Categorieën
Spidey's web Strips

Spider-Man 327

Haha! Agent 327 als Spider-Man. Een puik idee van Bruno de Roover en Romano Molenaar.


Deze scène is uit een kort verhaal van deze stripmakers. Eppo publiceert sinds vorig jaar geregeld een verhaaltje waarin stripmakers aan de slag gaan met het personage Agent 327. Van Martin Lodewijk hoeven we voorlopig geen nieuw avontuur van 327 te verwachten, dus Rob van Bavel heeft er met dit project voor gezorgd dat ‘het geweten van Nederland’ toch geregeld in Eppo gepubliceerd wordt. De vondst levert vaak leuke strips op. Iedere tekenaar interpreteert de personages van Lodewijk op zijn eigen manier en dat is boeiend om te zien.

Zo ziet Romano’s versie van Olga Lawina eruit:

Ook niet vies, dus.

Categorieën
Strips

Snippers en Dating for Geeks naar L.

Wie dacht dat na het failliet gaan van Strip2000 dat het doek was gevallen voor Dating for Geeks en Snippers, kan rustig ademhalen. Die hebben een plekje gevonden bij Uitgeverij L.

De fans van Aimée de Jongh en Kenny Rubenis, waar ik mezelf ook onder beschouw, kunnen weer rustig ademenhalen. Ook Suus & Sas van Gerard Leever zal in het fonds van L. worden opgenomen.

Uitgever Rob van Bavel is uiteraard zeer verheugd met de overstap van De Jongh, Leever en Rubbenis naar L en laat in een persbericht weten: ‘Sinds de overname van Uitgeverij L door Don Lawrence Collection in 2016 bouwen we aan het fonds dat de beste titels uit het binnen- en buitenland wil vertegenwoordigen. Deze titels zijn voor ons een enorme aanwinst.’ De eerste albums staan gepland voor het vierde kwartaal van 2017 en zullen medio oktober verschijnen.

Dat Van Bavel enthousiast is, snap ik wel. Alle drie de stripmakers slagen er namelijk in om met hun strips ook jonge lezers aan te spreken. Suus & Sas staat al jaren in de Tina – het meidenblad wordt dit jaar 50, maar is nog steeds voor dezelfde doelgroep bedoeld. Snippers en Dating for Geeks staan allebei dagelijks in de Metro. Om als uitgeverij op de lange termijn te kunnen overleven moet je ook de nieuwe generatie lezers aanspreken.

Zelf heb ik het meeste met Snippers en Dating for Geeks, en voel ik mij als veertigjarige kerel niet de doelgroep van Suus & Sas. Dat neemt niet weg dat ik het vakmanschap van Gerard Leever zeer waardeer.

Categorieën
Strips

Agent 327 is springlevend

Stripblad Eppo publiceert een reeks nieuwe korte verhalen met Agent 327 in de hoofdrol.

Martin Lodewijk mag al behoorlijk op leeftijd zijn en zoals je wellicht weet liet het laatste Agent 327 avontuur lang op zich wachten. Daarom begint in Eppo #2 die inmiddels in de winkels ligt, een nieuwe reeks korte verhalen rondom ‘het geweten van Nederland’. Deze verhalen worden geschreven en getekend door een selecte groep stripmakers. Mars Gremmen bijt het spits af met Dossier Snolly Pardon.

Toen Rob van Bavel dit project aan Lodewijk voorstelde, ging de nestor van de Nederlandse strip akkoord mits de tekenaars hun eigen stijl aanhouden. Leuk, want zo krijgen we dus telkens een iets andere versie van ’s lands meest minst-geheime agent te zien. Misschien hoopt Van Bavel, die sinds het overnemen van Uitgeverij L ook het recht heeft de Agent-albums uit te geven, zo meteen een kandidaat te vinden om de reeks voort te zetten als Lodewijk er geen zin meer in heeft en met pensioen gaat.

De cover van Eppo #2 is getekend door Lodewijk en Gremmen.

cover eppo_02 agent 327Overigens ging een recente aflevering van Frits Jonkers ShowCase ook over Agent 327 en uitgave van oude korte verhalen die ooit in de Pep stonden. Het leuke aan Frits z’n strookje vind ik dat je aan de tekst uit de ballons meteen kunt aflezen dat het om een Agent-verhaal gaat. Wel jammer dat de uitgever uiteindelijk niet koos voor de diensten van Frits, want zijn handlettering ziet er weer fantastisch uit.

showcase-agent-327-v2

Categorieën
Strips

Rob van Bavel weer hoofdredacteur Eppo

Noël Ummels is een klein jaar de hoofdredacteur van stripblad Eppo geweest. Recent gaf hij het stokje weer terug aan Rob van Bavel.

Een blije Rob van Bavel getekend door Mars Gremmen.
Een blije Rob van Bavel getekend door Mars Gremmen.

Rob van Bavel was jarenlang de hoofdredacteur van het blad en is dat nu dus weer. Noël Ummels was een klein jaar de kapitein op het schip: ‘Het heeft niet zolang geduurd, maar het was een groot genoegen. Na een jaar heb ik besloten te stoppen als hoofdredacteur van Eppo. Mijn opvolger is een oude bekende: Rob van Bavel. In goed overleg zijn wij tot de slotsom gekomen dat hij de beste man op die plek is.’

Een jaar is natuurlijk te kort voor een hoofdredacteur om echt zijn stempel op het blad te kunnen drukken. Ik werk als freelancer voor Eppo en moet zeggen dat ik in dat jaar fijn heb samengewerkt met Ummels.

eppo-40-jaar-kalender
Medewerkers en lezers van Eppo kregen als presentje een geinige jaarkalender mee naar huis.

Van Bavel heeft er weer zin in: ‘Het jaartje er tussenuit heeft me goed gedaan en ik sta te popelen om weer als aan de slag te gaan.’ Rob zal zijn ‘comeback’ maken met de Kerstspecial. Nu was Van Bavel in het afgelopen jaar wel gewoon de uitgever van Eppo, dus helemaal heeft hij zijn kindje in de tussenliggende tijd niet in de steek gelaten.

Wat ik volgend jaar bij Eppo ga doen, weet ik zelf trouwens ook nog niet. Recent besloot ik de rubriek Stripplaatjes onder de loep te stoppen en elders onder te gaan brengen. De rubriek scoorde overigens wel aardig in de jaarlijkse enquête en kreeg van de lezers een 7,1. Net als vorig jaar trouwens.

40 jaar
Afgelopen weekend vierde het blad zijn veertigjarig bestaan in boekhandel Donner in Rotjeknor. Er waren signerende tekenaars, Dick Heins gaf een cursus striptekenen en Ger Apeldoorn interviewde Romano Molenaar, Gerben Valkema en Eric Heuvel op het podium over hun strips. Daarna was het tijd voor een borrel voor de medewerkers. Onder het genot van de dansbare jarenzeventigmuziek van DJ Plastic Fantastic, aka Robert van der Kroft, en een drankje was het gezellig bijpraten met collega’s en oudgedienden van Eppo.

robert-van-der-kroft
Robert van der Kroft is in te huren voor feestjes, bruiloften en partijen.
ger-apeldoorn-eppo
Ger Apeldoorn vertelt.
Categorieën
Strips

Apeldoorn en Rubenis krijgen Stripcultuurbeurs

Auteur en stripkenner Ger Apeldoorn krijgt dit jaar de Stripcultuurbeurs omdat hij een boek over de geschiedenis van Eppo gaat schrijven. Kenny Rubenis wil een korte animatie van zijn succesvolle strip Dating for Geeks gaan maken. De heren kregen hun prijs zaterdag 10 oktober uitgereikt op Stripfestival Breda.

Ger Apeldoorn & Kenny Rubenis. Foto © Stripfestival Breda.
Ger Apeldoorn & Kenny Rubenis. Foto © Stripfestival Breda.

logo-stripcultuurbeursDe Stripcultuurbeurs werd voor de tweede keer uitgereikt en bestaat uit een bedrag van vierduizend euro. Apeldoorn kreeg 3.000 euro, Rubenis 1.000. Het bedrag wordt beschikbaar gesteld door de gemeente Breda.

Apeldoorn maakte eerder een zeer informatief en onderhoudend boek over het stripblad Pep. Een onderwerp als Eppo lijkt bij hem dus in goede handen. Hij zei het geld vooral te gaan gebruiken voor de research die voor het nieuwe boek nodig is.
‘Ik ga zo’n veertig mensen interviewen,’ liet Apeldoorn me weten. ‘Ik begin met Martin Lodewijk, maar zal hem zeker wel een paar keer spreken.’ Apeldoorn zal het wordingsproces van het boek bijhouden op een facebookpagina.

Rubenis liet weten dat de animatie waarschijnlijk over speeddating zal gaan. Een onderwerp dat hij ook in zijn dagstrip Dating for Geeks heeft behandeld.

Bij dezen feliticiteer ik de winnaars nogmaals van harte. Ik ben erg benieuwd naar het verloop van beide projecten.

kenny_rubenisDe Stripcultuurbeurs is in het leven geroepen door Stichting Strips. De beurs kan zeer breed gebruikt worden voor bijvoorbeeld het mogelijk maken van de productie van een stripverhaal, het organiseren van een expositie, reis- en verblijfkosten voor een stageplek of beursbezoek, het realiseren van een app, research voor een stripproject, maken van een muurschildering etc. Voorop staat dat het project het beeldverhaal op sprekende wijze in beeld brengt.

Categorieën
Stripplaatjes onder de loep Strips

Stripplaatjes onder de loep: Peter Pontiacs Autobioblues

Toen ik het droevige nieuws van Peter Pontiacs overlijden hoorde, heb ik met de hoofdredactie van Eppo gebeld om voor te stellen de volgende aflevering van mijn rubriek Onder de loep aan Pontiac te wijden. Dat zag Rob van Bavel meteen zitten. Als ik het artikel die week nog kon afleveren zou de aflevering meteen in de volgende Eppo gepubliceerd worden. Aldus geschiedde. Bij deze de publicatie online.

Peter Pontiac overleed 20 januari op 63-jarige leeftijd. Een van de beste striptekenaars van Nederland is niet meer.

Pontiac (Peter Pollmann) was al lange tijd ziek. Hij had hepatitis C en levercirrose. Een overblijfsel van de heroïneverslaving die hij in de jaren tachtig overwon.

Pontiac laat een boeiend en eigenzinnig oeuvre achter als stripmaker en illustrator. Hij maakte affiches, platenhoezen en illustraties van popmuzikanten voor tijdschriften als Hitweek-Aloha, Muziek Express en Oor. Ook tekende hij voor kranten. In het begin van zijn carrière kreeg hij het predikaat undergroundtekenaar opgeplakt, mede door publicaties in Nederlandse, Spaanse en Amerikaanse undergroundbladen.
De in 1951 te Beverwijk geboren tekenaar drukte sinds 1969 een eigenzinnige stempel op de Nederlandse stripwereld. De autodidact (!) maakte sociaal geëngageerde strips, erotica en sinds de jaren zeventig autobiografische verhalen over zijn drugsgebruik en liefdesleven, geregeld met zijn alter ego’s Daan Doem of punker Gaga in de hoofdrol. Soms grimmig en vol zelfbeklag, vaak niet zonder zelfspot en soms heerlijk luchtig, zoals in de strip Autobioblues waaruit onderstaand stripplaatje afkomstig is.

pontiac_autobioblues

Uitverteld
Autobioblues is een verhaal van vier pagina’s dat Pontiac tekende voor de expositie Yo/ik op stripfestival Ficomic in Barcelona in 2010. Nederland was toen eregast op het festival en autobiografie was het thema. Een onderwerp dat Pontiac op het lijf geschreven is: geïnspireerd door tekenaars als Robert Crumb was hij een van de eersten in Nederland die in dit genre strips maakte.

Grappig genoeg weet Pontiac in Autobioblues niets nieuws meer te vertellen over zijn leven. De vier lege bladzijden die gevuld moeten worden blijven maar achter de tekenaar aanlopen, ook als hij naar de supermarkt gaat. Ze opperen suggesties voor thema’s die hij kan behandelen, maar Peter wijst ze allemaal van de hand. ‘Al 40 jaar vertrouw ik jullie m’n lotgevallen toe: dope, relaties, angst, schaamte, woede! ‘T is op! Verhalen: fijn! Maar niet over MIJ!’ zegt hij tegen de vellen papier. Hij wil geen strip over zijn jeugd maken of over wat hij ziet als hij in het heden uit zijn raam kijkt. En hij wil het al helemaal niet over zijn ergste blunders hebben. Maar, en dat is een mooi voorbeeld van zijn zelfspot, geeft in een plaatje wel enkele voorbeelden van genante momenten uit zijn leven. Zoals de ontmoeting met Joey Ramone die uiteindelijk niet doorging omdat Peter de hele tijd dat de punkzanger naast hem staat verlegen wegkijkt. Het is een erg grappige strip waarin Pontiac zijn werk relativeert en tegelijkertijd ook een beetje terugblikt op ruim veertig jaar strips maken. Autobioblues eindigt dan met Peters oplossing voor zijn blues. Op de laatste stroken is te zien hoe hij de voorgaande drie pagina’s tekent. In het laatste plaatje loopt de strip zijn huis uit met de eerste pagina voorop.

Kraut
Wat ik heel sterk aan zijn autobiografische werk vind, is dat Pontiac eerlijk en rauw was. Hij ontzag zichzelf niet. Met Kraut (2000) maakte Pontiac een van de belangrijkste boeken in de Nederlandse stripcultuur. Kraut is een portret over zijn vader Joop Pollmann die tijdens de Tweede Wereldoorlog met de Duitsers collaboreerde en als frontverslaggever bij de Waffen-SS zat. Na de oorlog zat hij vijf jaar in de gevangenis, daarna was hij actief als journalist van vrouwen- en roddelbladen. In 1978 verdween Pontiacs vader op mysterieuze wijze in de Draaibooibaai op Curaçao.

pontiac-kraut

Gonzo
In 1997 kreeg Pontiac de Stripschapprijs en in 2011 de Marten Toonderprijs voor zijn gehele oeuvre. Een mooie aanleiding om hem toen te interviewen. Uiteraard vroeg ik hem waarom hij ooit autobiografische strips was gaan maken. ‘Omdat ik egocentrisch ben,’ antwoordde hij met een glimlach. ‘Het eerste verhaal dat ik ooit maakte was voor een boek over de jaren zestig dat in 1971 gemaakt werd. Andere tekenaars van het stripblad Tante Leny presenteert! deden daar ook aan mee. Wat lag er meer voor de hand om over mijn eigen sixties, die behoorlijk heftig waren geweest, een verhaal te maken? Altijd als ik autobiografische strips maakte voelde dat volstrekt natuurlijk. Op een gegeven moment ontdekte ik het werk van Hunter S. Thompson, die het begrip “gonzojournalistiek” heeft uitgevonden. Hij was iemand die zichzelf helemaal in zijn artikelen op de voorgrond zette. Als hij over Nixon of Las Vegas moest schrijven, ging het artikel alleen maar over de dope die hij nam en hoe ellendig hij zich daar vervolgens door voelde. Dat was voor mij een eye-opener, want ik maakte ook dat soort werk. Natuurlijk moet je wat je meemaakt gebruiken. Dus als een relatie uit elkaar valt is het logisch dat ik dat onderwerp gebruik in mijn strips. Dat doen popmuzikanten immers ook. Later denk je wel eens “Jezus, wat een schaamteloos zelfbeklag”. Maar ik zou het niet ongedaan maken als dat zou kunnen.’

Peter Pontiac (1951 – 2015).

Gepubliceerd in Eppo #3 (2015).

Categorieën
Striprecensie Strips

Striprecensie: De kronieken van Roodhaar #1 – De legende van Krill

De reeks Storm heeft een nieuwe spin-off: De kronieken van Roodhaar. In het eerste album ‘De legende van Krill’ komen we meer te weten over Roodhaars jeugd en haar relatie met Kiley, de sympathieke verzetsstrijder uit het eerste Storm-verhaal. Een goed begin van een nieuwe reeks.

roodhaar_01_cover

‘De legende van Krill’ werd geschreven door Roy Thomas, een veteraan uit de Amerikaanse comicswereld, die onder andere de strips Conan de Barbaar en Red Sonja creëerde. (Conan en Red Sonja zijn natuurlijk creaties van Robert E. Howard, maar Thomas introduceerde de bekende barbaren in Amerikaanse comics. Dat deed hij samen met tekenaar Barry Windsor-Smith). Thomas was ook de eerste die Stan Lee opvolgde als editor-in-chief bij Marvel Comics en als schrijver heeft hij een hele bibliotheek aan comics op zijn naam staan. Bijzonder dus dat uitgever Rob van Bavel Thomas wist te strikken voor deze nieuwe reeks rondom Roodhaar. Thomas levert een interessant en onderhoudend verhaal af dat smaakt naar meer.

In een barbaarse nederzetting in de Diepe Wereld groeit Roodhaar op als dochter van stamhoofd Kiley. Roodhaar doet niet onder voor de mannelijke strijders en kan niet wachten tot ze negentien wordt om de proeven van bekwaamheid af te kunnen leggen. Haar vader ziet dat echter niet zitten, want vrouwen horen in de gemeenschap van de Krills hun plaats te weten en die is eerder aan het aanrecht dan in de voorhoede van het gevecht. Uiteraard ziet de Roodharige schone dat anders. Voordat ze echter kan bewijzen wat ze in haar mars heeft, wordt de nederzetting aangevallen door wrede soldaten die op zoek zijn naar de erfgenaam van de koning van Rhagus. Ze ontvoeren daarom alle vrouwen van Krill naar hun eigen stad. Ook Roodhaar wordt gevangen genomen, maar die weet flink van zich af te bijten.

roodhaar_paginaVan dit eerste album leren we dat Roodhaar ook zonder Storm een gevaarlijke vrouw is die zich goed in gevechten kan weren. Wel is ze nog aan het zoeken naar wie ze eigenlijk is, zoals al haar leeftijdsgenoten. Ongetwijfeld vindt ze in de komende albums daar een antwoord op. Ik ben benieuwd hoe Thomas de plot verder zal ontwikkelen.

Het tekenwerk is van Romano Molenaar, de vaste tekenaar van Storm. In tegenstelling tot de hoofdreeks worden zijn tekening niet met het schilderwerk van Jorg de Vos verfraaid. Romano inkt zijn tekeningen zelf en het resultaat is visueel anders dan wat we van Storm gewend zijn. Anders, maar niet minder indrukwekkend. Ik hou erg van de snelle toets waar Romano mee inkt. Het geeft zijn tekenwerk een extra dynamiek. Molenaar is een vakman die goed thuis is in snelle actiesequenties en zijn mannetje staat als er grote overzichtsplaten gemaakt moeten worden. Ook laat hij zijn personages overtuigend acteren. Het is dan ook geen wonder dat hij vaak werkt voor DC Comics, want zijn stijl is geknipt voor de Amerikaanse markt.

Een paar weken geleden was ik bij stripwinkel Henk in Amsterdam waar Romano op de Batman-dag live illustraties maakte voor zijn fans. Het was een groot plezier deze comictekenaar aan het werk te zien. Net zoals Roodhaar #1 een plezierige leeservaring opleverde.

Roy Thomas & Romano Molenaar. De kronieken van Roodhaar #1: ‘De legende van Krill’
Don Lawrence Collection, €8,95 (reguliere editie)

Categorieën
Daily Webhead Strips Video

Daily Webhead Video: Remco Polman tekent Floris van Dondermonde

floris_van_dondermonde_coverDe Nederlandse stripwereld kan nog wel wat ridderlijkheid gebruiken. Gelukkig hebben we tegenwoordig Floris van Dondermonde om te laten zien hoe dat vechten met draken, spelen op een luit en het bedrijven van de hoofse liefde, gaat.

Remco Polman zorgt ervoor dat we kunnen lachen om de Middeleeuwen. Je vraagt je bij het lezen bijkans af waarom de Engelsen het ’the Dark Ages’ noemen want al die hitsige dames, homoseksuele draken en andere typische Middeleeuwse verschijnselen prikkelen de lachspieren.

Floris is inmiddels een vaste waarde in Eppo stripblad. Vrijdag 10 oktober werd in Lambiek het eerste album gepresenteerd Heer Floris steekt de draak. Onderstaande video is daar een registratie van en onthult het verhaal achter Floris uit de mond van Jantiene de Kroon. Ze vertelt hoe Polman zich vol overgave op het onderzoeken van de Middeleeuwen stortte. Ook legt ze uit hoe het zit met die Vind-ik-leuk sticker met Dirkjan op de cover van het album. En natuurlijk zien we Remco in actie aan de tekentafel.

Floris Deel 1 – Heer Floris steekt de draak.
Remco Polman en Wilfred Ottenheijm tekst, tekeningen en kleur.
Redactie: Rob van Bavel.

Met een voorwoord van Mark Retera.
Don Lawrence Collection, €8,95

Categorieën
Strips

Breda komt met Stripcultuurbeurs

De Nederlandse strip heeft er weer een stripprijs bij, namelijk de Stripcultuurbeurs in het leven geroepen door de gemeente Breda in samenwerking met Stichting Strips in Beeld. De prijs wordt uitgereikt op Stripfestival Breda.

logo-stripcultuurbeursDe gemeente Breda lanceert dit jaar een nieuwe stripprijs, de Stripcultuurbeurs en deze zal in samenwerking met Stichting Strips in Beeld dit jaar voor de eerste keer worden uitgereikt op Stripfestival Breda.

Voor dit jaar is er een bedrag van € 4.000 beschikbaar dat kan worden toegekend aan een of meerdere projecten die een positieve bijdrage leveren aan het Nederlandse beeldverhaal.

Rob van Bavel, voorzitter stichting Strips in Beeld: ‘Na het wegvallen van de Marten Toonderprijs wilde de gemeente Breda graag een nieuwe prijs voor het beeldverhaal. Er is in dit geval niet gekozen voor een debuutprijs of een oeuvreprijs, maar voor het beurssysteem waarmee aanvragers hun droomproject kunnen verwezenlijken. Hierin is de Stripcultuurbeurs uniek, en we hopen veel creatieve aanvragen te ontvangen.’

De Stripcultuurbeurs kan zeer breed gezien worden zoals het mogelijk maken van de productie van een stripverhaal, het organiseren van een expositie, reis- en verblijfkosten voor een stageplek of beursbezoek, het realiseren van een app, research voor een stripproject, maken van een muurschildering etc. Voorop staat dat het project de strip op sprekende wijze in beeld brengt.

Tot 14 september 2014 is het mogelijk om een aanvraag voor de Stripcultuurbeurs in te dienen. De inzendingen worden beoordeeld door een deskundige jury bestaande uit: Maartje de Haan, directeur van Museum Meermanno, Jos van Waterschoot, conservator van het stripdepot van de Universiteit van Amsterdam, en Jan Kamp, galeriehouder in Breda. Afhankelijk van de inzendingen kan worden besloten dat het om meerdere winnaars gaat waar het geldbedrag onder verdeeld wordt.

Op de website www.stripcultuurbeurs.nl staat het reglement en de voorwaarden.

Wat ik interessant aan deze beurs vind is dat het geld beschikbaar is voor niet alleen het maken van stripalbums maar ook voor projecten omtrent strips, beursbezoeken etc. De beurzen die tot nu toe werden uitgereikt waren vooral gericht op het financieren van graphic novels. Deze beurs biedt nieuwe mogelijkheden. Ook voor stripmakers die zich meer met de mainstream bezighouden.

Categorieën
Strips

Uitslag Stripschapprijzen 2013

Zaterdag 8 maart werden de jaarlijkse Stripschapprijzen, ook wel bekend als Stripschappeningen, uitgereikt tijdens de Stripdagen in Gorinchem. Traditiegetrouw laat een persbericht hierover op zich wachten, al kan het natuurlijk ook zijn dat het Stripschap mij niet op de maillijst heeft staan. In ieder geval staat er nog niets op de site van de organisatie. Gelukkig was juryvoorzitter Ger Apeldoorn zo sympathiek om de uitreikingsteksten en uitslag naar me te mailen.

Bij deze de tekst en de uitslag.

De categorie Nederlands Jeugd

Pim-Pam-PluisAlle strips die genomineerd zijn in de categorie Jeugd werden voorgepubliceerd in een tijdschrift. En dat is goed. Als de strip zijn populariteit wil houden bij nieuwe generaties, dan is het belangrijk dat er leuke, verrassende en spanende strips worden gemaakt voor beginnende lezers. En dat die gepubliceerd worden. En dat er uitgevers zijn die ze daarna willen bundelen. Kito en Boris van Aimée de Jongh werd oorspronkelijk gemaakt voor het tijdschrift Knuffel en daarna door Uitgeverij De Eenhoorn in boekvorm voortgezet. Pim, Pam en Pluis van Gerard Leever werd gemaakt voor Roetsj van Uitgeverij Zwijssen en uitgegeven door Strip2000. En Ivo en de Vikingszoon werd voorgepubliceerd in de jeugdkrant BimBam van het Reformatorisch Dagblad en daarna uitgebracht door de Christelijke Uitgeverijen.

Drie albums die je zonder probleem aan een kind kunt geven. Maar één van de drie springt eruit, doordat het niet alleen een leuke strip is maar ook nog tekenlessen bevat waardoor de lezer zijn eigen creativiteit eraan toe kan voegen.

Daarom is de Penning voor het beste Jeugdalbum 2014 voor een stripmaker die hier al vaker heeft gestaan en zijn album voor de allerjongsten: Gerard Leever en Pim, Pam en Pluis.


De categorie Nederlands avontuur en vermaak:

rhondaIn de categorie Entertainment honoreert het Stripschap albums waarmee je lekker in een hoekje kunt kruipen of waar de lezer smakelijk om kan lachen. Daar maken we er veel van in Nederland, maar drie sprongen er dit jaar uit. Rick Turpin van Yvan Claes en Daniël van den Broek is een vrolijk getekende avonturenstrip over een licht gestoorde Engelse aristocraat die verzeild raakt in de Caraïben. Het soort strip waarvan je zou willen dat er veel meer gemaakt werden, maar het is zoveel werk en ook helemaal niet makkelijk. Amoras 1 en 2 van Marc Legendre en Charel Cambré een eigentijdse herschepping van een klassiek stripduo. Eigentijds in elkaar gestoken, maar vooral ook boeiend verteld. Help Me, Rhonda van Hans van Oudenaarden op basis van een gegeven dat hij samen met Hanco Kolk ontwikkelde is een flitsende actiestrip, die op zij eigen manier het genre opnieuw uitvindt.

Maar de winnaar van de Penning voor het Beste Album uit de categorie Entertainment is er eentje die de commissie bij de lurven greep en niet meer los liet… Help Me, Rhonda van Hans van Oudenaarden.
De categorie Nederlands Literair:

Typex_Rembrandt-coverJe zou denken dat de Penning voor het beste boek in de categorie Literatuur dit jaar wel naar Rembrandt zou moeten gaan van stripmaker Typex. Zo’n groot boek, zo meespelend verteld, zo eigenzinnig, zo persoonlijk, zo… belangrijk voor het imago van de strip in de media. Daar kun je eigenlijk niet omheen. Maar er zijn meer mooie albums gemaakt dit jaar. Met Elsie en Mairi laat Ivan Petrus Adriaanse zien hoe je een historische strip moet maken zonder de menselijke maat uit het oog te verliezen. En Verdwaald van Shamisa Debroey is even meeslepend als poëtisch. Door alles wat het niet vertelt, vertelt Verdwaald misschien wel meer dan heel veel andere boeken. (pauze) Maar wie houden we voor de mal. Rembrandt is het boek van dit jaar en de Literatuur Penning voor 2014 gaat naar die grote, wilde, creatieve en uiteindelijk toch sympathieke beer… Typex, de man achter Rembrandt.

Categorie productie:

De productieprijs is in het leven geroepen omdat het Stripschap al die mensen wil eren die achter de schermen hun eigen bijdrage aan de boeken geven. Dit jaar heeft de commissie drie uitgeverijen genomineerd, die over de hele linie goed hebben gepresenteerd. De nieuwe heruitgave van Roodbaard is slechts één van veel prachtige boeken waar Uitgeverij Sherpa dit jaar (en de jaren daarvoor) hebben uitgebracht. Strip2000 valt al een paar jaar op door een consequente stijl, die met de jaren alleen maar meer tot zijn recht komt. Een simpele beslissing om iedere auteur zijn eigen kleur rug te geven, is uitgegroeid tot een handvat voor het auteursgerichte uitgavenbeleid. En de manier waarop nieuwkomer Lion zijn goed gekozen en perfect vertaalde comicalbums uitgeeft, is beter dan ze in Amerika doen. Maar de winnaar is een uitgeverij die al 25 lang garant staat voor kwaliteit en toeweiding.

Eén van de meest unanieme beslissingen die de comissie ooit genomen heeft. Kom naar het podium en haal je penning op, Matt Schifferstein en Peter Kuipers van Uitgeverij Sherpa.


Categorie buitenlands:

michel_coverIn de categorie Buitenlands heeft de comissie twee albums genomineerd van uitgeverij Blloan en eentje van Oog & Blik. Dat had ook andersom kunnen zijn, want beide uitgeverijen zijn grote spelers geworden op het gebied van de goed vertaalde en uitgegeven betere buitenlandse strip. Het is te hopen dat ze daar allebei nog lang mee door kunnen gaan, want uitgevers met visie kan de stripwereld goed gebruiken. Met Blast #3 van Larcenet honoreert de commissie alle delen van deze dwarse en zwartgallige reeks, waarmee de tekenaar laat zien dat de grootste galbakken nog altijd uit Frankrijk komen. Abeltje van Dillies en Hautière is lichter, of althans qua tekenstijl. Maar ook deze dierenstrip voor volwassenen heeft een prettig melancholieke toon.

Maar de penning voor het beste album in de categorie Buitenlands gaat voor deze commissie naar een meeslepend, menselijk en integer verteld verhaal over een moeder en haar geestelijk beperkte zoon. Een losse flodder, maar een boek wat je bij blijft, want dat kunnen strips ook zijn. Een strip waarmee je thuis kunt komen, Michel van Zidrou en Roger.

 

Alle stripmakers en uitgevers natuurlijk van harte gefeliciteerd!

Een extra penning was dit jaar voor het Meermanno Museum in Den Haag dat sinds enige tijd heel erg zijn best doet om als het Stripmuseum van Nederland gezien te worden.

Interview Fred de Heij
Rob van Bavel kreeg de Frankfurtherprijs
, Frits van der Heide de Bulletje en Boonestaak Schaal en Fred de Heij kreeg natuurlijk de Stripschapprijs voor zijn gehele oeuvre, maar daarover is al eerder bericht. Journalist Floortje Smit van het VPRO radioprogramma Nooit meer slapen interviewde De Heij recent over het winnen van de prijs:

De commissie van de Stripschapprijzen bestond dit jaar uit: Paul Teng, winnaar van vorig jaar, stripwinkelier Klaas Knol, Rudi de Vries, wetenschapper en publicist, recensent Teunis Bunt en Daan van den Bos, lid van het Stripschap. Mocht je het niet met de uitslag eens zijn dan mag je bij deze heren gaan klagen.

Categorieën
Strips

Frankfurther voor Van Bavel

Rob van Bavel, initiatiefnemer en hoofdredacteur van stripblad Eppo, krijgt dit jaar de P. Hans Frankfurtherprijs.

Een blije Rob getekend door Mars Gremmen.
Een blije Rob getekend door Mars Gremmen.

‘Zonder zijn blad, Eppo, was de conventionele strip er een stuk slechter aan toe geweest. Uitgever en hoofdredacteur Rob van Bavel is er met zijn kleine maar toegewijde redactie in geslaagd om een doorlopend podium te creëren voor komische one shots en spannende vervolgstrips voor een groot publiek. Dat hij dat heeft bereikt, is te danken aan zijn doorzettingsvermogen, zijn visie en, laten we eerlijk zijn, zijn koppigheid,’ aldus de commissie die als winnaar Van Bavel voordroeg aan het Stripschap.

De afgelopen vijf jaar is Eppo inhoudelijk behoorlijk gegroeid, vind ik. Er zit een divers aanbod aan strips in die de liefhebber van mainstream strips zal aanspreken. Zo’n 7000 van die stripliefhebbers hebben een abonnement op Eppo, wat voor een stripblad toch niet verkeerd is. Wat ik fijn vind is dat vanuit Eppo ook nieuwe stripreeksen geïnitieerd worden, zoals Ward en Haas, want dat is belangrijk om de stripmarkt fris te houden. Zelf voel ik ook een band met het blad: in freelance verband schrijf ik met veel plezier de column Stripplaatje onder de loep die onregelmatig in Eppo verschijnt. De Frankfurther is Rob en de medewerkers van Eppo van harte gegund.

Overigens wordt er in het juryrapport geen woord gerept over Stripfestival Breda waar Van Bavel en Eppo aanjagers van zijn. Die beurs is natuurlijk ook belangrijk voor stripuitgevers en -fans.

Bij Omroep Brabant zat de glunderende uitgever in de studio om uitleg te geven bij de prijs en te vertellen over het stripblad. We krijgen tevens een kijkje op de redactie van Eppo en zien enkele medewerkers voorbijkomen, waaronder Dick Heins.

Rob krijgt zijn Frankfurther op 8 maart tijdens de Stripdagen in Gorinchem.

Categorieën
Strips

Fred de Heij krijgt de Stripschapprijs 2014

Bij sommige berichten zeg ik: beter laat dan laat maar. Fred de Heij krijgt eindelijk de Stripschapprijs. En dat is natuurlijk meer dan terecht. De liefhebber van goedgetekende strips in een realistische stijl en erotische strips met een knipoog kent het werk van Fred de Heij natuurlijk al, toch plaats ik hier integraal het persbericht dat het Stripschap zondag 24 november naar buiten bracht. Gefeliciteerd, Fred!

Zelfportret van De Heij op de cover van Vintage.
Zelfportret de Heij op de cover van Vintage.

De winnaar van de Stripschapprijs 2014 is behalve stripmaker ook schilder en illustrator. Fred de Heij (Amsterdam, 1960) studeerde in 1983 af aan de Gerrit Rietveld Academie. Hij vond werk als illustrator van kinderboeken, waaronder Bolke de beer, maar het boeide hem niet. Hij pakte vervolgens zijn oude jeugdliefde op, het striptekenen, en met een aantal eigen probeersels tekende hij vanaf 1990 korte en langere verhalen voor de tijdschriften Donald Duck, Tina, Taptoe, Kuifje, Wordt Vervolgd en Penthouse Comix. Daarnaast begon hij ook meer en meer te experimenteren met ‘underground’-strips, satirische en erotische verhalen waarin de invloed van de Italiaanse tekenaar Milo Manara goed te zien is.

Phinny Prentice.
Phinny Prentice.

Nadat hij aan het eind van de jaren negentig de strip Filo, over een gewelddadige clown, in eigen beheer had uitgebracht, kwam hij in contact met uitgeverij Xtra van Ger van Wulften, die vanaf dat moment zijn vaste uitgever werd. In 2005 maakte hij de erotische thriller Afgezaagd en vanaf 2009 verschenen 15 nummers van het tijdschrift Pulpman, een erotisch satirisch pulpblad dat vrijwel geheel door Fred de Heij werd volgeschreven en getekend. Daarin rekende hij af met Bolke de beer in de sarcastische dierenstrip ’t Landje, liet hij de anti-western herleven in De schuilplaats en maakte hij korte metten met Amerikaanse striphelden als Rip Kirby en Batman.

Ondertussen had hij het schilderen ook weer ontdekt, wat goed te zien is aan de prachtig geschilderde hommages aan de oude pulpcovers die hij voor het tijdschrift Pulpman maakte. Diverse strips uit Pulpman werden naderhand in boekvorm uitgegeven door Xtra. In 2012 voegde Fred de Heij daar ook nog eens de direct voor album gemaakte thriller Phinny aan toe.

De cast van haas geschilderd door Fred de Heij. Helemaal links: Haas, de blonde van Donkersloot in het midden.
De cast van haas geschilderd door Fred de Heij. Helemaal links: Haas, de blonde van Donkersloot in het midden.

In 2009 verbaasde Fred de Heij vriend en vijand met een nieuwe strip voor het stripblad Eppo. De serie Haas, op tekst van uitgever en hoofdredacteur Rob van Bavel, is één van de nieuwe strips in dit om nostalgische redenen opnieuw gestarte tijdschrift. Haas is een oorlogsstrip die zich afspeelt in het Brabant van de Tweede Wereldoorlog. De hoofdpersoon Haas is de leider van een verzetgroep, die zich met hand en tand tegen de Duitse bezetter verzet. Maar de dreiging komt niet alleen van buiten. De spanningen binnen de groep, de verleiding van het geweld en het leven in een tijd van grote leugens zijn belangrijke thema’s.

Vintage_spread

De realistische stijl waarmee Fred de Heij deze emotionele actiestrip neerzet, is een belangrijk onderdeel van het succes. Door jarenlang pulpstrips te tekenen, heeft hij een vanzelfsprekende striptaal ontwikkeld, waarin expressief geacteerd wordt. Het zijn niet alleen de gezichtsuitdrukkingen van De Heij die aanspreken; zijn hele vertelstijl, de decoupage van de pagina’s waar hij zich van de schrijver vrijelijk mee mag bemoeien, hoe het ene moment in het andere overvloeit, laat zien dat we hier met een stripmaker van internationale allure te maken hebben. Soms zien we invloeden van buitenlandse pulptekenaars als Milo Manara, Jordi Bernet en Sergio Bonelli, die De Heij ook inderdaad bewondert. Maar net als deze tekenaars grijpt hij regelmatig terug op de oude meesters, zoals Alex Raymond, Milton Caniff en Will Eisner. Fred de Heij is een toegewijde tekenaar, die de ‘roots’ van zijn vak kent en er inspiratie uithaalt.

pulpman_15Als we met die ogen terugkijken naar het tijdschrift Pulpman is vooral ook te zien dat het een plek was waar De Heij naar hartelust heeft kunnen experimenteren, zijn vaardigheden heeft kunnen bekwamen en vooral ook tempo heeft leren maken. Want wie een succesvol tekenaar wil zijn, moet regelmatig met nieuw werk komen. Voor dat laatste hoeven we bij Fred de Heij niet bang te zijn. In het afgelopen jaar heeft hij met schrijver Willem Ritstier gewerkt aan een nieuwe horrorwestern voor een groot publiek, tekende hij de documentairestrip Peking – Oorlog in de diplomatenwijk naar aanleiding van zijn gelijknamige tentoonstelling in het Nationaal Archief en loopt vanaf november het vijfde avontuur van Haas in het stripblad Eppo met als titel Dodenlijst.

Daarnaast heeft De Heij ook het schilderen weer ontdekt. In zijn atelier in Zaandam tekent hij portretten en landschappen. In 2010 werkte hij mee aan het televisieprogramma Sterren op het doek van Hanneke Groenteman. Ook zijn satirische kant is niet verdwenen. Voor het Nederlandse tijdschrift Mad maakte hij een vlijmscherpe ‘spoof’ van het televisieprogramma Voetbal International en in Pulpman 11 haalde hij Matthijs van Nieuwkerk en De wereld draait door onderuit.

De commissie van de Stripschapprijzen roemt met Fred de Heij een stripmaker pur sang. Een expressieve tekenaar die alle middelen die de realistische tekenaar ter beschikking staan gebruikt om de lezer mee te slepen in zijn verhaal. Hij is een unieke tekenaar met een eigen stem, die desondanks goed in staat is om op scenario van een ander te werken. Op die manier heeft hij in de afgelopen vijf jaar een voor Nederland ongekend œuvre opgebouwd.

Beknopte bibliografie van Fred de Heij
1995 Don’t Panic (scenario: Martin Leijen) t.g.v. 50 jaar Verenigde Naties

1997 Magische gebeurtenissen

2001 Frans en Suzanne maken het goed

2006 Afgezaagd

2008 ’n Net meisje

2008 De Zeemeeuw

2008 Spaanders

2010-heden Haas (scenario: Rob van Bavel)

2010 ’t Landje

2010 Vintage

2011 Phinny – Rendez-vous

2012 Confessions (in 2013 in het Nederlands uitgebracht als Biechten)

2012 De schuilplaats

2014 Peking – Oorlog in de diplomatenwijk