Categories
Striprecensie Strips

Zen zonder meester

Zen zonder meester is het stripdebuut van schilder/illustrator Frenk Meeuwsen. Ik vind het een heel fijne strip.

Frenk Meeuwsen (1965) studeerde aan de Gerrit Rietveld Academie en Rijksacademie van beeldende kunsten in Amsterdam. Daarnaast haalde hij een zwarte band in karate. Zen zonder meester is zijn stripdebuut. Hierin vertelt hij over zijn fascinatie voor het Japanse boeddhisme en spiritualiteit. Meeuwsen woonde in de jaren negentig in de Japanse tempelstad Kyoto. Oorspronkelijk kwam hij daar om te schilderen, maar al snel begon Meeuwsen te werken in een animatiestudio waarin hij dagenlang vooral ogen tekende. ‘Vooral waterige blauwe meisjesogen zijn mijn specialiteit,’ vertelt hij in het boek.

In Zen zonder meester verhaalt hij over zijn ervaringen in Japan, zijn visie op zen, en wisselt hij stukken over de geschiedenis ervan af met jeugdherinneringen. Het is dus een zeer persoonlijk, vaak anekdotisch verhaal, waardoor de lezer ook veel oppikt over Japanse cultuur.

Charlatans
Meeuwsen dweept niet en houdt een kritische blik: zijn afkeur voor zenmeesters, die vaak charlatans blijken te zijn, komt duidelijk naar voren in de strip. Zen kun je prima bedrijven zonder meester, vind Meeuwsen, vandaar ook de titel van het boek. Wie spirituele verlichting zoekt, hoeft eigenlijk alleen maar in de juiste meditatiehouding te gaan zitten en te blijven oefenen. Meeuwsen toont in een paar bladzijden hoe je dat doet.

Zen zonder meester is een combinatie van autobiografie, instructie en geschiedschrijving, verpakt in een losse vertelstructuur en een aangenaam, rustig leestempo. Het boek is moeilijk neer te leggen. En toen ik het uit had, pakte ik het nog eens op om er weer doorheen te bladeren. Misschien komt dat ook omdat ik zelf ook een lichte fascinatie met Japan begin te ontwikkelen en daarom graag over Meeuwsens ervaringen las. Ook heb ik jaren geleden een tijdje aan zazen gedaan. Een vorm van zen meditatie waarin je voornamelijk zit. De stukken over de geschiedenis van het Japanse boeddhisme en zen vond ik daarom erg interessant. Evenals wanneer Meeuwsen vertelt over de markante mensen die hij ontmoet en over hoe hij als westerling Japan ervaart.

Motoronderhoud
Herkenbaar was voor mij het hoofdstuk waarin hij Zen en de kunst van het motoronderhoud ontdekt. Het boek van Robert M. Pirsig is een klassieker dat ik las als vroege twintiger. Ik kan me echter niks inhoudelijk meer van het boek herinneren, maar weet nog wel dat ik het toen geboeid tot de laatste bladzijde las. Meeuwsen geeft een beknopte impressie van Zen en de kunst van het motoronderhoud en maakt duidelijk waarom dat boek zo’n indruk op hem maakte.

De strekking van Pirsigs boodschap is even simpel als doeltreffend: het leven draait om kwaliteit. Wanneer je iets met aandacht doet, ontstaat er kwaliteit. Aandacht is dus de sleutel tot het gevoel van vervulling.

Het idee van leven in het ‘nu’, wat tegenwoordig mindfulness genoemd wordt, is dus al een heel oud idee. Iets waar je telkens weer opnieuw voor moet kiezen en aandacht voor moet hebben, wil je ooit een staat van ‘verlichting’ bereiken.

Ik ben na een tijdje gestopt met mediteren: nog steeds voel ik me te onrustig om dat weer op te pakken. Misschien moet ik weer gewoon gaan zitten, met de instructie van Meeuwsen in mijn achterhoofd.

Lees hier een preview van het boek.

Frenk Meeuwsen. Zen zonder meester
Uitgeverij Sherpa, € 19,95

Categories
Mike's notities

Sterfelijk

Als ik dood ben, weet ik niet eens meer dat ik geleefd heb. Alles wat ik heb meegemaakt, alles wat ik heb gedaan en gelaten… Alles wat ik heb gevoeld en ervaren, gedacht en gedroomd. Alles is dan weg. Alsof het nooit heeft bestaan.

roos
Die gedachte spookte door mijn hoofd toen ik laat vrijdagmiddag door het centrum van Amsterdam liep.

Wat heeft het allemaal voor zin?

Ik keek om me heen en zag tientallen mensen over straat, bezig met hun eigen zaken. Hun hoofden vol met dromen, liefde, haat en to-do-lijstjes. Maar bovenal: heel veel ervaringen opgeslagen. Ook zij weten niet meer dat ze geleefd hebben als ze hun laatste adem hebben uitgeblazen. Opeens zag de geraamtes door hun huid heen. Het centrum zat vol met wandelende skeletten.

Natuurlijk, anderen weten nog wel dat ze er ooit waren, maar als van die mensen ook de hersenactiviteit ophoudt, dan zijn de sporen gewist. Tenzij je iets maakt dat blijft, of dat je in ieder geval een langere tijd overleeft. Boeken, kunst, films, foto’s, gedichten, blogposts.

Denken aan de dood doet me beseffen dat ik nog meer moet proberen van nu te genieten en niet te veel denken aan later. Later is niets. Later is langzaam wegrotten in een kist of verstoffen in een urn. Nu kun je op allerlei manieren invullen, maar er is geen oneindig veel nu. Nu is beperkt aanwezig.

Ook geluk en schoonheid zijn maar tijdelijk. Een mooie bos rozen gaat bijvoorbeeld maar een week of zo mee.

Denken aan de dood doet me beseffen me weer te richten op zaken die ik belangrijk vind en om alles wat niet-relevant is, te negeren. Maar ook doet de dood me beseffen hoe onbelangrijk de dingen zijn die we doen.

Categories
Mike's notities

Niet zo mindful

strand-zandvoort
Strand bij Bloemendaal.

Gisteren zijn Linda en ik naar Zandvoort gegaan om over het strand te wandelen. Vlak voordat we aankwamen begon het te regenen, toch zijn we het strand opgegaan. Ik merkte na een minuut of tien dat mijn jas allesbehalve waterdicht is en ook mijn broek begon aardig wat water op te zuigen. Dat mocht de pret niet drukken, hoewel ik later in een restaurantje pas merkte hoe klam ik was geworden. Pas thuis, toen ik droge kleren had aangetrokken, voelde ik me weer een beetje beter.

Waarom naar het strand? Ik heb altijd het idee dat ik dat moet doen in mijn vakantie. Ik kan immers niet de hele tijd op de bank zitten stripjes lezen. Misschien komt het wel omdat mijn moeder vroeger altijd zei dat het goed was om te wandelen en buiten te zijn. Ik geef haar geen ongelijk, maar in eerste instantie voelt dat altijd als iets wat ik moet doen, in plaats van iets wat ik wil doen. Toch ben ik uiteindelijk altijd blij als ik het toch doe. Vooral achteraf trouwens, als ik weer thuis ben en terugdenk aan de wandeling.

Dat is niet heel mindful. Dat geef ik meteen toe. Ik ben ook niet zo mindful. Niet zoveel als ik zou willen. Mijn hoofd is zelden op de plek waar de rest van mijn lichaam aanwezig is. Lastig. Iets waar ik aan wil gaan werken de komende tijd. Gisteravond zat vlak voor het slapen gaan even niets te doen op de stoel die in mijn kantoor staat en uitkijkt over het Westerpark. Het was eigenlijk de eerste keer in mijn vakantie dat mijn hoofd even rust kreeg.

Nu ben ik al anderhalve week niet op Facebook geweest en ook Twitter laat ik even links liggen. (Linkjes plaats ik nog wel braaf omdat ik weet dat veel mensen vriendjes op Facebook met me zijn omdat ze dit platform als veredelde rss-feed gebruiken.) Ik wil een tijdje leven zonder al die stemmetjes in mijn hoofd die me linkjes aanraden of meninkjes verkondigen. Toch merk ik dat mijn brein daar behoefte aan blijft houden. Het is een verslaving waar je niet makkelijk vanaf komt. Ik niet in ieder geval. Toch wil ik het de komende tijd gaan doen zonder ongevraagde input van anderen. Meer op die stoel gaan zitten zonder iets om handen te hebben.

Categories
Fotoblog

Zenmoment #5

Categories
Fotoblog

Zenmoment #4

Categories
Fotoblog

Zenmoment #3

Categories
Fotoblog

Zenmoment #2

Categories
Fotoblog

Zenmoment #1

Categories
Daily Webhead Video

Video: Pauze

Soms moet je er even tussenuit. Pauze van de drukte, van je werk, van de buren, van de overburen, van de stad. De natuur in. Gelukkig zijn bos en kust niet al te ver in Nederland.

Een Daily Webhead voor mensen met geduld en zin in rust.

De muziek in deze Daily Webhead is weer als vanouds van Marco Raaphorst.

Categories
Fotoblog

Even een zen-momentje

Later op de dag is het er erg druk, maar ‘s ochtends vroeg is het nog aardig te doen in het Vondelpark.

Categories
Mike's notities

Goede voornemens

Ilustratie: Paul Stellingwerf

Goede voornemens, daar hoef je natuurlijk helemaal niet mee te wachten tot het nieuwe jaar. Sterker nog: liever niet, want dan is de druk om ze te laten slagen groter en daarmee de kans dat je het niet volhoudt groter.

Daarom ben ik een paar weken geleden begonnen met meer bewegen. Ik heb een zittend beroep. Of ik nu op de redactie bij de VARA zit of ik werk thuis aan mijn stukken, er word door deze Minneboo heel veel gezeten en te weinig bewogen.

Een sporter ben ik niet. Ooit heb ik 18 maanden frequent een sportschool bezocht. Tussen de op zichzelf geilende spierkolossen voelde ik me niet thuis. Daarbij vond ik fitness behoorlijk saai.

Ik zie mezelf ook niet hardlopen. Wel gedaan vroeger, maar als ik hier de file van joggingpakken in het park voorbij zie komen, ben ik al uit gelopen. En wandelen zonder eindbestemming, maar gewoon om te wandelen, is net zoiets als een boek kopen zonder het te lezen.

Ik heb me dan ook voorgenomen om vaker naar huis te lopen als ik van Hilversum met de trein kom. Van CS naar mijn huis levert dat een wandeling op van gemiddeld 35 minuten. Net lekker en doelgericht.

Natuurlijk zou ik ook ‘s ochtends naar het station kunnen lopen, maar vroeger opstaan dan ik nu doe is wishful thinking. Niet dat daar iets mis mee is, met wishful thinking, maar realistisch is het niet.

Ik heb voor mezelf wel wat richtlijnen opgesteld. Gemiddeld wil ik tien keer per maand naar huis lopen, maar liever meer. Als het weer het toelaat natuurlijk. In een stevige plensbui zult u mij niet snel vrijwillig aantreffen. Het moet allemaal wel leuk blijven.

Voorlopig geniet ik erg van mijn wandelingetjes. Ik kijk er zelfs naar uit. Niet dat er veel opzienbarends onderweg gebeurt. Ja, lopen in Amsterdam, waar alle taxichauffeurs bastaardkinderen van Charles Manson lijken te zijn die proberen zoveel mogelijk mensen dood te rijden, blijft spannend. Net als in grote steden als New York kun je soms niet lekker doorlopen. In New York moet je in het centrum ook op iedere straathoek wachten. Het licht lijkt in eerste instantie altijd op rood te staan.

Dat alles mag de pret niet drukken. De wandeling naar huis biedt tijd om te reflecteren op de werkdag achter me en de werkavond voor me. Een stukje niemandsland waarin ik niet veel meer hoef te doen dan lopen, en mensen en taxi’s ontwijken.