Posts Tagged ‘Abdelkader Benali’

Büch

Monday, November 14th, 2016

Zondag 13 november werd het boek Boud: Het verzamelde leven van Boudewijn Büch gepresenteerd in de aula van de Oude Lutherse kerk in Amsterdam.

Zo’n presentatie is een van de weinige redenen waarom je mij in een kerk zult aantreffen. Een plek die ik, hartvochtige atheïst als ik ben, doorgaans mijd als de pest.

Eva Rovers wordt geïnterviewd door Sonja Barend.

Eva Rovers wordt geïnterviewd door Sonja Barend.

Eva Rovers werkte zo’n vijf jaar aan haar biografie over Büch. Zij kreeg exclusief inzage in het persoonlijke archief van de schrijver en tv-presentator, waardoor zij heel nieuw licht kon werpen op dit ongrijpbare fenomeen. Eerder schreef zij een veelgeprezen biografie van kunstverzamelaar Helene Kröller-Müller.

cover_boudBüch is alweer veertien jaar niet meer onder ons. Hij stierf in 2002. Voor mij was dat in meerdere opzichten een rampenjaar en de dood van Büch raakte mij toen erg. Ik bewonderde Büchs passie, genoot van zijn televisieprogramma’s en ook al waren zijn romans niet altijd een pretje om te lezen, ik las ze wel. Ruim twee jaar geleden ging Wim Brands nog bij Rovers op bezoek om te horen hoe het ging met schrijven. De tijd vliegt.

Ik heb de video van dat gesprek toen op mijn site gezet en kreeg het daarna aan de stok met fotograaf Klaas Koppe omdat ik een portretfoto van hem gebruikt had. (Met naamsvermelding, uiteraard.) Koppe vond dat ik een bedrijf was en omdat ik ongetwijfeld als journalist veel verdiende wel voor de publicatie van de foto kon betalen. Uitleggen dat ik een freelancer ben en dat ik met dit blog geen geld verdien, bracht hem niet op andere gedachten. Ik heb de foto toen uiteraard van mijn site gehaald, maar een beetje lullig vond ik het wel. Het is zijn goed recht als maker van de foto’s natuurlijk, maar aangezien Koppe heel veel foto’s van Büch maakte, is het online bijna onmogelijk om een foto van hem te vinden die niet door deze fotograaf is gemaakt. Jammer, want als Büch-fan laat ik graag zien over wie ik het heb.

Foto’s van Koppe staan wel in de biografie van Rovers. Daarom moest ik gisteren opeens weer aan dit voorval denken.

Dit is dus geen foto van Klaas Koppe. Ik herhaal: dit is GEEEEEEEEEEEN foto van Klaas Koppe.

Dit is dus geen foto van Klaas Koppe. Ik herhaal: dit is GEEEEEEEEEEEN foto van Klaas Koppe.

Zondagmiddag werd Rovers geïnterviewd door Sonja Barends. Daarna gaven Diederik van Vleuten, Jacques van Alphen en anderen korte lezingen over bepaalde aspecten van de wereld van Boudewijn Büch: zijn liefde voor James Cook, Goethe en de Dodo. Erik van Muiswinkel praatte de middag vakkundig aan elkaar.

Van Vleuten zette een aardige Büch-imitatie neer, maar ook Van Alphens verhaal over de Dodo vond ik boeiend. Abdelkader Benali maakt net als Boudewijn vroeger tv-programma’s over boeken, en raakte door Büch aangestoken in zijn passie voor Goethe.

Hoogleraar Boekwetenschap Lisa Kuitert sprak over Büchs boekenmanie. We zagen ook wat foto’s van zijn bibliotheek. Een plek waar ik dan wel een beetje jaloers op werd, want een grachtenpand vol met boeken (en strips!) zou voor mij ook een paradijs zijn. Als ik het me kon permitteren zou ik dan altijd lezen en kwam ik waarschijnlijk nooit meer buiten. Nou ja, misschien om jacht te maken op nieuwe aanwinsten. Boodschappen zou ik laten bezorgen zodat ik al mijn tijd aan mijn collectie kon wijden.

Nou ja, leuk gezegd natuurlijk, maar op dit moment heb ik al de grootste moeite om mijn huidige verzameling helemaal door te nemen. En dan moet er tussendoor ook nog gewerkt worden én wil ik natuurlijk ook nog energie in mijn relatie steken. Kortom, laat ik eerst maar eens dat boek van Rovers gaan lezen.

Filmrecensie: Batman v Superman – Dawn of Justice

Thursday, March 24th, 2016

Batman v Superman: Dawn of Justice is een groteske mislukking. Toegegeven: na Man of Steel (VS, 2013) waren mijn verwachtingen al redelijk laaggespannen, maar toch is regisseur Zack Snyder erin geslaagd teleur te stellen.

batman_v_superman_dawn_of_justiceBatman v Superman is zo mogelijk nog bombastischer dan zijn voorganger. Daarbij heeft het droge en humorloze scenario van Chris Terrio en David S. Goyer een gebrek aan logica dat alleen door een dronken tienjarige gevolgd zou kunnen worden. Misschien is die tienjarige ook wel de doelgroep van deze film gebaseerd op de uitgaven van DC Comics. Wie is het sterkst, is immers een klassieke vraag die vooral gesteld wordt door kinderen wanneer twee superhelden het tegen elkaar opnemen. Als helden met elkaar slaags raken, vindt die confrontatie meestal plaats in de eerste akte van het verhaal. Vervolgens worden ze daarna vrienden en werken ze samen. Nu hebben Snyder & co. bijna een hele film aan die confrontatie opgehangen. Op zich heeft de vraag hoe een normale sterveling zich staande zou kunnen houden tegen Superman (Henry Cavill) ook wel potentie en komt Batman (Ben Affleck) in de confrontatie met enkele aardige verrassingen.

Stripklassieker
De makers hebben wat mosterd gehaald uit Frank Millers The Dark Knight Returns en de comicfans zullen zeker enkele iconografische beelden uit die strip herkennen. Jammer dat niet gewoon het verhaal van The Dark Knight Returns is gebruikt, want dat klassieke epos krijgt waarschijnlijk een Shakespeariaanse kwaliteit toebedeeld door iedereen die dit stripverhaal na Batman v Superman voor het eerst leest. (Overigens is van deze strip wel een tweedelige animatiefilm gemaakt, getiteld Batman: The Dark Knight Returns.)

Batman versus Suup uit The Dark Knight Returns. Illustratie: Frank Miller

Batman versus Suup uit The Dark Knight Returns. Illustratie: Frank Miller

Voor de DC Comics-liefhebber zitten er in Batman v Superman ook wat verwijzingen naar andere personages uit dat universum, maar van echte world building zoals bij de films van Marvel is nog niet echt sprake. Als the Flash even kort opduikt in een verder vage sequentie die verwijst naar de films die komen gaan, is dat niet dezelfde acteur als uit de televisieserie. Een gemiste kans.

En waarom raken Batfleck en Superman slaags met elkaar? We leven in een wereld waarin een almachtige held als Superman eerder als potentiële bedreiging voor onze veiligheid wordt gezien dan als iemand die deze veiligheid handhaaft. De confrontatie tussen Superman en enkele van zijn planeetgenoten in Man of Steel heeft nogal wat ravage en onschuldige slachtoffers veroorzaakt, dus dat de Amerikaanse senaat wel eens wil weten of die Superman ook bereid is zich aan de regels te houden, is een vraag die goed aansluit bij het huidige tijdsgewricht waarin paranoïde gevoelens de boventoon voeren. Ook Batman neemt Superman het een en ander kwalijk en maakt zich klaar voor het moment dat dit buitenaardse wezen zich tegen ons keert. Zelf heeft Batman overigens de status van vigilante en schiet de politie van Gotham net zo snel op The Bat als op de misdadigers die hij probeert te bestrijden.

Daddy issues
Ook Lex Luthor vertrouwt de goddelijke Superman niet. Dat heeft alles te maken met zijn slechte jeugd waarin God hem niet redde van een gewelddadige vader. Of zoiets. Ergens tussen sequenties vol met testosterongevuld geweld heeft Luthor het daar even over om zijn motivaties duidelijk te maken, maar het lukt Jesse Eisenberg nauwelijks om boven de herrie van instortende gebouwen en de soundtrack van Hans Zimmer en Junkie XL uit te komen. Neem oordopjes mee als je naar de bioscoop gaat, want alles in deze film heeft een gehalte van 120 procent, ook het geluidsvolume.

Net als in Man of Steel sneuvelt er heel veel vastgoed in Metropolis en Gotham City (de twee megagrote steden blijken trouwens naast elkaar te liggen in dit filmuniversum). Het grote verschil is dat er nu telkens in de dialogen wordt verteld dat het gevecht wel net plaatsvindt op een plek waar niemand zich bevindt, want het grote commentaar op de vorige film was dat Superman in dichtbevolkte gebieden slaags raakte met zijn vijanden en er veel onschuldige slachtoffers vielen. Die disclaimers zijn soms onbedoeld grappig, zoals de reporter van CNN die roept dat het gevecht in het zakendistrict gelukkig na werktijd plaatsvindt, want dan is iedereen al naar huis. Ondergetekende wilde op dat moment ook heel graag naar huis, maar toen dook Wonder Woman (Gal Gadot) op om de twee mannen te helpen met een nóg veel grotere bedreiging die in de tweede climax van de film opduikt.

Overigens krijgt Wonder Woman wel heel weinig screentijd in een film die met tweeëneenhalf uur al eigenlijk veel te lang is.

Wonder Woman.

Wonder Woman.

Natuurlijk was ik van tevoren heel benieuwd naar hoe Affleck het ervan af zou brengen als Batman. Eerder gaf hij gestalte aan de superhelden Daredevil en zette hij in Hollywoodland overtuigend George Reeves neer, de getormenteerde acteur die in de jaren vijftig Superman op televisie speelde. Eigenlijk doet hij het heel goed als Batman: Affleck zet een gedreven Bruce Wayne neer, is een overtuigende vechtmachine en het Batkostuum staat hem ook goed. Jammer dat Bruce Wayne van zulke ondoordachte keuzes maakt omdat het scenario nu eenmaal eist dat hij en Suup met elkaar gaan knokken.

Why so serious Batfleck?

Why so serious Batfleck?

Ook het spel van Cavill, Amy Adams, Holly Hunter, Eisenberg en Gadot is goed, maar ze krijgen te weinig momenten om het geheel wat menselijkheid mee te geven. Daarbij zijn de dialogen die ze uitspreken zo clichématig en dermate serieus van toon, dat alle mogelijke emotie doodslaat.

Batman v Superman: Dawn of Justice neemt zichzelf veel te serieus, duurt te lang, is te luidruchtig, probeert teveel en zegt daardoor eigenlijk te weinig. Dit soort films geven superheldencomics een slechte reputatie. Mag Zack Snyder nu eindelijk met pensioen, want zijn volgende bombastische exercitie in dit genre vrees ik niet te overleven.

Distributie Warner Bros.. Release BE 23 maart, NL 24 maart 2016.

Geschreven voor en gepubliceerd op SchokkendNieuws.nl.

Striprecensie: Ze heten allemaal Mohammed

Wednesday, June 20th, 2012

Strip is een visueel medium. Een slecht geschreven verhaal kan door fenomenaal tekenwerk toch nog een plezierige leeservaring zijn. Een goed geschreven verhaal dat getekend is door iemand die niet weet wat hij doet, is vanaf de eerste bladzijde gedoemd te mislukken. Daar kom je als lezer niet doorheen. Ze heten allemaal Mohammed van Jérôme Ruillier is om die reden onleesbaar.

In deze graphic novel staan de getuigenissen opgetekend van de eerste en tweede generatie Marokkaanse migranten die in Frankrijk zijn gaan wonen om een beter bestaan op te bouwen. Aan bod komen bijvoorbeeld de onmogelijkheid om hogerop te komen in een autofabriek en de problemen van kinderen die opgroeien als tweede generatie arbeidsmigranten. Allemaal goed bedoeld en het is interessant om de verhalen van migranten te vernemen, maar het tekenwerk is van zulke matige kwaliteit dat ik er niet doorheen kom.

Ruillier geeft de sprekers dierkoppen (Beren? Katten?) in plaats van gewone hoofden, net als Art Spiegelman die in de klassieke graphic novel Maus het overlevingsverhaal van zijn Poolse vader optekende en daarmee een prachtige striproman maakte over de ontberingen die de joden tijdens de holocaust moesten doorstaan. Spiegelman gebruikte diersoorten om de verschillende afkomst van mensen aan te geven. Hij tekende de Joden als muizen, de Duitsers als katten, de Amerikanen als honden en de Polen als varkens.

Waarom ik Maus noem in het kader van Ze heten allemaal Mohammed? De Marokkaanse auteur Abdelkader Benali vergelijkt in zijn voorwoord het boek van Ruillier zonder blikken of blozen met Maus en noemt Ze heten allemaal Mohammed: ‘een vertelling die in ambitie en opzet veel weg heeft van het beroemde Maus van Spiegelman en die het wat mij betreft qua uitvoering en intensiteit naar de kroon steekt.’ Ik vraag me af of Benali Maus goed gelezen heeft, want waar Spiegelman een tekenaar is die weet hoe hij visueel een verhaal moet vertellen, tekent Ruillier voornamelijk talking heads in een naïeve stijl die wegheeft van een driejarige die met zijn ogen dicht Nijntje probeert na te tekenen. De vertelling in Ze heten allemaal Mohammed wordt gedragen door de handgeschreven tekst die in het boek overheerst, niet door de tekeningen.

Ik denk dat Benali goede intenties verwart met vakmanschap.

Ruillier baseerde zijn boek op het werk van filmregisseur en politica Yamina Benguigui die vele immigranten interviewde voor haar film Mémoires d’immigrés. Ook zij is vol lof over Ruillier in haar voorwoord: ‘Omdat ik de capaciteiten van de graphic novel volledig serieus neem ben ik ervan overtuigd dat dit boek een stap in de goede richting is om dit fundamentele aspect van de Franse samenleving, de allochtonen, op een nieuwe manier een plaats te geven in het Franse bewustzijn.’ Fijn dat Benguigui de capaciteiten van de graphic novel serieus neemt, jammer alleen dat ik in de pagina’s die volgen nergens iets zie wat op een goede graphic novel lijkt. Na alle lofuitingen van Benali en Benguigui zijn de verwachtingen hooggespannen, maar wacht de lezer alleen nog maar teleurstelling.

Iemand die wel heel goed de menselijke ervaring in erbarmelijke omstandigheden weet te visualiseren is Joe Sacco die een reeks journalistieke strips maakte over oorlogsgebieden als de Gazastrook, Bosnië en Irak. Ik raad de lezer die geïnteresseerd is in dit genre strips dan ook van harte de boeken van Sacco en Spiegelman aan. Laat het broddelwerk van Ruillier maar links liggen.

Oog & Blik/De Bezige Bij
ISBN: 978 90 549 2357 2
Prijs: €29,90