Categorieën
Mike's notities

Jubilerend Krezip in HMH

Wat mij betreft werd 2007 dit weekend op passende wijze muzikaal afgesloten met het concert van Krezip in de HMH te Amsterdam.

Bron: Sentimento.nl

Krezip begon haar tienjarig jubileumconcert met de ballad ‘Not Tonight’. Een opvallende keuze om een feestje mee te beginnen. Maar een keuze die goed uitpakte. Toen de lichten doofden klonken de koude synthesizerklanken van Annelies Kuijsters door de zaal. Jacqueline Govaert kwam op en zette in zuivere toon de tekst in. Kippenvel. Vanaf de eerste minuut was het gehele publiek in de ban van de sympathieke zangeres en haar band. (Een contrast met Stevie Ann die in het voorprogramma zat. Stevie blonk uit met een energieke cover van ‘Personal Jesus’ van Depeche Mode, maar de rest van haar segment bleef toch wat kleurloos in vergelijking met de springende en energieke Govaert.) Goed uit de verf
In de ruim negentig minuten durende show kwamen de bekendste nummers van Krezip voorbij, al was de focus vooral gericht op het laatste album Plug It In. Hoewel mijn voorkeur nog steeds uitgaat naar het voorgaande album What Are You Waiting For, kwamen de door de jaren tachtig geïnspireerde dancebeats van Plug It In goed uit de verf in het liveoptreden. Het zijn echter vooral de ballads als ‘All My Life’ en ‘I Apologize’, waarin de warme stem van Jacqueline het mooiste tot haar recht kwam. Dit was voor een deel te wijten aan de geluidsmix die avond: bij de drukke en volle nummers werd de zang nog wel eens weggedrukt door het instrumentarium van de band. Reggae
De evergreen ‘I Would Stay’ (waarmee Krezip een blijvende indruk op Pinkpop maakte in 2000) leek in eerste instantie op de bekende performance uit te draaien met alleen Jacqueline achter de piano en Annelies als verdienstelijke tweede stem. Totdat de rest van de band inzette met een reggaebeat en Pieter Both (zanger van de reggaeband Beef) samen met Jacqueline én de zaal er een frisse versie van maakte. Verrassende toevoeging aan het repertoire was de cover ‘Everybody’s Gotta Learn Sometime’ (aankomende single en gebruikt in de film Alles is liefde). Filmpje!
Als intermezzo werd er een filmpje getoond met beelden van de afgelopen tien jaar. Niet dat de fans onbekende beelden te zien kregen, maar toch leuk om weer even terug te blikken. Getuige de aanwezigen in de zaal, spreekt Krezip een heterogeen publiek aan. Er liepen veel tieners rond, maar ook twintigers en dertigers. Hier en daar viel zelfs een grijze veertiger te ontwaren. Net de rest van de aanwezigen ben ik benieuwd wat de leden van de sympathieke Tilburgse band voor volgend jaar in petto hebben. Lees ook: Recensie Plug It In.

Categorieën
Film Mike's notities Strips

Mike’s Webs: A – Z

Persoonlijk jaaroverzicht 2007

Het is december en dus weer tijd voor lijstjes: de Top 100 Aller Tijden, de top-2000, de beste/slechtste films van het jaar… Arbitrair, vaag, maar wat kan het schelen? Dit keer op Mike’s Webs geen top-zoveel, maar een persoonlijk alfabet, waarin iedere letter een voor mij belangrijke betekenis meekrijgt. Schroom niet om je eigen lijstje als commentaar toe te voegen.

A – Andy Warhol: Kunstminnaars ontkwamen dit jaar niet aan het werk van Warhol die twintig jaar geleden overleed. Ikzelf was blij verrast toen ik in Edinburgh zijn schilderwerk ‘live’ kon zien. De expositie in het Stedelijk een paar maanden later, vol met zijn filmwerk, was daar een mooie aanvulling op. Voor een Warhol-fan als ik een ware dream come true.

B – Bloggen: Sinds augustus meer dan een jaar(!) Oké, dat is nog relatief kort vergeleken bij die-hard bloggers als Aukje en Frommel (die respectievelijk al ruim vier en drie jaar achter het toetsenbord kruipen) maar goed. Bloggen is de vrijheid om te publiceren wat je wilt; het is een creatieve manier om met anderen in contact te komen en hier en daar steek je nog iets op van andermans blog.

C – Californication: Een sitcom die ver boven het genre uitstijgt. Kon televisie maar altijd zo goed zijn…

D – Des Duivels: Dit jaar las ik Lucifer Rising van Gavin Baddeley. Een interessant boek over zonde, satanisme en rock-‘n-roll. Aansluitend The Satanic Bible van Anton Szandor LaVey, oprichter van The Church of Satan, gelezen. Een uniek zelfhulpboek dat niet mag ontbreken in de collectie van iedere zelfrespecterende satanist.

E – Edinburgh: Waar ik op spokenjacht ging en mijn hart verloor aan (een) lokale schoonheid.

F – Faces & Names: Het soloalbum van David Pirner. Ik liep stad en (buiten)land af op zoek naar deze cd, om hem uiteindelijk via het interpret in Oostenrijk aan te schaffen. Gelukkig was dit kleine meesterwerkje alle moeite van het bemachtigen waard.

Femme Fatale: Omdat je weet dat je je vingers gaat branden, maar je toch de drang om haar aan te raken niet kan weerstaan.

G – Gothic: In sommige gevallen is het wellicht een overheersing van style over matter, maar tóch blijven die door korsetten strakgetrokken meisjes met dikke lagen zwarte make-up en een bleke huid, het werk van Edgar Allan Poe en oude kerkhoven mij fascineren.

H – Halloween: Het leukste feestje van het jaar.

I – Inspiratiebronnen: Van die werken waardoor je gewoon zin krijgt om zelf iets te gaan maken. Dit jaar waren dat in ieder geval alle producten en makers die in deze lijst positief naar voren komen. De documentaire over de tot standkoming van de film Clerks II was tevens een bron van inspiratie – de lol van het is namelijk van Kevin Smith en zijn crew af te lezen. Als ik zie met hoeveel passie deze flick van Kevin Smith is gemaakt, en hoeveel lol de makers op de set hadden, krijg ik meteen zin zelf ook achter de camera te duiken.

J – Joker: Niet alleen een van de meest tot de verbeeldingsprekende stripschurken, ook de kleurrijke en psychotische tegenhanger van de Dark Knight. En de levendige pleitbezorger van de filosofie dat je maar beter lachend kunt sterven. Eigenlijk heb ik relatief weinig van de grijnzende psycho vernomen in 2007, maar dat zal volgend jaar ruimschoots worden gecompenseerd als The Dark Knight in de bioscoop te zien is. “I always envisioned myself as being a hero like Batman, but I turned out to be just another Joker.”

K- Kaufman, Andy.

L – Liveconcerten: Een paar memorabele optredens die ik heb gezien waren die van Ellen ten Damme tussen de uitverkoopbakken in Concerto en het optreden van Moke op het lokale poppodium.

M – Meccano: De Ruwe Gids. Een gestileerd meesterwerk van Hanco Kolk. Een van de beste graphic novels van het jaar.

N – Nine to Five: Omdat dit eigenlijk niet echt bij me past, maar ik me er toch al een jaar doorheen weet te slepen. Het staat voor het feit dat ik vond dat ik me op mijn dertigste maar eens volwassen moest gaan gedragen. Dus een vaste baan, vast inkomen en dagritme. Een paar maanden later besef ik dat dit allemaal niet echt nodig is. Volwassenheid is ook maar een pose. Weer wat geleerd.N – Nerds: Love ‘em!O – Onmogelijke liefde: You know who you are.

P – Prestige, The: Een van de beste films van het jaar. Een genot om keer op keer te bekijken.

Q – (altijd lastig in te vullen die ‘Q’) Queeste: De eeuwigdurende zoektocht naar zingeving en geluk.

R – Reed, Lou: Door de Warhol-expo en zijn eigen foto-expositie in Amsterdam was dit voor mij ook een beetje het jaar van Lou. Maar vooral om zijn muzikale erfenis en het werk van The Velvet Underground.

S – Spider-Man 3: De grootste teleurstelling van het jaar.S- Stripbeurzen: In totaal vijf stripbeurzen bezocht dit jaar. Rijswijk en Houten waren allebei memorabel om verschillende redenen. De recente stripbeurs in Turnhout fungeerde ik als pr-man van Studio Nieuw Gehoer, wat een geheel nieuwe ervaring met zich mee bracht. In alle gevallen in ieder geval veel lol gehad. De videoreportage over Nieuw Gehoer On Tour zal begin volgend jaar op de site te zien zijn. Andere stripevents als de Bloeddorst-borrel en 24hr Comics waren weliswaar geen hoogtepunten, maar wel erg gezellige bliksembezoeken.

T – Twin Peaks:
De gehele televisieserie weer gezien én beleefd. Nog steeds boeiend, unheimisch en van een onbeschrijfelijke schoonheid. David Lynch weet als geen ander hoe hij dagelijkse voorwerpen ‘eng’ moet maken. Ik las na het herzien van de serie Lynch on Lynch, een boek vol interviews met de excentrieke filmmaker. Wie met aandacht naar de films van Lynch kijkt, gaat de wereld door andere ogen beleven. Zelfs het alledaagse blijkt bijzonder. Angst zit in een klein hoekje.

U – Ultieme ervaringen: Dát gevoel van spanning, opwinding en verbazing dat je ervaart als je voor het eerst in aanraking komt met iets totaal nieuws, afwijkends of singuliers. Momenten die zeldzamer zijn dan we zouden willen, maar die wél voor een groot deel de kwaliteit van een leven bepalen. Uiteindelijk draait het wat mij betreft om dit soort momenten. (Maar ja, ik geloof dan ook niet in een leven na dit leven.)

V – (Daredevil) Visionaries: Frank Millers baanbrekende werk in de Daredevil-reeks is een paar jaar geleden opnieuw uitgegeven in drie dikke stripbundels. Recentelijk heb ik eindelijk het tweede deel gelezen. Hierin wordt onder andere het verhaal van Daredevils vriendin Elektra uit de doeken gedaan. Inclusief haar (tijdelijke) dood. Millers verhalen zijn tijdloos. Het artwork springt van iedere pagina. Inkter Klaus Janson zette de potloodschetsen van Miller om in een levendige lijn.

W – Wonder Boys:
Het boek én de film.

X – (zal altijd staan voor) X-Men: De buitenbeentjes in het Marvel Universum die als geen andere superheldengroep staan voor de ontwikkeling en vervreemding die pubers doormaken. Maar iedereen voelt zich wel eens buitengesloten. Het lukte de filmmakers van de X-Men-trilogie overigens wél om drie goede films af te leveren. Misschien had Sam Raimi Spider-Man 3 aan anderen moeten overlaten. Of hij had beter een deel van het derde deel in een volgende film kunnen stoppen.

Y – Yesterdays: In het jachtige jaar 2007 was voor mij weinig plaats voor gevoelens van nostalgische aard. De toekomst klopt al een tijdje op de deur, maar pas sinds kort zijn de contouren van haar gestalte zichtbaar. (Beetje vaag filosofisch geneuzel, ik weet het, maar het is dan ook erg lastig om de Y te vullen.. 😉

Z – Zondag: Perfect of niet
, toch fijn dat hij er is. En volgens sommigen nog steeds de eerste dag van de week.

Categorieën
Mike's notities

Column: Kerstfeestje van de zaak

In het bedrijf waar ik werk is het kerstpakket taboe. In plaats daarvan wordt er jaarlijks een feestje gegeven voor de personeelsleden. Filmsterren was het thema dit jaar. Veel Pink Ladies (Grease), James Bond-klonen en Matrix-mannen liepen er dus rond. Zo’n bedrijfsfeestje levert altijd interessant studiemateriaal op voor antropologen en sociologen. Collega’s die normaliter strak in het pak zitten en vooral zakelijk afstandelijk zijn, springen uit de ban. Het is alsof een avond in het jaar de façade van professionaliteit wordt afgedaan en chaotische gekte de mensen achter het pak heeft overgenomen. Het was dan ook genieten van de vele heupbewegingen op de dansvloer; testosteronbenaderingen naar vrouwelijke collega’s toe en het binnenwerken van de dikke draden mie terwijl mensen een normale conversatie trachtten te voeren. Het levert beelden op die langer beklijven dan menig kerstpakket. De grote baas van het bedrijf, die van een afstand wel iets wegheeft van Mark Wahlberg, heeft de eigenaardige hobby om als dj te fungeren op dit soort feesten. Hij stond dan ook het merendeel van de avond achter de draaitafels als een heuse DJ Tiësto. Als de grote tovenaar van Oz draaide hij het ene dancenummer na het andere (met niet altijd even vloeiende overgangen overigens), terwijl het personeel schokte op de door hem ingezette beats. Het leek me een aardige metafoor voor de gewone werkdag. Het was immers nog steeds de Grote Baas die het ritme aangaf en waar het personeel op meedeinde. Ik vroeg me af of hij dit soort feestjes organiseert om aan zijn dj-fetisj te voldoen. Maar wie weet staan er draaitafels thuis en gaat hij ieder weekend uit zijn dak in de huiskamer. Rond middernacht liet ik mijn collega’s op de dansvloer achter. Het zou immers niet lang meer duren voordat ik van een filmster in een gewone werknemer zou veranderen.

Categorieën
Mike's notities

Column: Consumptiestop

Koopzondag: ik zie ze rennen, door de regen. Handen vol tassen. Winkel in, winkel uit. Gejaagde blikken. Zoeken, scannen. Nog even hier kijken…. Kijken, waarvoor? Bang dat je iets mist?Ik ben niet veel beter. Ook ik vul mijn tijd met het struinen, kopen en consumeren van genotsmiddelen als boeken, cd’s en dvd’s. Uitverkoop in de platenzaak? Toch even kijken. Samen met de andere duizenden consumptiezombies. Schappen vol met goede albums; je kunt niet alles kopen. Ik moet kiezen, maar dat lukt haast niet. Als een autist staar ik naar de gekleurde cd-hoesjes. Mijn trance wordt doorbroken door de persoon naast me, die staat te dringen bij de bak. Alsof de voorraad ooit op kan raken. Alsof het iets uitmaakt. Heb je echt die ene cd nog nodig? Ik wíl hem, want het kán.Ik vul de leegte met de spullen uit de uitverkoopbakken. Het kost bijna niets, dus minder kieskeurig. Al snel staat de kast vol met secundaire rotzooi. Je huis lijkt een grote uitverkoopbak. Zo nu en dan probeer ik te stoppen, of in ieder geval te minderen. Dan stel ik een consumptiestop in, en koop alleen het ‘hoognodige’. Dat ene album waar ik al tijden op aas en dat nu eindelijk voor een redelijke prijs is te krijgen. Dat onverwachte juweeltje uit de filmgeschiedenis die ik niet mag laten liggen. Toch, zelfs al hanteer ik een kieskeurig beleid, vol wikken en wegen, dan nóg staat geregeld een halve meter plank voorraad op me te wachten terwijl ik met nieuwe spullen thuis kom.We leven in een consumptiemaatschappij. Bestaan door te consumeren. Ik struin, ik koop, ik besta. En terwijl ik consumeer, en geniet van de producten – want dat mag ik niet ontkennen, ik geniet wel degelijk van de spullen – kronkelt er diep van binnen het gevoel dat het ook anders kán. Dat er meer hoort te zijn.Ik negeer het gevoel en bestel nog snel iets online.Verwante teksten: Extra lang en De jacht.

Categorieën
Boeken Mike's notities

Extra lang

Het einde van het jaar is in zicht en dus werd het tijd om wat atv op te maken. Die kun je namelijk niet meenemen naar het komende werkjaar. En vrije tijd weggeven is natuurlijk zonde. Dus dit weekend vrijdag en maandag vrij.

Nog een keer Edie om het af te leren… (en omdat ze een stuk knapper was dan Warhol).

Collega’s vragen altijd bij een lang weekend waar je naartoe gaat. Kennelijk moet je dan meteen maar een weekendje Rome of Parijs pakken. Overigens geen slecht idee, maar ik kies er liever voor om wat vrienden te bezoeken. Gisteren dan ook twee caféafspraken gehad. In de ochtend de Schone Schrijfster aan tafel, die even een rustpauze kon gebruiken van haar vele schrijfwerk. Ze is met een tweede roman bezig – een groot karwei dat niet alleen veel aandacht eist, maar net zoveel discipline. In de middag sprak ik met vriendin N. die recent een eigen bedrijf als mediator is gestart. Mediation is een van de opkomende beroepen, daar de opleidingen hiervoor als paddenstoelen uit de grond schieten. Kennelijk kunnen mensen wel een intermediair gebruiken bij geschillen. Er valt dan ook een hoop te bakkeleien in het dagelijks leven. Vriend Paul is uitgenodigd om werk op te hangen voor de expositie ‘Cartoons at work’ in Atelier Open. Hij zal naast Peter de Wit komen te hangen. Geen slecht gezelschap. We hebben vrijdagmiddag wat van zijn cartoons voor intermediairforward.nl afgeleverd en een praatje gemaakt met de opgewekte eigenaar van de galerie. Tot slot nog even een korte odyssee langs de door ons vaak bezochte winkels in Amsterdam. Wat vrouwen over het algemeen hebben met het kopen van schoenen, heb ik met de aanschaf van boeken, cd’s en dvd’s. Ik kocht het boek POPism van Andy Warhol en Pat Hackett – Warhols memoires over de New Yorkse kunstscène in de jaren zestig. Op de voorkant is een foto van de kunstenaar en Edie Sedgwick te zien tijdens een gezellig onderonsje. Bij Fame vond ik tot mijn grote blijdschap een dvd van de film The Player. The Player (Robert Altman, 1992) is jarenlang niet in deze contreien te koop geweest en staat al jaren op mijn verlanglijstje. Meteen maar even Sideways meegepikt, die iets lager op het lijstje stond. Vanmorgen stond de postbode voor de deur. Het nieuwe schrijfwerkje van Kevin Smith dat ik online had besteld was binnengekomen: My Boring-ass life. 470 pagina’s vol potentiële hilariteiten uit de pen van regisseur Smith. Kortom: Forget Paris. Ik heb genoeg te doen dit weekend.

Categorieën
Mike's notities

De perfecte zondag van Menno Kooistra

Menno heeft eerder op deze site een gepassioneerd artikel geschreven over David Bowies album Low. En hij blogt natuurlijk op zijn eigen Mennomail.Lees de andere perfecte zondagen hier.

Categorieën
Mike's notities

Soul Asylum: Misery & Euforie

Frommel vroeg mij een gastbijdrage in de rubriek Daydream Nation te schrijven, waarin mensen over hun favoriete plaat vertellen… ‘Did I listen to pop music because I was miserable? Or was I miserable because I listened to pop music?’
– High Fidelity, Nick Hornby Schrijven over mijn favoriete plaat is een onmogelijke taak, simpelweg omdat die niet heb. De favoriet van vandaag is morgen sleets gedraaid en vervangen voor een nieuwe lievelingsschijf. Daarom een ode aan de cd die in het afgelopen jaar waarschijnlijk het meeste in mijn cd-speler draaide. Black Gold: The Best of Soul Asylum.Lees verder op Frommel.blogspot.com

Categorieën
Mike's notities

De perfecte zondag van Mike

Dialoog interieur

De Perfecte Zondag. Een goede strip in mijn handen. Bijvoorbeeld het hoofdverhaal van Marvel’s Civil War: een van de beste comics die ik recentelijk heb gelezen. Mijn hoofd leeft mee met de helden die vechten tegen de Amerikaanse regering (De kant van de anarchisten is de kant waar ik thuishoor). Last.fm draait artiesten af die gerelateerd zijn aan Lou Reed: David Bowie, Velvet Underground, Neil Young, John Lennon, Bob Dylan… Zo nu en dan ontdek ik nieuwe muzikale juweeltjes. Nummers die ik nog niet kende, oude bekende in een andere uitvoering. Buiten schijnt de najaarszon, binnen is het aangenaam warm, maar niet té. Net als mijn kopje cappuccino. Ik heb de rest van de dag geen verplichtingen, kan doen en laten wat ik wil…

– Oh, fuck off, man. Noem je dit de Perfecte Zondag?

Ja, hoezo?

– Fucking nerd. Beetje in een stripje zitten lezen, eenzaam en alleen muziek luisteren. En altijd dat geneuzel over de perfecte cappuccino. Get a fucking life, mf!

Nou ja, zeg.

– Nee serieus. Het gaat om de “Perfecte Zondag”! Die moet dus ideaal zijn. Misschien wel té mooi om waar te zijn.

Oké, wat stel jij voor dan?

– Oké, luister. Je wordt ’s ochtends vroeg wakker naast je geliefde. De Ware…

“De Ware”… erg origineel hoor. Dat heb je gewoon van Frommels perfecte zondag gejat. En dat is wel heel ideaal, De Ware. Wie ben jij nu eigenlijk, fucking Hugh Grant? Het leven is geen rom com, weet je.

– Hallo, mag ik even uitspreken? Dank je. De Ware is in jou geval degene die het leukste is en het langste blijft plakken, maar goed. Je doet het maar met de riemen die je hebt. Roeien bedoel ik. Je wordt wakker naast De Ware en jullie bedrijven de liefde in het ochtendlicht. Haar lichaam gloeit in de rode gloed van de opkomende zon. Haar ku-

Ja, zo ik snap ook wel wat je bedoelt. Volgende scène graag, het hoeft allemaal niet zo plastisch.

– Mietje. Anyway. Misschien is de Perfecte Zondag de dag dat je haar ontmoet. In dat stadium heb je minder kans het te verkloten.

Ennnn bedankt. Verder nog iets leuks bedacht?

– Op de Perfecte Zondag krijg je een telefoon van een producent. Ze besluiten eindelijk een van die scenario’s van je te verfilmen. Op de über-perfecte zondag mag je hem zelf nog regisseren ook. Of je eerste boek wordt uitgegeven, wat dacht je daarvan?! Dat zou pas de Perfecte Zondag zijn. En om het te vieren neem je De Ware mee uiteten, of naar een film en daarna vieren jullie je overwinning tussen de lakens.

‘Tussen de lakens’. Erg origineel weer. En is dat nog steeds dezelfde Ware als hierboven, of is het alweer een nieuwe?

– Ha, wie is er nu de cynicus?

Ach, je hebt ook wel gelijk: het kan geen kwaad om te dromen.

– Precies.

Maar waarom kan het niet allemaal?

– ?

Het is toch de Perfecte Zondag? Waarom niet met de Ware wakker worden. Een paar uurtjes muziek luisteren en een goede strip lezen…

– Terwijl zij de verplichte bezoekronde bij de schoonouders doet…

Precies. En dan word ik ondertussen gebeld over die film of dat boek.

– En daarna gaan jullie het vieren! Klinkt als een superperfecte zondag als je het mij vraagt.

Precies.

– Kun je me even die cappuccino geven? Ik heb er dorst van gekregen.

Lees de andere perfecte zondagen hier.

Categorieën
Mike's notities

Couleur locale: Edinburgh (slot)

Feitelijke fictie en Filmische scènesIk kan erg genieten van de contrasten in Edinburgh. Het verleden loopt hier door het heden, als een altijd aanwezige entiteit; een historisch decor voor hedendaagse taferelen. Historie en fictie zijn hier ook niet van elkaar te onderscheiden. De gidsen in de stad vertellen veel sappige verhalen over hoe het hier vroeger was, maar het waarheidsgehalte van veel van deze verhalen is niet te verifiëren. Volgens mij weten ze zelf ook niet dat de mythes van de waarheid te onderscheiden. Grafstenen zijn bijvoorbeeld vervangen voor nieuwe versies of geplaatst voor de show – zoals de grafsteen van het baasje van Grayfriers Bobby – zodat toeristen zoals ik zich kunnen vergapen aan de historische elementen en zich even in het verleden kunnen wanen. Het maakt ook niet uit wat de waarheid is en wat niet. Het zijn immers mooie verhalen waar we graag in geloven. Dit maakt Edinburgh tot een literaire stad – een goed verhaal vertellen is immers op een overtuigende manier de waarheid liegen. Imogen
Mocht het je je afvragen: dit verhaal is echt gebeurd. Al voelen sommige taferelen alsof ze uit een film komen. Imogen staat achter de balie in The Elephant House. Imogen leeft het cliché: serveerster overdag, ’s avonds staat ze op de planken. In de aflopen drie jaar speelde ze geregeld rollen. Ook speelde ze in een independent film: The Inheritance. Tijdens mijn vierde dag in Edinburgh, bezoek ik voor de tweede maal The Elephant House. Wanneer ik in de rij sta om te bestellen zie ik haar voor het eerst. Ik word meteen gegrepen door de krachtige expressie in haar gezicht. Ze is prachtig én heeft karakter. Wanneer Imogen een wenkbrauw optrekt, schuilt daar een heel verhaal achter. We kijken elkaar aan. Mijn longen vergeten adem te halen; mijn hart staat even stil. We blijven kijken. Ze glimlacht. Ik besluit ter plekke dat Imogen mijn Edie Sedgwick is.Als ik een uurtje later vertrek, loop ik samen met haar naar buiten. Toeval bestaat niet; serendipiteit is een mooi iets. Ze gaat op het randje onder het raam zitten en steekt een donkerbruine sigaret op – het lijkt op een dun sigaartje. Ik ga rustig naast haar zitten en kijk naar het puntje van haar sigaret. We beginnen een gesprek over haar werk. Ze woont nu zeven jaar in Edinburgh en is net begonnen met acteerlessen. Je moet immers blijven groeien, vindt ze. Tussen Imogen en mij klikt ‘t meteen. Ware het niet dat ik morgen weer naar huis vlieg en ware het niet dat ze al 2,5 jaar hetzelfde vriendje heeft, dan had ik mijn hoofd wellicht laten vollopen met romantische gedachten. Toch wisselen we e-mailadressen uit. ‘Voor als je weer in de buurt bent.’ Imogen is zéker een reden om nog eens terug te komen – alsof Edinburgh zelf al niet reden genoeg was. Dag 5
Voordat ik de lucht in ga doe ik de nodige boodschappen: boeken en cd’s. Het is me niet gelukt om de cd van Dave Pirner te vinden. Wel The Best of Soul Asylum en een compilatie-cd van de Schotse band Travis.

Satan, Sin, and Death: Satan Comes to the Gates of Hell. Aquarel door William Blake.

Om wat tijd te doden bekijk ik een kleine expositie van het werk van William Blake. Blake was een Brits schrijver, dichter, tekenaar, schilder en graveur die leefde van 1757 tot 1827. De expositie bestaat voornamelijk uit een kleine selectie van zijn gravures. De gravures bij het verhaal van Job lijken veel op afbeeldingen uit Marvel comics. Veel gespierde mannen; zelfs de duivel heeft zichtbaar veel tijd doorgebracht in een helse sportschool. Blake’s verfijnde stijl vol details spreekt mij aan. Meer Imogen
Voor vertrek zit ik nog een keer in The Elephant House. Daar heb ik afgesproken met Carly,een meisje dat ik woensdag op de Literary Pub Tour heb ontmoet. Een interessante tour overigens, waarin twee acteurs ons meenamen naar de kroegen waar beroemde Schotse schrijvers hun drank en hoeren scoorden. Terwijl ik op Carly wacht, komt Imogen een paar keer naar me toe. Soepeltjes zet het gesprek van gisteren zich voort. Als Carly een uurtje later weer is vertrokken, regelt het toeval dat Imogen net rookpauze heeft als ik wil vetrekken. Buiten praten we nog wat verder. Hoewel ik dit nog uren met haar had willen doen, is het tijd om te gaan. Gotta fly now, baby. Zien is geloven, geloven is zien…
Niet veel later zit ik te suffen op het vliegveld van Edinburgh. Ik ga weer naar huis, maar heb een zwaar gevoel in mijn lijf. Ik ga deze prachtige stad missen. In de afgelopen dagen geen spook gezien. Wel veel aardige mensen ontmoet. Graag had ik wat meer tijd gehad met mijn favoriete serveerster/actrice. Maar wie weet wat de toekomst brengt. Over een paar dagen maar eens een mailtje sturen. (Maar zelfs als daar geen antwoord op komt, doet dat geen afbreuk aan het magische gevoel van onze ontmoeting.)
Als, nee, wanneer ik weer terugkom wil ik niet meer de toerist uithangen. Liever een project doen, of een cursus volgen. Je leert een stad beter kennen als je er een tijdje woont en een bepaalde functie vervult… In het vliegtuig lees ik het boek The Ghost That Hauted Itself over de Mackenzie Poltergeist. In gedachten sta ik op Greyfriar’s Cemetery. Het is avond en er waait een koude wind. De kettingen rond het hek dat the Covenanters’ Prison afsluit, rinkelen in de wind. Onder mijn voeten liggen een miljoen zielen begraven. Misschien dat Mackenzie vanavond van zich laat horen. Ik wacht rustig af…Lees ook:
Deel 1: Girls, Ghosts and Warhols,
Deel 2: City of the Dead
,
Deel 3: Polen, Nieuw-zeelanders en Onzichtbare Vrienden,
Deel 4: Serpenten, tombes en Sherlock Holmes,
Deel 5: Andy Warhol & Harry Potter
,
Deel 6: Arthur, Dante, Rose en Bobby.

Categorieën
Mike's notities

De perfecte zondag van René van D.

Ik knipperde wat met mijn ogen. Wreef er even goed in met gebalde vuistjes. Keek nog een keer naar mijn beeldscherm. Naar het mailtje dat binnengekomen was. Bevriend freelance-schrijver Mike van Mike’s Webs had wat mensen aangeschreven of ze niet iets over hun ideale zondag konden schrijven, en ik was een van de geadresseerden. Het bevreemdende besef zonk in dat mijn weekenden in een jaartje nachtburgemeesterschap toch nogal drastisch veranderd zijn. Evenement na evenement loop ik inmiddels in het Tilburgse nachtdomein af, om dan daarna nog in het holst van de nacht geschoten foto’s en filmpjes te bewerken en een, doorgaans kritisch getint, verslagje te tikken.Uitgaan is al een vrij lange tijd geen ontspannende bezigheid meer
geweest. En de dag dat onze Schepper zogezegd de voetjes op tafel en een biertje in zijn schoot zette, is ook allang geen rustdag meer. De risico’s van in een goedbewaard geheim-bruisende stad wonen, natuurlijk, maar af en toe mis ik de rustigere zondagen
uit het verleden wel.De ene zondag zit ik op het voor mij volstrekt onchristelijke tijdstip van twaalf uur, met een biertje tegen het roestig kreunen van het gestel op dit vroege tijdstip, in theater Zaal 16 naar de culturele stand van zaken te luisteren in Café Carré. De andere zondag in een nazomerzonnetje middenop het Tilburgse Heuvelplein omgeven door zotte vaudeville-acts. Weer een andere zondag sta ik zelf malle streken uit te halen door het literair geïnteresseerd volk wijs te maken dat de gemeente een half miljoen euro steekt in het installeren van 34 Wijkdichters.Nee, met de titel verdween vlot edoch ongemerkt het weekend zoals ik het voorheen kende. Zeg maar de twee of drie dagen die menig ander juist gebruikt om opnieuw ‘op te laden’ voor de onvermijdelijk volgende werkweek. De rustdag, het cliché-beeld van grasmaaien, familie bezoeken en rustig wat voetbal kijken is spurlos uit mijn universum verschwunden. Rust krijg ik pas doordeweeks, als ik op de werkplek zit, waar ik me juist voor de avonden en weekenden zit op te laden. Met veel koffie, dat wél.Er was echter één zondag recentelijk die in een dergelijk daglicht flink heeft geschitterd. Één klein zondagje heeft zich dapper verzet tegen de overheersende cultuurdrift. Dat zondagje had namelijk een toverdrank, pardon, een flinke hoeveelheid roodharigen. Ik moest er wel even voor ‘vreemdgaan’ want het was in Breda. Een stadje dat ik nooit heb gemogen. Een echt VVD-paradijsje met een centrum waar ik nog nooit leuke stapervaringen gehad heb, een uitstraling die me niet kan bekoren en een logistieke indeling die volstrekt onbegrijpelijk is voor buitenstaanders en tot schier hopeloos verdwalen leidt. Nee, enkel de belofte van honderden roodharigen kon mij naar Breda lokken.Maar eerlijk is eerlijk, ik heb een echt rustgevoel te pakken gekregen die zondagmiddag. Zittend op een zonnig terrasje, omgeven door mooie roodharige en anderskleurige jongedames, met fraaie schilderwerken in de grote kerk, een grappige lezing over de voordelen van roodharig zijn, en een fijn braderie’tje eraan gekoppeld. Mijn camera heeft prachtige foto’s geschoten die helaas online verkleind en niet zo indrukwekkend meer staan, en een merkwaardige rust streek over me heen. Er was zo weinig voor nodig.. de aanblik van mooie rosse jongedames die zichzelf in een strelend daglicht gesteld zagen, een bescheiden middelgroot Brabants evenementje, en wellicht ook even de afstand van het Tilburgse culturele- en nachtleven. Ik heb nog een volledige dag erna een humeur gehad dat met massavernietigingswapens niet kapot te krijgen was.De perfecte zondag had plaatsgevonden in een stad waar ik ‘m nooit gezocht had. Ze verraste me uit het niets en liet me een heerlijke innerlijke rust na. Soms overkómt je zo’n dag zomaar.Een gastbijdrage van René van D.
Volgende week een snufje Halloween, de laatste aflevering van Couleur Locale: Edinburgh en in het weekend natuurlijk weer een perfecte zondag.
Lees de andere perfecte zondagen hier.

Categorieën
Mike's notities

Couleur locale: Edinburgh (6)

Dag 4: Arthur, Dante, Rose en Bobby
Waarom beklom Mike de berg? Omdat ie er was. Of nu ja, het is eerder een heuvel dan een berg, want voor die laatste kwalificatie is hij niet hoog genoeg. Het topje van de berg heet Arthur’s Seat vanwege de vulkaan die eronder zit. Schotland heeft zijn heuvelachtige landschap aan deze vulkaan te danken. Dit verklaart meteen het harde lavagesteente aan de top. En heuvel of niet, het beklimmen ervan is nog een hele klus merk ik vandaag. Dante Hicks
Aan de voet van de heuvel loopt er een Italiaan op me af: Manuel heeft me gezien in het hotel. Manuel ziet eruit als de gladde tweelingbroer van Dante Hicks: wilde zwarte krullen en een ringbaardje. Hij loopt graag en beklimt regelmatig heuvels. Ik heb daar iets meer moeite mee. Ook om hem te verstaan overigens; Manuel praat gebroken Engels met een dikke Italiaanse tongval. Maar we begrijpen elkaar. Meestal. Denk ik.Terwijl we langzaam maar zeker de heuvel beklimmen, vertelt Manuel dat hij hier voor een paar dagen is. Londen was te duur, dus daarom Edinburgh. Hij heeft het niet zo op ghosttours en gaat het liefste naar Portobello Beach – al zit het weer hem niet mee. Het is droog, maar wel fris. Vandaag drinkt hij het liefste een biertje en beklimt hij bergen. Dan heeft hij een goed uitzicht over de stad. En dat is waar. Als we uiteindelijk Arthur’s Seat bereiken is het uitzicht adembenemend. De snijdende wind overigens ook, dus het euforische moment van het bereiken van de top duurt niet lang. Welk hoogtepunt wel? Run Forrest, run…
Tijdens de afdaling komen we opvallend veel joggers tegen. Ze schieten voorbij in hun shorts en T-shirts. Taaie jongens die Schotten. Als ik een uur later de High Street weer in loop, loopt Manuel met me mee. Het is alsof ik ongemerkt geadopteerd ben. Dat is echter niet helemaal de bedoeling. Als we in The Black Medicine zitten, vertel ik hem rustig in gebroken Engels dat het gezellig was, maar dat ik graag nog een paar uurtjes alleen wil doorbrengen. Bij mijn derde poging valt het kwartje: ‘Iz not a problem,’ zegt Manuel. Waarschijnlijk zien we elkaar toch nog wel. Hij weet immers waar mijn hotelkamer woont.Black Medicine
The Black Medicine is me aangeraden door een gezellig meisje van een reisbureau. Dit is waar alle ‘coole’ studenten rondhangen. En cool is het. Het café met warmbruine tinten ingericht; de muren zijn gebouwd met brede stenen alsof we in een kasteel zitten. Er staat een totempaal in de hoek. Studenten zitten aan de houten tafeltjes te leren, of verschuilen zich achter hun laptop in de nisjes bij de ramen. Simon & Garfunkel zingen ‘Homeward Bound’ op de radio. Ik ben blij dat ik morgen weer terugvlieg. Niet dat ik nu zo’n zin heb in de dagelijkse routine, maar weer eens makkelijk kunnen douchen lijkt me wel fijn. Bovendien kijk ik erg uit naar de Stripdagen in Houten dit weekend. Bobby
Later die middag sta ik wederom op Greyfriars Cemetery. In het daglicht ligt alles er vredig bij – de geluiden van de omringende stad zijn slechts heel ver op de achtergrond te horen. Ik sta bij het graf van John Gray – het baasje van Greyfriar’s hondje Bobby. Volgens de legende lag het hondje Bobby veertien jaar lang, elke dag op het graf van zijn baasje omdat hij die zo miste. In werkelijkheid ligt de échte John Gray op een andere plek. Dit graf is leeg. Wel komt er warme lucht vandaan, wat waarschijnlijk verklaart waarom het hondje hier zo graag lag. Al zal de slagerij die toen naast Greyfriars stond er ook iets mee te maken hebben. De grafsteen ziet er verdomd goed uit na al die jaren. Dat kan kloppen, want de steen is pas enkele jaren geleden neergezet door Amerikaanse fans van Bobby. De grafsteen is dus net zo authentiek als het verhaal over Bobby. Er komt een vrouw op me af lopen. Ze is van Schots-Afrikaanse afkomst en dolblij om het graf van John Gray te zien. Ze woont al jaren in Edinburgh, maar ziet Grays laatste rustplaats nu voor het eerst. Ze is een grote fan van Bobby en heeft de Disneyfilm over het hondje vele malen gezien. Dolgelukkig kust ze de toppen van haar wijs- en middelvinger en drukt deze liefkozend tegen de koude grafsteen. Dan huppelt ze weer naar haar man toe.Rose
Een half uurtje later zit ik wederom in The Elephant House – het lijkt wel alsof ik mijn eigen voetsporen naloop. Ik vind het prettig om bekende plaatsen opnieuw te bezoeken. Om iets bekends te zien in een vreemde stad. De tafels zitten vol, maar aan eentje zijn nog drie stoelen vrij. Er zit een meisje aan te tekenen. Ze heeft de twee meisjes aan de tafel links van ons getekend. Rose is pas sinds zondag in Edinburgh. Ze studeert illustratie aan de universiteit, maar is tevens archeoloog. Rose komt net uit Rome waar ze druk bezig was met het opgraven van geschiedenis. Ik vertel haar over mijn stripverhaalplannen en dat er nog ergens een filmscript ligt stof te verzamelen. Na vijf minuten moet Rose helaas weg. Ze logeert bij een vriend en is op zoek naar een huis. Met een lieve glimlach neemt ze afscheid.Solotour
Ik besef nu dat alleen op reis gaan zo zijn voordelen heeft. Je bepaalt zelf waar je heengaat, ook kom je zo makkelijk in contact met anderen. Dat irriteerde me misschien aan Manuel: doordat we de hele tijd zo met elkaar zaten te praten, was er geen ruimte voor iemand van buitenaf. Hij zat dus nieuwe ontmoetingen in de weg. Wanneer ik alleen ben heb ik volledig de vrijheid om mijn omgeving te observeren, met mensen contact te zoeken, een praatje te maken. De vraag is alleen waarom dit bijna nooit gebeurt als ik in Nederland ben. Dan reageren mensen vaak niet positief op nieuw contact. Is dat een mentaliteitsverschil? Staan mensen in Schotland meer open voor vreemdelingen? Of straal ikzelf iets uit waardoor het leggen van contact soepeler verloopt? Misschien straal ik uit dat ik graag contact wil en reageren mensen daar op? Wordt besloten
Next: Feitelijke fictie en de serveerster from heaven
Lees ook:
Deel 1: Girls, Ghosts and Warhols,
Deel 2: City of the Dead
,
Deel 3: Polen, Nieuw-zeelanders en Onzichtbare Vrienden,
Deel 4: Serpenten, tombes en Sherlock Holmes,
Deel 5: Andy Warhol & Harry Potter
.

Categorieën
Mike's notities

De perfecte zondag van Frommel

De wind huilt om het huis de regen slaat tegen de ramenDe ideale zondag. De ideale zondag word ik wakker na een avond, waarin ik een waanzinnig concert heb gezien. De oren nog natutend van dit geweld of het hart en de emoties nog vol van zoveel prachtigs op een podium, is er na geborreld in mijn favoriete café. De tent waar ik niet alleen al 18 jaar kom, maar ook jaren achter de bar heb gestaan en zelfs een aantal jaren tot het meubilair hoorde. Er is in de nacht van deze ideale zondag gedronken en gedanst. Gepraat en gelachen en gepraat en gedronken en gelachen.De ochtend van de ideale zondag word ik wakker en hoor ik de wind om het huis huilen en de regen tegen de ramen slaan. Geen zon en warmte voor mij. Ik hou van herfst en nog meer van winter. De wind huilt om het huis en de regen slaat tegen de ramen. Ik draai me nog een keer om en kruip tegen haar aan. Haar, want zij hoort bij mijn ideale zondag. Zij is mijn lief. De vrouw waar ik iedere ochtend naast wakker wil worden, maar zeker deze ideale zondag.We kruipen lekker tegen elkaar. We besluiten lekker lang in bed te blijven liggen. Knus samen villa achterwerk of een filmpje kijken. Lekker lang in bed blijven liggen. We vrijen nog een keer. We vrijen, want we kunnen geen genoeg van elkaar krijgen. Het is een vrijen vol lust en geilheid, maar ook een vrijen van liefde en intens houden van elkaar. We kruipen voldaan tegen elkaar en vallen langzaam weer in slaap. Zij eerst en ik hoor haar adem rustiger worden. Ik voel de ontspanning in haar lichaam tegen me aan. Ik ben gelukkig zegt mijn hoofd en langzaam wordt het donker.Als we ontwaken, voor de tweede keer deze ideale zondag, staan we op. Ik bak een gebakken ei voor haar. Op mijn ideale zondag bak ik een ei. Een ei voor haar. Met een kopje thee erbij. We lummelen wat op deze ideale zondag. Op de bank. Uit de boxen klinkt muziek. Onze muziek. We lezen de krant van zaterdag en lezen elkaar stukken voor. Later in de middag nemen we een borrel. We vertellen elkaar verhalen over tijden van voor wij samen waren, kijken elkaar aan en zeggen hoe ideaal deze ideale zondag tot nu toe is.Als de avond begint te vallen begeven we ons naar de stad. We eten in ons favoriete restaurant. Dat kan elk restaurant zijn, als ze er maar een Surinaamse zaligheid schenken. Bij deze ideale zondag hoort een Surinaamse zaligheid. Eentje, want als we een tweede nemen zakken we langzaam onder tafel. Ik weet een hoop te doen onder tafel, maar deze ideale zondag is nog niet voorbij. We houden het dus bij eentje.Als we het restaurant verlaten besluiten we pas wat we doen. Gaan we nog even wat drinken of gaan we naar huis en genieten we het laatste beetje van deze ideale zondag van elkaar thuis?Besluiten we om nog wat te gaan drinken dan zullen we dat niet zomaar in een willekeurig café doen. We zullen daar heen gaan waar de mensen die wij liefhebben zijn. Bij het binnenkomen worden wij hartelijk begroet en nog een paar uurtjes zullen wij praten en lachen en praten en drinken en lachen. Moe maar voldaan zullen wij vlak voor twaalf uur weer samen in bed liggen. Nog niet te moe voor vrijen, want deze ideale zondag hoort, om een ideale zondag te zijn, vrijend met haar te eindigen.Besluiten we naar huis te gaan dan zullen we samen met een goed glas wijn en/of een lekker biertje op de bank zitten. Uit de boxen klinkt muziek. Onze muziek. We zullen praten en lachen en praten en drinken en lachen. Moe maar voldaan zullen wij vlak voor twaalf uur weer samen in bed liggen. Nog niet te moe voor vrijen, want deze ideale zondag hoort, om een ideale zondag te zijn, vrijend met haar te eindigen.Zal een zondag zo zijn dan zal die zondag mijn ideale zondag zijn, maar misschien is dit alles helemaal niet nodig om van een zondag mijn ideale zondag te maken. Als ik de zondag maar met haar doorbreng. Dan kan ik zelfs een dagje familie aan. Dan wil ik best in de file staan. De kattenbak verschonen en kleren strijken. Als ik de zondag met haar doorbreng dan is iedere zondag mijn ideale zondag.Een gastbijdrage van Frommel. Volgend weekend René van D.
Lees de andere perfecte zondagen hier.