Por Dios: Nostalgische striptrip in nieuw jasje

In het nieuwe striptijdschrift Por Dios worden oude strips geheel opgepoetst opnieuw uitgebracht. De stripcollectie van de UvA speelt hierin een belangrijke rol.

Vrijdagochtend, Amsterdam Zuidoost. Het boekendepot van de Universiteit van Amsterdam is gehuisvest in een onopvallend gebouw dat tegen het AMC aanleunt. Terwijl de temperatuur buiten rond het vriespunt ligt, zitten de ontelbaar cultuurhistorische schatten van de Bijzondere Collectie van de UvA er met 18,5 graad en een 50% luchtvochtigheid warmpjes bij. De klimaatkamers staan vol met compactus kasten vol boeken, tijdschriften, proefschriften, manuscripten en administraties van uitgeverijen.

Ook de stripcollectie is hier deels opgeslagen. 500 meter aan Nederlandse striphistorie: strips, documentatiemateriaal, krantenknipsels en het Oberon/Big Balloon archief, de reden waarom adjunct-conservator Jos van Waterschoot mij vandaag rondleidt. Het archief representeert de hoogtijdagen van de Nederlandse striptijdschriften in de jaren zeventig tot en met jaren negentig, toen de lezer eerst met Pep en later door onder andere Eppo getrakteerd werd op een ruim aanbod aan Nederlands en buitenlands striptalent. ‘Van de mainstream strip is hier zo’n 85% vertegenwoordigd,’ zegt Van Waterschoot.

‘De collectie is waardevol, omdat het originele werk vaak zoek is. Dat is verspreid geraakt, verkocht aan particulieren en verzamelaars. Stripmakers hebben vaak thuis nog wel wat liggen, maar wat als ze komen te overlijden, of ze verpatsen de boel als ze financieel aan de grond zitten? Dit materiaal komt vaak het dichtst bij de bron.’

Film van 'Franka' boven op de kleurensheet.

Onzichtbaar
De stripcollectie vormt voor een groot deel de basis van het nieuwe gezinstijdschrift Por Dios. Ieder nummer bevat een compleet, eerder uitgebracht stripverhaal van albumlengte, bijvoorbeeld van Storm of Franka, aangevuld met korte verhalen. Dit zijn deels oude bekenden als De Generaal en Stampede, deels nieuwe afleveringen van onder andere Elsje en Rembrandt. Por Dios is dus een nostalgische leestrip in een nieuw, modern jasje. De titel verwijst naar de ondertitel van de Pep: ‘Por Dios (Jeetje of Bij God), wat een blad!’

Het idee kwam van uitgever Rob van Bavel, die met de nieuwe Eppo twee jaar geleden inspeelde op de nostalgische gevoelens van een generatie ouderwordende stripliefhebbers. Eppo bevat nieuwe afleveringen van oude mainstream strips of geheel nieuwe strips die qua sfeer in het verlengde liggen van wat er vroeger in het striptijdschrift stond. Naar eigen zeggen spraken lezers Van Bavel geregeld op beurzen aan en vroegen waarom hij een klassieke strip als De Generaal van wijlen Peter de Smet niet opnieuw uitgaf. Ook merkte Van Bavel dat er bij een nieuw Storm-album toch zo’n vijfduizend exemplaren van een heruitgave van een oude Storm werden verkocht.

Er is dus vraag naar oude albums, maar met alleen de albumverkoop komt de uitgever niet uit de kosten. Het oude materiaal moet gedigitaliseerd en opnieuw worden ingekleurd. Door de strips eerst in een tijdschrift en later als album aan te bieden, worden de kosten beter gedekt. Een bijkomend voordeel is dat tijdschriften veel beter zichtbaar zijn in de boekwinkel dan strips. ‘Die zijn vaak niet zichtbaar in de winkel en zitten al helemaal niet in het tijdschriftenrek. Als je mazzel hebt vind je helemaal achterin een plankje. Als je strips uitgeeft in tijdschriftvorm omzeil je dat probleem.’

Ongedierte
Van Bavel ging te raden bij Van Waterschoot om te horen wat er allemaal in de stripcollectie van uitgeverij Big Balloon zat. Ongeveer zeven jaar geleden kwam dit archief in handen van het Stripschap, de collectie van het Stripschap is weer ondergebracht bij de Bijzondere Collecties.

‘Big Balloon hief de striptak op en wilde van het materiaal af,’ vertelt Van Waterschoot. ‘Alles hing in hangmappen en lag in ladekasten, in de kelder naast het fietsenhok. Een liefdeloze omgeving. Samen met Meerten Welleman heb ik in twee volle dagen dat archief leeggehaald. We hebben iets van 150 verhuisdozen gevuld met stripdossiers. Dat was een kwestie van een stapel oppakken en willekeurig in een doos gooien.’ Voordat een archief gerubriceerd wordt staat het eerst een maand in een quarantainekamer. Daar wordt het gecheckt op beestjes en schimmels. Eventueel ongedierte wordt vergast, schimmels worden verwijderd.

Vanaf 1931 in 'De Telegraaf': 'De avonturen van Mikkie Muis. Voor iedereen en elken dag.'

De grote omvang van het Big Balloon-archief zorgde in eerste instantie voor een wanhopig gevoel bij de conservator, die slechts 8 uur per week aan strips mag besteden: ‘Hoe krijg ik dit in godsnaam allemaal uitgezocht en verpakt?’ Uiteindelijk duurde het een kleine vier maanden, verspreid over een jaar, voordat alles netjes gerubriceerd en zuurvrij verpakt in de compactus-kast stond waar we nu voor staan.

Van Waterschoot haalt willekeurig een kartonnen doos van de plank. Hierin zit een zuurvrije map met daarin een album van De Familie Fortuin van Peter de wit. Behalve een gedrukt stripalbum bevat het dossier ook de originelen. Meestal zijn dit niet de originele tekeningen maar de films met daarop de geïnkte zwart-witpagina’s. De polyesterfilms lijken op doorzichtige overheadsheets. Op een sheet staat een strippagina, soms is voor iedere basiskleur een sheet.

De jas van de Generaal
De films worden op de redactie van Por Dios gescand op 1200 dpi. Het scannen en digitaal oppoetsen van de strips kost ongeveer een half uur per pagina, laat DTP’er Pieter Koertshuis weten. ‘Er zitten allemaal lijmresten en vuiltjes op de films. Toch zijn ze in goede staat, er zitten bijvoorbeeld geen scheurtjes of vouwen in. Ook zijn er gelukkig geen stukken uitgeknipt. Dat werd vroeger wel eens gedaan als er teksten werden gecorrigeerd,’ zegt Koertshuis.

Door de goede staat van de films moet er zelden iets gerestaureerd worden. Af en toe wordt er een lijntje bijgewerkt. Daarna worden de scans opnieuw ingekleurd. ‘Laatst moest ik nog de exacte kleur blauw van de jas van De Generaal bepalen. Toen heb ik het oorspronkelijke album erbij gehouden om deze op zicht te bepalen, maar je kan ook met een kleurboek de kleur opzoeken. Dan weet je bijvoorbeeld dat die jas 100 cyaan is. Kleurwaarden lopen van 10 tot 100.’

Geen extreme dingen
Por Dios, dat in een oplage van 30.000 exemplaren verschijnt, is bedoeld voor het hele gezin. ‘De Eppo is voor de mannelijke lezer boven de dertig, daar kan een beetje bloot of geweld in voorkomen. In Por Dios zullen we geen extreme dingen gaan doen.’ Toch is er een duidelijke wisselwerking tussen beide bladen. Dick Matena liet Van Bavel weten weer nieuwe afleveringen van zijn sciencefictionstrip Virl te willen maken. ‘In Por Dios kunnen we straks het allereerste verhaal van Virl herpubliceren om de lezer kennis te laten maken met deze strip. In de Eppo komt daarna het nieuwe verhaal. Op die manier heb je een mooie overlapping en maakt de jeugd kennis met klassiekers.’

Stripdocumentatiecentrum
De UvA heeft liever dat we spreken over De Stripcollectie van de afdeling Bijzondere Collecties, maar iedereen kent het archief als het Stripdocumentatiecentrum Nederland. Dit werd in 1970 opgericht door de Universiteitsbibliotheek Amsterdam in samenwerking met Het Stripschap. De 11 compactus-kasten van de stripcollectie zijn niet te missen in het depot in de Bijlmer, want op de eerste kast hangt een gekopieerde strippagina van de Familie Doorzon. Tegenwoordig staan de kasten op slot. Vroeger kon men met wat moeite en door verboden toegangsbordjes te negeren via het AMC in het UvA-gebouw komen. Vooral de verzameling pulpstrips, waar ook pornografische beeldverhalen onder vallen, was erg in trek. Men vermaakte zich er blijkbaar mee in de pauze, maar zat niet alleen te lezen: de eerste keer dat Van Waterschoot in het archief kwam trof hij, naast afgekloven boterhammen, pornostrips aan die dichtgeplakt zaten.

Dit artikel is gepubliceerd in VPRO Gids #3.

 

Minneboo-Media jaaroverzicht 2010

Voor mij was 2010 voor mij als freelancer een goed jaar. Ik heb flink wat artikelen mogen schrijven over strips en beeldcultuur en heb onderwerpen behandeld waar ik graag iets mee wilde doen. Nieuwe stripalbums, achtergrondartikelen over stripgenres en lekker veel interviews voor de VPRO Gids, Het Parool, maar ook in de Eppo, Stripgids, ArtEZ Fact en natuurlijk de Zone 5300.

Interviews
Het interview vind ik een van de fijnste journalistieke vormen die er zijn. Een-op-een gesprekken met mensen die iets interessants te vertellen hebben over hun kunst – daar krijg ik nooit genoeg van. Hoewel ik goede herinneringen heb aan alle gesprekken die ik dit jaar voerde, waren er een paar interviews die er voor mij extra uitsprongen.

Zoals mijn gesprek met Mike Mignola. Ik sprak de geestelijk vader van Hellboy op een vroege zaterdagochtend in het racketcenter in Breda waar een stripbeurs plaatsvond. In de geur van kroketten en friet spraken we over het ontstaan van Hellboy, Mignola’s liefde voor folklore en de bescheidenheid van de stripmaker.

Een ander gesprek waar ik erg naar uit keek was het interview met schrijver en dichter Nico Dijkshoorn. We spraken elkaar in een drie uur durende sessie in zijn stamkroeg in Leiden. Aan het einde van het gesprek kwam zijn stripliefde ter sprake. Dijkshoorn vertelde dat hij vroeger als kind met zijn jas om zijn nek Batman speelde. Ook bleek hij jarenlang comics verzameld te hebben. Dijkshoorn is een aardige en toch wat bescheiden vent.

Het derde gesprek dat ik graag wil noemen, was het interview met Matthijs van Nieuwkerk dat begin december plaatsvond in de studio van DWDD. Ik sprak hem voor een video voor mijnVARA.nl, de site waar ik parttime voor werk. We spraken vooral over het vakmanschap van de presentator, zijn rol bij DWDD en zijn toekomstplannen voor als hij stopt met deze talkshow. In januari ga ik de video monteren.

(Mocht je willen weten wat ik dit jaar nog meer heb geschreven, hier vind je een uitgebreid overzicht.)

Andere bijzondere momenten in het afgelopen jaar waar ik graag aan terugdenk: een zeer leerzame rondleiding bij de NOS en een concert van TRAIN dat me erg goed deed.

In februari bezocht ik de opleiding Comic Design op ArtEZ voor een reportage in de VPRO Gids. In december keerde ik terug naar Zwolle om een lezing te geven over Spiderman, een van mijn favoriete stripfiguren.

In Pulpman #8 staat een strip getekend door niemand minder dan Fred de Heij naar een scenario dat ik schreef. We hebben plannen om volgend jaar meer samen te werken.

Ook was ik maar liefst drie keer jurylid. Voor de VPRO Debuutprijs, de Stripschapsprijzen en het KLIK Amsterdam Animatie Filmfestival. Allemaal prijzen waar ik in principe achter kan staan en die het medium waar ze voor staan onder de aandacht brengen. Vooral die laatste ervaring was een feest daar de jury en de speciale gasten in de watten werden gelegd door het festival.

Verder begon ik halverwege het jaar te werken als online redacteur bij de VARA. In deze parttime functie kan ik mijn passie voor videoreportages aardig botvieren. Ook begon ik met een nieuwe reeks webvideo’s onder de naam Daily Webhead waarin ik korte scènes en sfeerbeelden afwissel met reportages. Iets waar ik het volgende jaar zeker mee verder ga. Net als het gelijknamige fotoblog.

2011
Rest mij niets anders meer dan de bezoekers van mijn blog hartelijk te bedanken voor het lezen van mijn stukken en het reageren op de site. En iedereen een inspirerend en heldhaftig 2011 toe te wensen.

 

Een fijne leeservaring blijft je bij

Waar, wanneer en hoe we iets lezen, de leeservaring, raakt verbonden met wat we lezen. Onze persoonlijke ervaringen geven een extra dimensie aan de boeken en strips die we lezen. Een unieke context. Maar geldt dat ook voor e-readers?

Een van de fijnste leeservaringen van vorig jaar die mij is bijgebleven was het lezen van Amazing Spiderman #600. Iedere keer als ik die strip zie liggen of even in mijn handen houdt, moet ik er weer aan denken.

Normaliter lees ik zelden losse Spider-Man comics. Ik ben meer van de tradepaperbacks. Maar nummer 600 van Amazing Spider-Man was een heel bijzonder – en dik nummer, geschreven door Dan Slott en getekend door mijn favoriete tekenaar John Romita Jr. Bovendien zou deze comic niet in een bundeling verschijnen vertelde Marvel. Daar hebben ze zich overigens niet aan gehouden, maar dat terzijde.


Mini odyssee
Ik dus naar de stripwinkel waar ze losse comics verkopen. Het was een mooie, warme dag. Een vrijdag, ergens aan het einde van de zomer. Ik liep naar Vendal Com-x, op de Rozengracht. Inmiddels bestaat die winkel alleen nog online. De kosten van het pand werden te duur. Aangezien het merendeel van de klanten het leesvoer online kocht en de winkel vooral kijkers trok, is Vendal nu een webwinkel met een pick-up point. Maar dat terzijde.

Bij Vendal hadden ze de comic niet meer. Ze konden hem wel bestellen, maar het zou een paar weken duren (!) voordat het kleinood in mijn handen kon houden. Onacceptabel. Ik wilde de strip nu lezen.

Ik ging op weg naar de Nieuwmarkt. Langs hordes toeristen. Stalen rossen, die op ramkoers leken te rijden, ontwijkend. De zon brandde in mijn nek, zweetdruppels probeerden mijn lijf koel te houden. De odyssee ging verder.

Licht oververhit stapte ik stripwinkel Henk binnen. Daar zag ik in eerste instantie Amazing Spider-Man #600 niet staan. Een hele wand vol met maandelijkse comics en trades, maar nergens de strip waar ik zo naar verlangde. Met gebogen hoofd liep ik naar de kassa, waar mijn humeur meteen een stuk beter werd. Ja, de dame achter de balie zag er leuk uit, maar dat even terzijde. Mijn aandacht ging toch uit naar ASM 600 die op me lag te wachten.

Vol verwachting klopte mijn hart. Op weg naar huis keek ik niet in de comic. Die wilde ik straks voor het eerst openslaan op mijn favoriete plek op de bank. Eindelijk thuisgekomen bleek ik mijn sleutels vergeten te zijn. En mijn vriendin was nog op haar werk. Het zou nog wel even duren voordat ze thuis kwam.
Dan maar geen bank. Ik ben toen bij een koffietentje bij mij in de buurt gaan zitten en bestelde een cappuccino. Ik heb in de schaduw Amazing Spider-Man #600 gelezen. Heerlijk.

Daar op het terras, lekker in de schaduw, leek het leven even perfect. Ik was een tevreden mens. En iedere keer wanneer ik die strip dus in de kast zie staan of wanneer ik hem weer opensla, moet ik aan dat moment denken.

Context
De leeservaring raakt verbonden met het boekwerk en verbindt een persoonlijk verhaal aan de tekst. Je eigen herinneringen raken vervlochten met het geschreven verhaal. Tenminste, dat ervaar ik bij dit soort bijzondere strips en bepaalde boeken. Bij fysieke voorwerpen met eigen dimensies die uit tig bladzijden bestaan. Voorwerpen waarvan je het gewicht kunt voelen, waarvan je de bladzijden om kunt slaan.

E-reader
Zou hetzelfde gelden voor lezen op een e-reader? Of op zo’n – godbetert – lichtgevend, weerspiegeld dienblad, ook wel iPad genoemd? Ik weet het niet. Is de herinnering alleen verbonden aan het verhaal of ook aan het fysieke voorwerp waarin dit verhaal besloten ligt? Een boek of een strip is namelijk een uniek voorwerp, maar alles wat je op een e-reader leest, heeft dezelfde vorm. Namelijk die van je e-reader…

Een inhoudelijke recensie over Amazing Spider-Man #600 vind je hier.

 

Mike’s Webisodes 10: Flashback 09

2009 mag dan achter de rug zijn, deze webisode hadden jullie nog van me tegoed. Het is een persoonlijke terugblik op het afgelopen jaar. Het leek me leuk om op die manier het jaar af te sluiten, in plaats van met een blogpost vol met lijstjes en hoogtepunten.

Webisode #10 is dus een meer persoonlijk verhaal en daarom iets anders dan je van me gewend bent.

Ik blik terug op een interessant jaar waarin ik op het privé-vlak en als freelance journalist veel meemaakte. Tussendoor bezocht ik Londen, New York en verhuisde ik naar de big city. Nou goed, allemaal te zien in Flashback ’09.

Het gebruikte materiaal bestaat uit video en foto’s. Wie de andere webisodes heeft gezien zal vast wel iets herkennen. Hoewel ik met name ruimte wilde geven aan de shots die er in de vorige afleveringen niet meer in pasten vanwege de lengte van de video’s. De muziek is weer afkomstig van Arnoud Baatsen en ook Jan Vriends (zie webisode #9) zingt weer een deuntje mee.

De best bekeken webisode voor vorig jaar was aflevering 3 over de Stripdagen in Houten. Ongetwijfeld heeft dat ook te maken met het feit dat de halfblote Star Wars-chick als thumbnail voor die video staat. Liselotte Doeswijk, die online video’s selecteert voor Beeld & Geluid, vertelde me vorig jaar dat een video op YouTube verschrikkelijk veel was aangeklikt omdat het leek alsof een meisje iemand pijpte op de thumbnail. (Zie dit interview.)

Zoals je kunt zien bevat deze webisode niet zo’n heel opzienbarende afbeelding. Het was de minst slechte van de drie. Het blijft jammer dat je bij YouTube slechts kunt kiezen uit drie voorgeselecteerde thumbnails. Bij andere videodiensten, zoals bijvoorbeeld Blip.tv kun je zelf een afbeelding uploaden.

Voor 2012 staan er ook webisodes gepland, maar daarover later meer.