Categorieën
Film Frames

The Little Girl Who Lives Down the Lane: Kleine meisjes worden groot

Hedwig van Driel, mijn collega bij filmblad Schokkend Nieuws, heeft een jaar lang geblogd over de films die ze zag. Ze postte een beeld van de film met daarbij een korte beschrijving. Ze had zichzelf voorgenomen dat ze minstens één zin over de film zou schrijven. Een opmerking was in principe genoeg, ze schreef geen synopsis en was niet verplicht een oordeel over de films te vellen.

Een leuk project en zoiets kort houden is een nobel streven. (Ze is er na een jaar mee gestopt, al linkt ze nog wel naar haar Letterboxd-posts.)

Toen ik met deze rubriek begon hield ik mezelf iets soortgelijks voor. Ik wilde bijhouden welke films ik zag door screencaps op mijn blog te plaatsen met daarbij wat opmerkingen. Toch schrijf ik vaak stukken die als recensies gezien kunnen worden. Het bloed kruipt…

Ook blijkt het in de praktijk nogal een opgave te zijn om alle films die ik zie op deze manier te behandelen. De films die ik in het kader van de weg naar Halloween kijk, hou ik netjes bij, maar ik heb nog niets gepubliceerd over Captain America: The Winter Soldier, Thor: The Dark World, en een paar andere films die ik recent zag. Of de dagen zijn te kort, of ik heb te veel te doen en werk niet snel genoeg. Hoe dan ook, het is altijd grappig om te constateren dat dingen anders uitpakken dan je jezelf voorneemt.

Goed, dan nu The Little Girl Who Lives Down the Lane (Nicolas Gessner, 1976).

little-girl_jodie-fosterBlij verrast was ik door deze thriller uit 1976 met in de hoofdrol een nog jonge Jodie Foster. Dat deze titel op de lijst met Halloween-relateerde films staat heeft te maken met de openingsscène die zich op 31 oktober afspeelt en er kinderen voorkomen die trick or treaten. Verder is The Little Girl Who Lives Down the Lane dus een thriller en geen horror, al vallen er wel wat doden.

The-Little-Girl-Who-Lives-Down-the-Lane-Martin-Sheen-jack-o-lantern little-girl-halloween-2Jodie Foster speelt Rynn Jacobs, een meisje dat samen met haar vader een huis is betrokken in het dorp. Haar vader, een dichter en vertaler, lijkt echter nooit thuis te zijn. Daardoor beginnen enkele bemoeizuchtige dorpsbewoners argwaan te krijgen. Mrs. Hallet, de dame die hen het huis verhuurt, wil dolgraag de vader van het kind spreken en vindt het maar vreemd dat het meisje nooit naar school gaat. Haar zoon Frank is de plaatselijke pedofiel en die is dus om andere reden geïnteresseerd in het dertienjarige meisje. Een interessante rol voor Martin Sheen, die de pedo niet ongevaarlijk neerzet en een zekere zenuwachtige energie meegeeft.

Ook pedo's houden van thee.
Ook pedo’s houden van thee.

Per ongeluk komt de moeizuchtige Mrs. Hallet (Alexis Smith) om het leven in het huis van Rynn. Het meisje sluit vriendschap met een manke tienerjongen die als goochelaar optreedt. Samen laten ze het lijk van Mrs. Hallet én van Rynns moeder verdwijnen. Haar vader is al eerder op natuurlijke wijze gestorven. Voordat hij het aardse verliet hebben ze samen een plan gemaakt zodat Rynn zonder inmenging van volwassenen in huis kon blijven totdat ze meerderjarig zou worden. Dat plan lijkt nu volledig te mislukken. Zeker nu de pedo komt buurten om te zien wat er eigenlijk met zijn moeder is gebeurd.

Little-Girl-alexis_smith Little-Girl-scott-jacobyHet spel van alle acteurs is voortreffelijk en tot het einde aan toe blijft het spannend. Foster bewees al op jonge leeftijd dat ze goed kan acteren en volgens mij is ze in de loop der jaren alleen maar beter geworden.

Wederom heb ik dankzij dit project weer een voor mij onbekende, oudere film gezien die me veel kijkplezier verschafte. Een reden om nog een tijdje met dit project door te gaan.

Waarom de rubriek Frames?
De verhalen die we lezen en zien maken net zo goed deel uit van onze levensloop als de gebeurtenissen die we in reallife meemaken. In de rubriek Frames verzamel ik stills uit de films die ik heb gezien om zo die herinneringen te kunnen bewaren en koesteren. The Little Girl Who Lives Down the Lane keek ik in het kader van de weg naar Halloween.

Categorieën
Film Filmrecensie Strips

Filmrecensie: The Amazing Spider-Man

Regisseur Marc Webb biedt een frisse kijk op de mythe van Spider-Man, maar dit avontuur steekt niet overal even perfect in elkaar.


Als je dan toch na vijf jaar al een filmreeks gaat rebooten en je ook weer de oorsprong van Spider-Man uit de doeken doet, moet je het radicaal anders aanpakken dan je voorganger. Niemand zit immers te wachten op een herhalingsoefening. Die boodschap moet regisseur Marc Webb in zijn achterhoofd hebben gehouden toen hij aan The Amazing Spider-Man begon. Zijn Spider-Man is duisterder dan die van Sam Raimi: geen sprookjesachtige shots van New York tijdens magic hour, nee, nachtscènes waarin het Webhoofd letterlijk in de schijnwerpers van de politie staat die jacht op hem maakt. Het is allemaal wat ruiger: Peter Parker wordt op het schoolplein hard in elkaar geschopt door Flash Thompson, de politie weet het Webhoofd met scherp te raken en behalve oom Ben valt er nog een ander dodelijk slachtoffer in de privé-sfeer.

Webb houdt een aardige balans tussen de emoties, actie en humor, waardoor de film ondanks de zware emotionele lading, niet te veel de emo kant op gaat.

In The Amazing Spider-Man treffen we een nerdy en geniale Peter Parker aan die in het laboratorium net zo op zijn plek is als op een skateboard. Hij is het buitenbeentje van de school, het favoriete slachtoffer van pestkop Flash Thompson. Maar zijn leven is niet volledig kommer en kwel: hij krijgt een relatie met de beeldschone klasgenoot Gwen Stacy die niet voor hem onderdoet qua intelligentie.

Jaren geleden is Peter bij zijn oom Ben en tante May gaan wonen. Zijn ouders waren hun leven niet meer zeker door het geheime project waar ze aan werkten. Wanneer Peter een mysterieuze koffer ontdekt die van zijn vader was, gaat hij op zoek naar de reden van de verdwijning van zijn ouders. Zo maakt hij kennis met Dr. Curt Conners, de voormalige partner van zijn vader die hun werk bij Oscorp heeft voortgezet. Daar wordt Peter ook gebeten door een bijzondere spin waardoor hij spinnenkrachten verwerft. Wanneer Conners door een van zijn experimenten verandert in een levensgrote hagedis, is het aan Peter Parker om hem tegen te houden.

Meer Ultimate dan Amazing
Meer zal ik niet van de plot verklappen, maar favoriete personages als J. Jonah Jameson, Mary Jane Watson of Harry Osborn, die allen prominent aanwezig waren in de trilogie van Raimi, ontbreken. Webb tapt uit een ander vaatje. Op de titelrol staat dan wel dat de film gebaseerd is op de Marvel comic Amazing Spider-Man door Stan Lee en Steve Ditko, Webb haalde de meeste mosterd uit de serie Ultimate Spider-Man van Brian Michael Bendis, die in 2000 moderne verhalen rondom de muurkruiper begon te vertellen. Sommige scènes zijn duidelijk geïnspireerd door die Ultimate-verhalen, ook wat betreft de sfeer van de film en het uiterlijk van Peter Parker moet ik bij The Amazing Spider-Man meer denken aan het schrijfwerk van Bendis dan dat van Lee. Niet zo gek ook, want zoals gezegd moesten ze het wel anders aanpakken om de reboot bestaansrecht te geven en waarom dan niet gebruik maken van de geüpdate versie van 12 jaar geleden? Maar los van het bronmateriaal hebben Marc Webb en de scenaristen hun eigen draai aan de wereld van Peter Parker gegeven en flink lopen sleutelen aan zijn oorsprong om er een goedlopend filmverhaal van te maken.

Verbetering
Het grote probleem van het oorspronkelijke Spider-Man-verhaal in Amazing Fantasy #15 (1962) is altijd de dood van oom Ben geweest. Doordat Peter een overvaller laat gaan omdat hij vindt dat dit niet zijn werk is, en die schurk later zijn geliefde oom vermoordt, leert hij dat het hebben van grote krachten gepaard gaat met een grote verantwoordelijkheid. Ik heb het echter altijd erg toevallig gevonden dat een schurk die eerst een televisiestudio overvalt een paar weken later inbreekt in het huis van de Parkers en daar Ben vermoordt. De scenaristen van de film hebben de dood van Ben en de overval op een meer logische wijze samengebracht.

De familie Parker.

The right men for the job
De casting van Andrew Garfield is voortreffelijk: hij zet een ontwapenende, eigentijdse Peter Parker neer. In tegenstelling tot Tobey Maguire weet hij overtuigend te huilen en aangezien het emogehalte van deze film behoorlijk hoog is, komt dat goed uit. Webb besteedt namelijk veel tijd aan de relatie tussen Peter en Gwen en de persoonlijke perikelen in het leven van Peter Parker. Niet onterecht natuurlijk, want daar draaien de Spider-Man verhalen doorgaans om.

Ook de casting van Martin Sheen als oom Ben is een schot in de roos. Juist omdat Ben relatief weinig screentijd heeft, is het fijn dat acteerveteraan Sheen met weinig een boeiend en warmhartig personage kan neerzetten. Ook over Emma Stone als beeldschone en slimme Gwen Stacy zal je mij niet horen klagen. En ook Dennis Leary is als inspecteur Stacy goed gecast en maakt indruk, al had ik graag wat meer van hem gezien.

Monsterlijk
De film gaat mank bij de schurk in het verhaal: Rhys Ifans zet een zeer menselijke Curt Conners neer. Ooit verloor hij deze wetenwschapper zijn rechter arm en hij hoopt deze terug te laten groeien door zijn genetische structuur met die van een hagedis te mengen waardoor hij in The Lizard veranderd. Deze monsterlijke verschijning weet niet te overtuigen en slaat een modder figuur. Daarbij ziet zijn kop, een vreemde mengeling van een hagedis en een menselijk gezicht, er niet uit. The Lizard kan niet tippen aan vorige schurken als Doctor Octopus, prachtig gestalte gegeven door Alfred Molina, noch aan Willem Dafoe die overtuigend de gespleten persoonlijkheid van Norman Osborn wist uit te drukken.

The Lizard in strip- en filmversie.

 

Slecht ontwerp
Webb heeft op sommige momenten in de film te veel haast: Peter steelt zijn web simpelweg van Oscorp, al ontwerpt hij de schieters wel zelf. Op een slapstickscène in de badkamer na, waarin Peter uit onwennigheid te veel kracht gebruikt en de kraan kapot trekt en de deurkruk al snel van de deur haalt, heeft Spidey wonderbaarlijk weinig moeite om een geoliede vechtmachine te worden. Iets meer oefening had de overgang van doorsnee nerd naar superheld geloofwaardiger gemaakt. Ook het Spider-Man-pak ziet er uit alsof men een ondoordachte, vlugge schets van de ontwerper heeft gebruikt. Waarom gaan rommelen aan een ontwerp dat al vijftig jaar prima dienst doet in de strips?

Aangezien het verhaal dat gesponnen is in deze film nogal wat losse eindjes bevat – de geschiedenis van Peters ouders is niet volledig uit de doeken gedaan, ook de moordenaar van oom Ben loopt nog vrij rond – mag een vervolg niet uitblijven.

Eindoordeel: The Amazing Spider-Man is een onderhoudende film die op de emotionele momenten meeslepend is, bevolkt wordt door een goede cast en strakke actiesequenties bevat. Helaas is de schurk minder boeiend en is het scenario op sommige punten wat slordig.

Te zien vanaf 28 juni in 3D en Imax 3D.

Voor de liefhebber: hier alvast een scène uit de film, waarin Spidey’s bijdehante humor goed naar voren komt: