.
‘Blupjes heten die wezentjes… Ik vind het zelf heel leuk om openingsscènes van albums te bedenken. Om die iets extra’s te geven. Ik wil die ook iets filmisch meegeven. Sowieso de hele strip eigenlijk wel. Daarom heb ik gekozen voor een redelijk strak stramien wat de stripplaatjes betreft. Ze zijn bijna allemaal even groot of het dubbele van elkaar.’

'Een goed begin is...'

‘Een goed begin is…’

Nu wordt het echt tijd dat Marq zijn gezin gaat verblijden met een eenvoudige doch voedzame maaltijd. Rest mij nog om iedereen de nieuwe Jodocus, en de eerdere albums, van harte aan te bevelen. Vind je het leuk? Geef meteen een vriend of vriendin ook een album cadeau, want de kleine barbaar kan nog wel wat naamsbekendheid gebruiken.

[hr]

Daarom Minneboo leest:
Als stripjournalist wil ik zoveel mogelijk strips onder de aandacht brengen. Daarom heb ik de rubriek Minneboo leest in het leven geroepen, om te laten zien hoe rijk en divers het medium strip kan zijn. De artikelen in deze rubriek zijn geen recensies (die teksten staan gepubliceerd in de bijhorende rubriek), maar kunnen thematisch zijn, een interview, een tekenstijl belichten of simpelweg een nieuwe uitgave kort aanstippen.

Blowrob expo in café Averechts

Friday, August 28th, 2015

Rob van Barneveld tekent inmiddels alweer tien jaar strips en dat viert hij met een expositie in café Averechts in Utrecht. Ook komt Bloem Magazine #2 van hem uit.

expo_rob_van_barneveld_blowrobStripmaker Rob van Barneveld (Utrecht, 1985) is een van de origineelste makers van de Nederlandse strip. Hij heeft een bijzondere blik op de wereld en die deelt hij in de reeks Rood gras: surrealistische strips met een vrolijke kronkel. Van het zelfde soort is zijn Bloem Magazine waar dit weekend het tweede nummer van uit komt. Zijn debuutalbum kwam in 2008 uit bij uitgeverij Bries, tegenwoordig heeft uitgeverij Syndikaat de eer om de strips van Rob te mogen uitgeven.

In 2013 interviewde ik Rob toen zijn piratenstrip De schat van Salami uitkwam.

Nu ken ik Rob al een paar jaar en laatst zaten we samen met Matt Baaij gezellig op een terras in Utrecht. Hij had een nummer van Bloem Magazine voor me mee en ik had een exemplaar van de nieuwste Schokkend Nieuws voor Rob. Een goede ruil. Het leukste aan Bloem Magazine is misschien nog wel dat Rob überhaupt het idee krijgt om zelf zomaar een magazine te maken en dat dan ook gewoon doet ook. ‘Ik keek vaak blaadjes door in de supermarkt en dacht: meh. Ik wachtte tot er een leuker blad kwam, maar die kwam maar niet, en dus besloot ik een poos geleden er zelf een te maken.’

Ik hou erg van die DIY mentaliteit. Niet op anderen wachten, gewoon zelf aan de slag en doen.

bloem_magazine_van_barneveldIn de expositie hangt vooral werk uit zijn nieuwste stripalbum Rood 1: Feestje met de regen. Voor de expositie heeft Rob zijn strips opnieuw getekend. Op zijn blog vertelde hij laatst waarom:

‘Anderhalve week terug een mail van café Averechts. Ze hadden mijn mail gezien met de vraag om te exposeren en het leek ze wel wat. Op een maandagavond stapte ik bedremmeld het café binnen om mijn werk te laten zien en al gauw was duidelijk dat ze het wel zagen zitten allemaal. Wel moest mijn werk wat groter, want de originelen die ik mee had waren veelal op a5-formaat en als expo werkt dat niet zo goed. Dus de volgende ochtend bedacht ik dat ik een selectie strips opnieuw ging tekenen, op groter formaat. Ik wilde geen printjes, dat is niet heel uniek en bij een expositie wil je echtheid zien. Kleine foutjes, mooi getrokken zwarte lijnen, dat werk. En hallo, het is mijn eerste echte expositie in 10 jaar. Dan doe je wat meer je best hè.’

Van Barneveld heeft er dus werk van gemaakt. Zaterdag 29 augustus wordt de expositie om 20 uur geopend. ‘ Oh en Bloem Magazine #2 is dan ook uit! Dus mocht je de expo niets vinden en niet houden van praten dan kun je dat gezellig gaan lezen in een hoekje, met andere Bloem-lezende mensen,’ aldus Rob.

Café Averechts
Lijsterstraat 49
3514 TB Utrecht

Uitgeverij Syndikaat wint Stripcultuurbeurs

Monday, October 13th, 2014

Uitgeverij Syndikaat bleek zaterdag 11 oktober op Stripfestival Breda de winnaar van de Stripcultuurbeurs.

logo-stripcultuurbeursAuke Deelstra en Marc de Lobie van Syndikaat krijgen 3.000 euro om hun plan te verwezenlijken: een grote stand bouwen om hun debuterende stripmakers van een plek op de beurs te voorzien die opvalt. ‘Uitgeverij Syndikaat investeert al jaren in risicovolle debuutprojecten. Wij geven talentvolle auteurs een kans zich op een professionele manier te presenteren naar het publiek. Met goed verzorgde albums, nieuwe lezersgroepen en gestructureerde pr. Maar er valt nog veel terrein te winnen. Wij geloven dat een professionele presentatie op beurzen veel bezoekers kan overtuigen van de Nieuwe Striptekenaars van Vandaag. Een stand is erg duur en verdient zich moeilijk terug. Daarom doen wij een aanvraag van € 3.000,- voor het bouwen van een volwaardige stand, zodat we kunnen blijven investeren in nieuw talent’, aldus de aanvraagtekst die Deelstra en De Lobie indienden bij de jury.

De Tilburgse tekstschrijver en freelance redacteur Noël Ummels kreeg de overige 1000 euro voor zijn project om stripmakers uit de Derde Wereld aan het werk te zetten met zijn scenario’s.

De Stripcultuurbeurs werd voor het eerst uitgereikt. Deze beurs is beschikbaar voor iedereen die een plan indient die een positieve bijdrage levert aan het Nederlandse beeldverhaal. Dat maakt deze beurs anders dan bijvoorbeeld de wijlen Marten Toonderprijs, een oeuvreprijs voor stripmakers. De Stripcultuurbeurs is in het leven geroepen door de gemeente Breda en de stichting Strips in Beeld.

Er waren zo’n dertig projecten bij de jury ingediend, onder andere door Kenny Rubenis en Aimée de Jongh. Ook ik had een project voor een serie video-interviews met stripmakers voor de Stripcultuurbeurs ingediend. Via deze weg wil ik de winnaars natuurlijk hartelijk feliciteren.

De onafhankelijke jury bestond uit Maartje de Haan, directeur van Museum Meermanno, Jos van Waterschoot, conservator populaire cultuur van de Universiteit van Amsterdam, en Jan Kamp, galeriehouder in Breda.

Syndikaat was uiteraard aanwezig op het festival. Van Rob van Barneveld is het nieuwe album Rood: Feestje met de regen net verschenen. Ook van Sandra de Haan is haar eerste publicatie bij Syndikaat net uit: Brom & Vlieg: Vliegangst. Dit album bundelt het beste uit vier smallpress boekjes, samen met strips die eerder in Zone 5300 verschenen. Brom & Vlieg zijn twee vliegen die leven op de hondenuitlaatplek in Rotterdam-Zuid waar ze het leven en het nieuws becommentariëren.

brom_vlieg_Vliegangst

Minneboo leest: Otto 3 – De uitverkorene

Friday, June 13th, 2014

In het derde Otto-album komt het guitige ventje met blonde krullen zowel in de hemel als in de hel terecht, wordt hij tewerkgesteld in een fabriek van een euvele, kapitalistische directeur én de werkplaats van de Kerstman. Ook gaat hij onder het kerkhof een biertje drinken met zijn overleden opa:

otto_3Dit grappige tafereel deed me denken aan de ondergrondse wereld zoals die wordt getoond in Tim Burton’s Corpse Bride:

otto_3_coverMaar dat heeft vooral te maken met hoe de tekenaar skeletten tekent. Sowieso lijkt Frodo De Decker, stripmaker en geestelijk vader van de Otto-reeks, geïnspireerd door allerlei bronnen. In zijn tekenstijl meen ik invloeden van de Max Fleischer studio te herkennen en dan met name de Betty Boop cartoons. Vooral hoe het personage van de directeur eruit ziet (rechts in beeld op de cover). Die zou niet misstaan naast Boop in een van haar avonturen. Veel van de grappen uit het nieuwe album lijken een hommage te zijn aan de humor uit dergelijke animaties.

otto_3_kerstmanDaar hoor je mij overigens niet over klagen. Ik vind Otto #3: De uitverkorene wederom fijn leesvoer. De Decker blijft erin slagen om tekstloze en grappige situaties te bedenken om zijn personage in op te voeren. Voorlopig verveelt Otto allerminst.

Terugblik Stripdagen Haarlem 2014: Stripambassadeurs

Tuesday, June 3rd, 2014

Affiche-Stripdagen-2014_typex

Met een tas vol strips en goede herinneringen onder de arm kwam ik thuis zondagavond. De Stripdagen Haarlem 2014 was zeer geslaagd. Een persoonlijk getint verslag.

Omdat de programmering van Haarlem tjokvol zit, mis je altijd meer dan je ziet, om Martin Bril maar even losjes te citeren. Daar staat tegenover dat het aanbod zeer divers is en dus voor ieder wat wils te bieden heeft. Het waren voor mij drie volle dagen met rondkijken, conversaties voeren, contacten leggen en koffiedrinken. Voor een stripjournalist zijn de Stripdagen niet alleen leuk, het is ook namelijk ook hard werken. Maar wel leuk werk natuurlijk. Ik doe er altijd ideeën op voor nieuwe artikelen.

Aan de babbel met Peter van der Heijden van Strip2000.

Aan de babbel met Peter van der Heijden van Strip2000.

Oorlog
Zaterdagochtend kwam ik bij de bushalte bij mijn huis Jules Calis tegen. Deze jonge, sympathieke stripmaker houdt zich bezig met stripjournalistiek. Hij heeft onder andere soldaten in Afghanistan geïnterviewd. Als het meezit komt in oktober dit jaar zijn album hierover uit. Het werk van Calis was ook te zien in de expositie over de nieuwe garde, een van de twee hoofdthema’s van het festival. Het andere was de Eerste Wereldoorlog.

Het was indrukwekkend om originele pagina’s te zien van de oorlogstrip Charley’s War die in de Vishal hingen. Vrijdagmiddag sprak ik even met Pat Mills die dit jaar speciale gast was en Charley’s War heeft geschreven. Het is altijd grappig om mensen in levende lijve tegen te komen die je eerst telefonisch hebt geïnterviewd. De tekenaar van de strip, wijlen Joe Colquhoun, maakte prachtige realistische tekeningen en wist het drama van de Eerste Wereldoorlog goed op papier te zetten. Helaas waren de pagina’s van het werk van Tardi die ernaast hingen, allemaal prints. Naar het schijnt is Tardi niet zo makkelijk in het uitlenen van zijn werk. Het panaroma dat Joe Sacco had gemaakt over de eerste dag bij de Slag van de Somme was zeer indrukwekkend. Het boekwerk heet The Great War en bestaat uit een lange, zeer gedetailleerde tekening die van links naar rechts het hele verhaal van die eerste dag vertelt.

Een detail van Sacco's The Great War.

Een detail van Sacco’s The Great War.

Strips on stage

Herman Roozen legt zijn model uit. Foto: Pieter van Cleef.

Herman Roozen legt zijn model uit. “Think inside the box” was zijn boodschap. Foto: Pieter van Cleef.

Zaterdag organiseerde de BNS de hele dag Strips on Stage in de toneelschuur. In thematische blokken van 50 minuten hielden vakmensen uit verschillende disciplines een presentatie. Het eerste blok ging over scenarioschrijven en daarin vertelden Ger Apeldoorn, Herman Roozen en Willem Ritstier wat hun schrijfmethode is. Die verschilt per persoon: Ritstier werkt veel vanuit de personages en op een vrij intuïtieve manier, terwijl Rozen serieuze schema’s maakt voordat hij gaat schrijven. Wat alle drie de heren gemeen hebben is dat ze allemaal nog veel langer hadden kunnen praten over hun vak dan de tijd die ze zaterdag hadden. Het scenario-onderdeel was helaas het enige wat ik kon bijwonen. Het is goed dat de BNS zich op een informatieve wijze manifesteert op het festival. De presentaties waren interessant voor zowel stripmakers als leken.

25 jaar Belgisch Stripcentrum
Het Belgisch Stripcentrum presenteerde de plannen voor de komende tijd. Het Stripcentrum huist in Brussel en bestaat dit jaar een kwart eeuw. Daarom presenteert het centrum drie volledig nieuwe exposities, waaronder een over het ontstaan van het stripverhaal en de tentoonstelling De kunst van het beeldverhaal waarin de bezoeker kennis kan maken met het gehele creatieproces van de strip. In de expositie zijn voorbeelden van allerlei strips opgenomen. Een mooie manier om een verhaal met het archief te vertellen. Vanaf 3 juni kan de liefhebber er trouwens terecht voor de tijdelijke tentoonstelling 100 jaar strips in de Balkan: Stripverhalen in verzet, over de stripverhalen die gecreeërd worden in de landen van het vroegere Joegoslavië. In oktober wordt het jubileum goed gevierd met een flink stripfeestje. Sowieso is Brussel een bezoekje waard vanwege de meer dan veertig stripmuren die door de stad verspreid zijn. Willem De Graeve, de directeur van het Stripcentrum, lichtte het een en ander toe tijdens een snelle presentatie.

Het Belgisch Stripcentrum

Het Belgisch Stripcentrum

Zaterdagmiddag had ik een goed gesprek met Kurt Morissens, mijn collega uit België. Kurt is hoofdredacteur van Brabant Strip Magazine en de site Stripelmagazine. Ook is hij trouwens de publiciteitsman van Strip2000. Kurt gaat al aardig wat jaartjes mee in de stripwereld en schrijft met veel plezier en passie over het beeldverhaal. Onder het genot van enkele pintjes hebben we notities uitgewisseld.

UIt het schetsboek van Romano Molenaar die bij Eppo zat te signeren.

UIt het schetsboek van Romano Molenaar die bij Eppo zat te signeren.

Nieuwkomers
Dit jaar was filmblad Schokkend Nieuws voor het eerst op de beurs aanwezig. Slim, want tussen de stripliefhebbers zit genoeg volk dat ook houdt van genrefilms. Ik hoop van harte dat nieuwe abonnees zich hebben aangemeld voor dit fijne tijdschrift. Aan het weer zal het niet gelegen hebben, want twee dagen lang straalde de zon je tegemoet. Het was dan ook goed druk op de buitenbeurs. Ook stond Stripgids tussen de uitgevers in de Philharmonie. Het is nog een beetje een geheim wellicht, maar dit Vlaamse blad is toch echt het beste striptijdschrift van de Benelux en staat vol strips, nieuws en diepte-interviews. Koen Van Rompaey, onder andere directeur van het Stripgids festival dat elke twee jaar plaatsvindt in Turnhout, was aanwezig om mensen uitleg te geven over Stripgids.

Zondag heb ik de uitgevers en stripmakers die in de Philharmonie zaten bezocht. Het was leuk bijpraten met Rob van Bavel van Eppo, Esther Gasseling van Uitgeverij Xtra en de mensen van uitgeverij De Harmonie, die ondanks een plekje achter in de zaal veel aandacht kregen van de bezoekers. Terwijl ik met Van Bavel sprak waren enkele Eppo-tekenaars druk met tekeningen maken voor de fans, waaronder Romano Molenaar en Gerben Valkema. De rijen voor de heren leken niet korter te worden, hoeveel ze ook tekenden.

Smallpress
Ook kwam ik Henk Schouten, een van de mannen achter Stripster tegen die een flink aantal small-pressuitgaven had aangeschaft. Henk gaat ook al jaren mee in de stripwereld en heeft een voorliefde voor nieuw striptalent. Het is leuk om hem te horen praten over de nieuwe ontdekkingen die hij op de beurs had opgedaan.

boek_marqvanbroekhovenZondag sloot ik de Stripdagen af met een terrasbezoek met stripmaker Marq van Broekhoven. Marq is een fantastische ambassadeur voor het medium. Met pretoogjes deed hij zijn koffer open om zijn aanwinsten te laten zien. Albums van onder meer Peyo en de reeksen Ravian en Comanche. Van Broekhoven heeft een boek volgeschreven met columns over zijn stripliefde. Die stonden voorheen in stripblad Myx. Ik hoop van harte dat hij binnenkort de reeks teksten ergens voortzet, want de columns zijn erg vermakelijk. En dat zijn z’n albums trouwens ook.

Ambassadeurs
Terwijl Marq en ik nog een laatste drankje dronken om op een geslaagd weekend te toosten, werd de buitenbeurs afgebroken. Over de Grote Markt liep Joost Pollmann tussen de lege stands. Deze editie was de tiende en laatste waar hij als creatief directeur bij betrokken was. In de afgelopen jaren heeft hij een duidelijke stempel gedrukt op de Stripdagen Haarlem, met een focus op de grafische roman en buitenlandse stripculturen zoals de Arabische strip en de Strips uit Oost-Europa, waar een online database voor in het leven werd geroepen. In laatste drie edities werd hij bijgestaan door zakelijk directeur Thamara van Rijn. De stripdagen Haarlem 2014 was dus de definitieve afsluiting van het Pollmann-tijdperk. Wie hem gaat opvolgen als creatief directeur is nog niet bekend, maar de geruchtenmachine draait natuurlijk op volle toeren.

In feiten zijn Joost, Thamara, Willem, Koen, Marq, Henk, Kurt, de uitgevers, stripmakers, stripbladen en ondergetekende allemaal stripambassadeurs. Op onze eigen wijze en met onze eigen stokpaardjes proberen we het beeldverhaal onder de aandacht te brengen bij het publiek. Soms doen we dat op grote wijze met een enorm stripfestival midden in de stad, of door het bestieren van een stripmuseum, soms door erover te schrijven of gewoon door aan vrienden die ene strip uit te lenen die ze echt eens moeten lezen.

Dagboek van een stripjournalist: Stripfestival Breda 2013

Sunday, October 27th, 2013

Stripfestival Breda was dit jaar in het laatste weekend van oktober. Uiteraard heb ik het stripfestijn ook een dag bezocht. Het was een prima werkdag voor deze stripjournalist. Een selectieve impressie.

Laat ik eens op tijd gaan, dacht ik dit jaar. Om tien uur ‘s ochtends gingen de deuren open van het Chassé Theater en er stond al een aardige rij fans te wachten. Gelukkig had ik een persticket en kon ik redelijk snel naar binnen. Daar vond ik al een flinke rij mensen voor de Eppo-stand, vooral voor de mannen achter Storm. De fans wilden kennelijk een mooie tekening in hun nieuwe album en waren bereid daarvoor te wachten. Ik vermoed dat veel fans al een aardige verzameling tekeningen hebben verzameld. De Eppo-uitgever boft met die trouwe lezers die de kassa’s goed laten rinkelen. Het deed me denken aan de hype rond de iPhone: mensen stonden van de week in dikke rijen om de nieuwe telefoon voor 700 euro aan te schaffen. Gekkenhuis. Voor dat geld kun je een leuke start maken met je stripverzameling.

Douwe Dabbert
douwedabbert_coverRob van Bavel, hoofdredacteur van Eppo maar ook de directeur van stripfestival Breda, had het druk, maar had even de tijd om kort te praten over de rubriek Stripplaatje onder de loep en mij het nieuwe album van Douwe Dabbert te geven waar ik een aflevering over ga schrijven. Uitgeverij Barabas, onderdeel van stripwinkel Barabas, bracht op het festival het tweede deel van de luxe reeks van Douwe Dabbert uit. Deze albums worden in een kleine oplage op de markt gebracht. Wie de hele reeks wil kopen betaalt maar liefst €149,95 per deel. Daarom ben ik erg blij dat de Don Lawrence Collection de reeks van Thom Roep en Piet Wijn ook als reguliere albums uitgeeft die slechts 7,95 per stuk kosten. Ik vind de verhalen over Dabbert erg leuk, maar ben niet een fan die 150 euro voor een verhaaltje over heeft.

ward1Ook nam ik het eerste deel van Ward mee. In Eppo sla ik de vervolgverhalen altijd over totdat ik ze in hun geheel kan lezen. Ik ben benieuwd wat de samenwerking tussen Willem Ritstier en Marissa Delbressine voor strip heeft opgeleverd.

Op stripbeurzen is het voor mij veel praten met stripmakers en uitgevers. Nieuwe boeken die interessant zijn voor een bespreking of interview krijg ik mee. Soms kan ik er wat mee, soms ook niet. Het hangt er een beetje van af welk tijdschrift er ruimte voor heeft. Als ik het album niet in de VPRO gids kwijt kan of elders, maar ik vind het toch interessant, dan doe ik er online iets mee middels een artikel of een video.

Ik sprak onder andere uitvoerig met de mannen van Syndikaat die Struikelen van Pieter Rosseel presenteerden dit weekend. Struikelen is het verhaal van vier twintigers in hun laatste maanden op kamers in Gent. Dit is het stripdebuut van de Vlaamse Rosseel die na zijn studie architectuur er toch voor koos om stripmaker te worden.

Een boeiend gesprek had ik met Eelco Koper die op de beurs een gratis preview van zijn comic Superhelden aan het uitdelen was. In januari komt het eerste nummer uit. Koper straalt van de ambitie om de Nederlandse lezer op goede superheldenstrips te trakteren. Hij wil iedere maand een comic van 40 pagina’s uit brengen die slechts 2 euro gaat kosten. In de comic zal niet alleen een verhaal staan van zijn eigen creatie Cat-Man, ook zullen onder andere Savage Dragon van Erik Larsen, Mudman van Paul Grist en Ultra Duck van Edgar Delgado en Humberto Ramos hun opwachting maken. Koper wil de verhalen in delen publiceren, wat zijn uitgave de comicvariant van de Eppo zal maken. Het wordt wel superhelden Nederlandse stijl: Savage Dragon gaat Woeste draak heten; Mudman wordt Modderman. Uiteraard vind ik dit als comicliefhebber, een heel tof initiatief.

Een van de drie tekeningen die Spaey in een handomdraai op papier zette.

Een van de drie tekeningen die Spaey in een handomdraai op papier zette.

Leuk aan deze editie van Breda vond ik de kennismaking met Kristof Spaey. We kenden elkaar al via Facebook, maar nu hij druk zat te tekenen in de stand van Het Vlaamse Onafhankelijke Stripgilde, precies ook de mensen achter Strike & Stroke, konden we elkaar eens de hand schudden. Meteen kocht ik de trilogie Misschien Nooit Ooit, getekend door Spaey en geschreven door Marc Legendre. (Legendre krijgt overigens dit jaar de Bronzen Adhemar, de belangrijkste Vlaamse stripprijs, tijdens het Stripgids festival uitgereikt.) Spaey tekent in een realistische en toegankelijke stijl. De strip ziet er op het eerste gezicht aantrekkelijk uit, evenals de hoofdpersonages. Overigens vertelde de tekenaar dat hij modellen gebruikt voor de personages. Terwijl we aan het babbelen waren, tekende Kristof op ieder schutblad een van de drie hoofdpersonages uit het verhaal. Ik heb daar video-opnames van gemaakt en zal die binnenkort publiceren. (Ja, dames, wij mannen kunnen heus wel multitasken, als het maar leuke activiteiten betreft.)

Een andere leuke eerste ontmoeting was met de Vlaamse Catherine Dejonghe. Deze dame houdt zich eigenlijk pas sinds een jaar met het beeldverhaal bezig, maar heeft zich dankzij een prominente aanwezigheid op Facebook en het organiseren van onder andere een megasigneersessie in Vlaanderen, al goed in de picture gespeeld. Ze straalt dan ook veel enthousiasme voor het medium uit. (Zie hier de foto’s die ze tijdens het stripfestival maakte.) Naast haar zat Michel die speciaal uit België naar Breda was gekomen om een originele tekening te bemachtigen van de Amerikaanse tekenaar Terry Dodson. Het was nog maar de vraag of het ging lukken, want Dodson schijnt soms heel veel tekeningen op zo’n dag te maken, maar soms ook bijna niets. Het hangt van zijn bui af. Ik hoop dat Michel die dag met een mooie tekening naar huis ging.

Betaald signeren
snippers_2Een groot verschil tussen Amerikaanse tekenaars en hun Nederlandse collega’s is dat ze geld vragen voor een illustratie. Eigenlijk is dat ook niet meer dan normaal. In plaats van een dag te kunnen werken aan hun strips, zitten ze op een beurs te signeren. Als je je bedenkt dat veel van hun tekeningen later op Ebay verkocht worden voor goed geld, is het niet gek dat ze er zelf ook iets voor willen terug zien.

Eigenlijk is het heel gek dat Nederlandse tekenaars zo’n heel weekend gratis zitten te werken. Goed, ze verkopen er meer albums mee, maar toch: hulde dat ze bereid zijn dit te doen. Vaak zien ze elke beurseditie dezelfde fans aan hun tafel verschijnen voor een nieuwe tekening. Veel stripliefhebbers bezoeken juist de stripbeurzen omdat ze hun favoriete tekenaar kunnen ontmoeten, dus die stripmakers brengen veel bezoekers in de tent en een goede omzet voor de beursorganisatie. Ik heb daarom nooit begrepen waarom de organisatie achter de Stripdagen in Gorinchem de tekenaars geen vergoeding geeft of in ieder geval hun onkosten vergoedt als ze het hele festival hard zitten te tekenen.

(Het standaardantwoord op die vraag is overigens dat daar geen geld voor is. Er wordt door de beursorganisatie geld verdiend dankzij die stripmakers en die mogen daar wat voor terugkrijgen. Natuurlijk maakt de organisatie een hoop kosten, dus mocht het niet betaald kunnen worden uit de verhuur van kraampjes, dan kan er wellicht sponsoring voor gevonden worden. Voor mij is deze situatie een mooi voorbeeld van hoe de Nederlandse stripsector minder professioneel is dan die in bijvoorbeeld de Verenigde Staten. Ik zeg niet meteen dat ik een antwoord op dit soort kwesties heb maar het kan geen kwaad om ze aan te blijven wakkeren. Omdat iets altijd al zo was, hoeft niet te betekenen dat het altijd zo moet blijven.)

leever_pimpamDe stripmakers die ik gisteren sprak maakten allemaal een goedgeluimde indruk. Gerard Leever zat zijn nieuwste albums te signeren. Een paar jaar geleden heb ik hem geïnterviewd over de autobiografische strip, maar dit was de eerste keer dat we elkaar face to face spraken. Omdat hij te druk is met andere projecten, maakt Gerard tegenwoordig nog maar een aflevering per jaar van zijn stripdagboek Gleevers dagboek. Jammer natuurlijk, want het is een erg leuke strip. Aan de andere kant moet je ook weer niet eeuwig doorgaan met een reeks. Wat mij betreft gaan sommige reeksen echt te lang door. Maar goed, zolang de tekenaar er nog plezier in heeft en de lezers ook, wat is daar dan eigenlijk mis mee.

Aimée de Jongh signeerde haar nieuwste Snippers-album. De tweede alweer. Overigens zijn daar ook luxe harde kaft-edities van uitgekomen.

Tientallen portretten
Bij Marq van Broekhoven kocht ik zijn bundel stripcolumns De wereld die strips heet. Hansha, een collega-tekenaar vroeg aan hem of Marq een portret van hem wilde tekenen. Hansha had een schetsboekje vol met portretten, allemaal gemaakt door andere tekenaars. Ook dat staat natuurlijk op video en zal ik laten zien in een nog te verschijnen Daily Webhead-aflevering.

marq_zelfportret

Naast Marq zat Mars Gremmen, die de vaak ijzersterke redactiecartoon in Eppo maakt en waar zojuist het tweede album over Trix bij Strip2000 verscheen, sexy cartoonmeiden te tekenen voor de liefhebbers. Ik had Gremmen nog nooit ontmoet, dus vond het erg leuk om eens met hem te praten.

Ook heb ik kort kennisgemaakt met de mensen achter Strips2Go en de eerste drie nummers meegenomen. Kan ik eindelijk eens zien wat daar in staat, want tot nu toe had ik nog geen pagina ervan gezien. Wel jammer dat Strips2Go verstopt zat ergens aan het einde van de beurs in de Jupilerzaal.

Het was fijn even koffiedrinken met Kenny Rubenis. We kennen elkaar al een paar jaar, maar hadden nooit eens sociaal rond de tafel gezeten. Rubenis maakt leuke, soms ontwapenende strips die hij als smallpress uitgeeft. Ook werkt hij veel in opdracht.

Avondeten deed ik met stripvrienden Matt Baaij en Rob van Barneveld. Een verse collega van Syndikaat, Chiel te Bokkel, voegde zich bij ons gezelschap. Dat werd natuurlijk melig placemats voltekenen in het restaurant. (En ja, ook daar is videomateriaal van gedraaid.)

lemuriaTig spareribs later was het tijd om met de Fyra naar huis te gaan. Onderweg las ik wat columns van Van Broekhoven – die ik je bij deze echt kan aanraden. Over stripliefde gesproken. Ook las ik een preview van The lost tales of Lemuria. Deze comic is geschreven door Sytse Algera (De Vries) en getekend door Apryadi K en behoort tot het science fiction/fantasy genre. Het schilderwerk van Apryadi Kusbiantoro doet denken aan de strip Storm. Algera, die ook bij de organisatie van stripfestival Breda zit, timmert als scenarist aardig aan de weg. Van De Vries zijn inmiddels twee albums verschenen die in Eppo werden voorgepubliceerd. Ik ben benieuwd hoe deze nieuwe serie door de Eppo-lezers ontvangen zal worden.

Terugkijkend op deze editie van de beurs kan ik zeggen dat het voor mij als stripjournalist een goede dag was, al heb ik niet iedereen kunnen spreken die op mijn lijstje stond. Volgend jaar zal ik bij de smallpressers beginnen, want daar valt volgens mij nog een hoop moois te ontdekken.

Check ook deze fotoserie op Bredavandaag.nl.

Rob van Barnevelds aparte blik op de wereld

Wednesday, July 10th, 2013

Rob van Barneveld maakt surrealistische strips met een vrolijke kronkel.

Stripmaker Rob van Barneveld (Utrecht, 1985) is een goed bewaard geheim van de Nederlandse strip. Hij heeft een bijzondere blik op de wereld en die deelt hij in de reeks Rood gras: surrealistische strips met een vrolijke kronkel. In zijn tweede album Vannacht is mijn vriendin in een ijsje veranderd belt een eenzame rotonde een datingbureau, verandert Robs vriendin daadwerkelijk in een ijsje en wordt zijn oma niet begraven maar vliegt ze de lucht in met een rode sportwagen. ‘Als je overlijdt word je begraven of gecremeerd. Ik zou het fijn vinden als er meer keuzes zijn, dat je bijvoorbeeld kunt eindigen als een theezakje omdat je altijd zo veel thee hebt gedronken,’ vertelt Van Barneveld.

roodgras_liefde
Bijna iedere werkdag publiceert hij een nieuwe aflevering op www.roodgras.nl. Inspiratie voor zijn verhalen haalt hij uit het dagelijks leven en vooral uit voorvallen die minder fijn zijn: ‘Nare dingen inspireren me meer. Als ik chagrijnig ben of niet helemaal lekker in mijn vel zit, krijg ik makkelijker inspiratie voor een vrolijk stripje, want op die manier vrolijk ik mezelf ook een beetje op. Als ik op een zaterdagmiddag met muziek op mijn hoofd door de regen loop, bedenk ik hoe het beter zou kunnen. In plaats van regen zou het leuker zijn als er boterhammen uit de wolken vallen.’

Die aparte blik op de wereld heeft Van Barneveld eigenlijk altijd gehad. Als kind wist hij zichzelf goed te vermaken door op zijn kamertje te tekenen of de stripcollectie van zijn vader door te lezen. ‘Volgens mij was ik wel een apart jongetje: ik praatte altijd in mezelf en had een onzichtbare vriend. Maar ik speelde ook wel buiten met andere vriendjes in de buurt, hoor.’

roodgras

Steunkleur
In het begin waren de stripjes zwart-wit en verwees de titel naar de rode steunkleur die Van Barneveld gebruikte. Rood was het verbindende element in een reeks die verder alle kanten op gaat: ‘Er kon van alles in de strip gebeuren, maar het gras is altijd rood. Dat was de enige restrictie die ik mezelf stelde.’

Van Barneveld hanteert een geheel eigen handschrift en tekent zijn strips passend in een eenvoudige, ietwat naïeve stijl. ‘Daar heb ik niet bewust voor gekozen, ik kan eerlijk gezegd niet anders tekenen. Mijn stijl is simpel en spontaan, en daar hou ik ook van.’

Schateiland
schatvansalami_coverRecent kwam bij uitgeverij Syndikaat De schat van Salami uit, een zeer vrije bewerking van het klassieke boek Schateiland. Van Barneveld voegde robots, waterreuzen en heksen aan het verhaal toe. In tegenstelling tot Rood gras, dat op verschillende niveaus werkt, is De schat van Salami vooral een album voor kinderen. ‘Ik wilde een ouderwetse, maar eigentijdse avonturenstrip maken. Het moest niet te pretentieus worden. De zoektocht naar de schat is geen metafoor voor opgroeien of puberteit,’ verzekert de stripmaker.

Autist
Naast striptekenen werkt Van Barneveld in de gehandicaptenzorg. Hij begeleidt kinderen met autisme, met een verstandelijke beperking of gedragsproblemen. ‘Voor een autistisch kind is een dag groot en heel onvoorspelbaar. We proberen de dag in stukjes te hakken en overzichtelijk te maken door onder andere pictogrammen te tekenen van de activiteiten die gedaan moeten worden. Ik vind het heel boeiend werk, want door die kinderen ga je op een andere manier naar de wereld kijken.’

Van Barneveld koestert plannen voor een strip over de gehandicaptenzorg om lezers meer inzicht te geven van wat men allemaal in de zorg doet. ‘Wat mij opvalt aan strips over gehandicapten is dat ze alles zo karikaturaal voorstellen,’ zegt Van Barneveld. ‘Een gek heeft wilde haren en draagt een dwangbuis en iemand met het syndroom van down ziet er ook heel overdreven als zodanig uit. Ik zou graag een meer genuanceerde strip maken, zoals Blankets van Craig Thompson. Daar zit iemand met een verstandelijke beperking in en dat doet Thompson heel mooi.’

Dit artikel is in VPRO Gids #28 (2013) gepubliceerd.

Minneboo leest: Bunbun #2 – Oh no, not again

Wednesday, May 29th, 2013

Oh no, not again heet het nieuwe Bunbun-album van Matt Baay en dit keer heeft hij ook zijn stripmaakvrienden ingeschakeld om een bijdrage te leveren. Maaike Hartjes, Paul Stellingwerf, Frodo De Decker, Rob van Barneveld, Boris Peeters, Aleks Deurloo, Sam Peeters, Jeroen Funke, Ruben Steeman en Aimée de Jongh tonen ieder hun eigen interpretatie van het witte konijn dat al zo negen jaar de pagina’s van strippend Nederland onveilig maakt.

Paul Stellingwerf weet met zijn gastbijdrage dicht op de sfeer van het origineel te blijven.

Paul Stellingwerf weet met zijn gastbijdrage thematisch dicht op de sfeer van het origineel te blijven.

Het is leuk om te zien hoe andere stripmakers omgaan met de terugkerende thema’s die het Bunbun-universum uitmaken: de zucht naar wortels, seks en grote pikken. Baay heeft er een handje van om eindeloos te variëren op deze thema’s. Zo nu en dan mixt hij er een sprookjes- of filmparodie doorheen. Soms doet hij dat door een visuele grap en een knipoog naar het medium, maar dikwijls doet hij dat ook lekker plat.

bunbun_tekent

Bunbun blijkt ook zijn eigen gasttekenaar.

Objectief kan ik niet over Bunbun oordelen, daarvoor ken ik de geestelijk vader en het konijn te goed. Ik ben al jaren fan van de strip. Toen ik redacteur was van de site IntermediairForward, een plek waar starters op de arbeidsmarkt terecht konden voor informatie over solliciteren en vacatures, wilde ik de site aantrekkelijk maken door ook iets met strips te doen. Ik heb toen Baay gevraagd om een reeks animaties te maken over Bunbun in een arbeidssituatie. Op een speelse manier konden we zo sollicitatietips kwijt. Bunbun vond het prima om te doen alsof hij solliciteerde, zolang het honorarium maar uit een flinke berg wortels en enkele bereidwillige groupies bestond. Verder niets te klagen over deze acteur.

Ravijn
Al snel schreven Matt en ik de serie samen. Met plezier denk ik terug aan onze plotsessies, die vaak plaatsvonden in een Utrechts restaurant. ‘Kunnen we niet een bus vol met marketeers een ravijn in laten rijden?’ vroeg ik Matt. Dat leek me wel passend aangezien marketeers mij het leven erg zuur maakten indertijd. ‘Natuurlijk kan dat!’ zei Matt opgewekt. En zo bedachten we dan een verhaaltje rondom deze scène dat ook nog eens Intermediair genoeg was om op de site gepubliceerd te worden.

Ik ben wat dat betreft Hille van der Kaa, die toen chef online was bij Intermediair, nog steeds dankbaar dat ook zij de humor van Baays konijn inzag.

Maar goed, ancient history.

Oh no, not again? Jazeker wel. Van Bunbun krijg ik nooit genoeg.

Een recent interview met Baay over dit nieuwe album staat op Stripelmagazine.

Matt Baay en anderen. Bunbun #2 – Oh no, not again
Uitgeverij Syndikaat, € 14,95

Daarom Minneboo leest:
Maandelijks krijg ik van veel uitgeverijen stapels strips toegestuurd. Daar zit veel moois tussen, maar niet alles is geschikt voor de bladen en opdrachtgevers waar ik voor schrijf. Toch wil ik deze uitgaven onder de aandacht brengen. Daarom heb ik de rubriek Minneboo leest in het leven geroepen, om te laten zien hoe rijk en divers het medium strip kan zijn. De artikelen in deze rubriek zijn geen recensies (die teksten staan gepubliceerd in de bijhorende rubriek), maar kunnen thematisch zijn, een tekenstijl belichten of simpelweg een nieuwe uitgave kort aanstippen. Verwacht vooral veel recent verschenen strips, met zo nu en dan een album dat ik op dit moment lees en waar ik iets over kwijt wil.