Film A-Z: N

We zijn alweer bij de letter N van mijn Film A-Z. Dit keer twee nachtmerrie-titels in het rijtje. Verder kwam ik niet zo ver met de N eigenlijk. Voel je vrij om bij de comments je eigen favoriete films te noemen die met een N beginnen. Vergeet niet te vermelden waarom je die flicks zo goed vindt.

The Nightmare Before Christmas (Henry Selick, 1993)
Prachtige animatie die eigenlijk nooit verveelt, zelfs niet voor iemand als ik, die zelden musicals leuk vindt. De visie van Tim Burton werkt zowel in stop-motion als live-action en weet mij tot nu toe nog steeds te boeien. Al vond ik Alice in Wonderland een stuk minder. Nightmare gaat steevast aan tijdens saaie kerstdagen en is ook een prachtige Halloween-film. En Halloween, daar smul ik van.

A Nightmare on Elm Street (1984-1994)
Ik heb de recente remake nog niet gezien, maar sta daar ook niet voor te trappelen. Waarom moet deze prima filmcyclus van Wes Craven überhaupt hermaakt worden? Ik zie liever de versies uit de jaren tachtig. Freddy Krueger, de man met de nare klauwende handschoen die je in je nachtmerrie vermoordt, is een filmicoon geworden en een paar films uit de reeks zijn erg goed. Mijn favoriet uit de reeks is Wes Craven’s New Nightmare, numero zeven uit 1994, waarin blijkt dat de verhalen rond Krueger zijn verfilmd omdat dit de enige manier is om de boeman te bezweren. Maar nu er al een tijdje geen films meer zijn gemaakt of verhalen over hem zijn verteld, dreigt Krueger dreigt door te dringen in de echte wereld en is een bedreiging voor de acteurs en de crew die de films gemaakt hebben. Omdat veel mensen in deze film zichzelf spelen, lopen werkelijkheid en fictie mooi door elkaar.

North by Northwest (Alfred Hitchcock, 1959)
Noem me ouderwets, maar Hitchcock-films: daar hou ik van. De grootmeester van de cinema dient niet voor niets als schoolvoorbeeld in de studie filmwetenschap. Dit is een van mijn favorieten, al is het alleen maar omdat hij bijna elke maand werd uitgezonden op TNT Classic Movies. Maar vooral om Cary Grant – de George Clooney van het oude Hollywood.

De charmante reclameman Roger O. Thornhill (Grant) wordt tijdens een lunch in het Plaza Hotel van New York per ongeluk aangezien voor geheim agent George Kaplan – een fictief personage dat de geheime dienst heeft bedacht om de ‘tegenpartij’ om de tuin te leiden. Thornhill wordt ontvoerd door twee gewapende mannen en meegenomen naar een huis op Long Island, waar hij wordt ondervraagd door een man die zich voorstelt als Lester Townsend (James Mason). Thornhill kan echter de vragen van de man niet beantwoorden en ontkent George Kaplan te zijn. Logisch, want zoals gezegd bestaat die Kaplan helemaal niet. De rest van de film is een vermakelijke achtervolging, inclusief de iconografische scène waarin Grant achterna gezeten wordt door een vliegtuigje, eindigend in de klassieke scène bij Mount Rushmore.

Het thema van ‘the wrong man’, de man die onterecht van iets wordt beschuldigd, is typisch Hitchcock. Evenals de speelse manier waarop hij met intriges omgaat. Natuurlijk is er ook een MacGuffin, een object waar iedereen in de film achteraan zit, maar eigenlijk van alles kan zijn en geen andere functie heeft dan het voortzetten van het verhaal. In North by Northwest is dit de microfilm.

De volgende aflevering van mijn film A-Z is over twee weken, dus op vrijdag 30 juli.

 

Film A-Z: M

Het is vrijdag dus tijd voor mij tweewekelijkse Film A-Z. Vandaag de M, want het is nooit te warm om goede films te kijken. Enjoy.

Man on the Moon (Milos Forman, 1999)
Het levensverhaal van de eigenzinnige komiek Andy Kaufman met liefde verfilmd. Jim Carrey zet een zeer overtuigende Andy Kaufman neer. En een goede Tony Clifton, Kaufmans alter ego. Maar laten we ook acteur Paul Giamatti niet vergeten. Hij speelt Bob Zmuda, de compadre van Kaufman met wie hij snode grappen bedacht. Zmuda schreef ook een memoir over Kaufman. Wie dat boek uitleest, ziet de wereld opeens op een complete nieuwe manier. Dat overkwam mij in ieder geval. Lees het boek na de film, andersom merk je dat de makers van Man on the Moon veel hebben gesleuteld aan de werkelijkheid om er een kloppend verhaal van te maken. Maar ach, wat geeft dat eigenlijk. Het leverde een boeiende flick op, van een boeiende vent.

De band REM maakte nog een mooi liedje over Andy Kaufman.

The Matrix (Andy Wachowski, Lana Wachowski, 1999)
Toen de eerste Matrix-film uitkwam, was ik flabbergasted. Het was steevast de beste film van dat jaar. Goed uitgevoerd, vol met technisch hoogstaande filmsnufjes. Een boeiend verhaal over werkelijkheid en schijnwerkelijkheid. Over wat echt is en virtueel, maar reëler aanvoelt dan de werkelijkheid. Vooral vondsten als de verklaring voor déjà vu, wat dus komt omdat het computersysteem zich aanpast en er dus een kleine loop in het computerprogramma ontstaat, vond ik prachtig. En verder lekker semi-relieus geneuzel. Religie moeten we toch niet serieus nemen. Niet in deze wereld, noch in The Matrix.

Welke pil zou jij eigenlijk nemen? De rode, die je uit de illusies doet ontwaken, of de blauwe, die je de werkelijkheid doet vergeten? Ik vrees dat de meeste mensen voor de laatste pil zullen kiezen, al zullen ze dat natuurlijk nooit toegeven.

Het is zo jammer dat er een tweede en een derde deel moesten komen. Die halen toch een deel van de glans van The Matrix weg. Daarbij trek ik één film met houtenklaas Keanu Reeves nog wel, maar een hele trilogie? Dan nog liever drie films met hobbits!

Metropolis (Fritz Lang, 1927)
Het eerste wat ik ooit van deze scifi klassieker zag, waren beelden die gebruikt werden in de videoclip Radio Gaga van Queen. De beelden lieten me nooit meer los: ik ben erg dol op het gebruik van schaalmodellen in films en de futuristische stad in Metropolis wordt mede verbeeld door schaalmodellen. Verder bevat deze Duitse film uit 1927 prachtige beelden. Zoals de scène waarin de gouden vrouwenrobot tot leven wordt gewekt.

Metropolis, toen de duurste Duitse film ooit, is een dystopisch verhaal dat zich afspeelt in de toekomst. Het verhaaltje, dat geschreven werd door de vrouw van regisseur Fritz Lang, zit simpel in elkaar en de boodschap is duidelijk, maar naïef: de arbeiders en de elite (het hoofd) vinden elkaar in het hart.

Er zijn heel wat verschillende versies van deze film, maar ik geef de voorkeur aan de versie van Giorgio Moroder, die er een aardige Hollywoodachtige versie van wist te maken. Maar smaken verschillen natuurlijk.

Mulholland Drive (David Lynch, 2001)
Wat, alweer een film van David Lynch in mijn film A-Z? Jazeker. Dit is een van de meest toegankelijke films van meneer Lynch en wat een hartzeer laat hij ons zien. De geflopte actrice Diane Selwyn (Naomi Watts) voelt zich verraden door haar vriendinnetje en construeert een heel romantisch verhaal voordat alles in duigen valt en ze zelfmoord pleegt. Of zoiets, want net als bij het andere filmwerk van Lynch zijn er meerdere interpretaties van het verhaal mogelijk. Is dat erg? Nee, dat maakt het alleen maar voor de hand om de film nog eens te gaan zien. En dat is geen straf. Prachtig gefilmd, met twee prachtige hoofdrolspeelsters. Intrigerend ver voorbij het moment dat het laatste frame zichtbaar is.


De volgende Film A-Z is vrijdag 16 juli. Voel je vrij om tot die tijd jouw favoriete M-titels met ons te delen.

 

Film A-Z: L

Het is vrijdag en dus tijd voor mijn tweewekelijkse Film A-Z. We zijn inmiddels bij de letter L beland.

Lethal Weapon (Richard Donner, 1987)
Ik zat er eerst nog even te twijfelen of ik Lethal Weapon op de lijst moest zetten. Dat heeft alles te maken met het feit dat ik in de afgelopen jaren anders ben aan gaan kijken tegen Mel Gibson. In de Lethal Weapon-reeks speelt hij de agent met het korte lontje Martin Riggs die op ieder moment tot een geflipte actie in staat is. Erg amusant die rare sprongen die Riggs maakt. Toch bekruipt me de laatste jaren het gevoel dat Gibson misschien niet echt acteerde: hij heeft een paar rare uitspraken gedaan en The Passion of the Christ noem ik geen gezond kijkvoer. Was het je trouwens al opgevallen dat Mel in bijna al zijn films wel een keer gemarteld wordt?

Maar dat even terzijde. Ik heb indertijd erg genoten van de Lethal Weapon quatrologie, waarin stevige actie en heerlijk mannenhumor hand in hand van het scherm afknallen. Indertijd was ik ook gecharmeerd van de soundtrack gecomponeerd door Michael Kamen en Eric Clapton. Je mag me wakker maken voor een deeltje uit de reeks. Doch niet te laat, want net als Mel heb ik mijn schoonheidsslaapjes nodig.



Let the Right One In (Tomas Alfredson, 2008)

Let the Right One In is een prachtige vampierenfilm, die heel subtiel gedraaid is en een mooi en ontroerend verhaal over een eenzame twaalfjarige jongen die gepest wordt op school. Hij sluit vriendschap met zijn nieuwe buurmeisje, dat hem bekent bloed te moeten drinken om in leven te blijven.

De film won eerder zowel de jury- als de publieksprijs op het 25e Imagine: Amsterdam Fantastic Film Festival. De jury stelde toen dat de Zweedse productie “het horrorgenre ver, ver ontsteeg en laat zien dat elke pispaaltje een vampier als vriendin zou moeten hebben”. Deze film werd terecht als beste buitenlandse film van 2009 gekozen door de Nederlandse filmpers.

Lost Highway (David Lynch, 1997)
In een film A-Z mag bij de letter L cineast David Lynch natuurlijk niet ongenoemd blijven. Ik ben een groot liefhebber van zijn werk, al geef ik graag toe dat ik zijn films ook niet altijd snap. Gelukkig zijn er bij de verhalen van Lynch altijd meerdere verklaringen mogelijk. Lost Highway vind ik nog steeds een van de meest verontrustende films die ik ooit zag.

Lynch kan als geen ander het alledaagse zo in beeld brengen, dat je al koude rillingen over je rug voelt gaan als hij een druppelende kraan laat zien. De complexiteit van de verhalen maakt dat je de films vaker kunt zien, om bij iedere kijkervaring nieuwe dingen te ontdekken of reeds bekende details in een ander licht te plaatsen. De cinema van Lynch is daarom eindeloos fascinerend. Zijn televisieserie Twin Peaks was dat ook, getuige de reeks artikelen die ik daar een tijd geleden over schreef.

Lost in translation (Sofia Coppola, 2003)
Ik wil niet te veel over deze film zeggen, want deze moet je gewoon gaan zien. Een prachtige rol van Bill Murray die Bob Harris speelt, een Amerikaanse acteur op zijn retour die een paar dagen in Tokio verblijft om een commercial op te nemen. Hij ontmoet Charlotte (Scarlett Johansson in haar meest ontwapenende rol ooit) in de bar van het hotel. Charlotte voelt zich net als hij verloren in een stad waar alles vreemd lijkt te zijn. Haar man is een werkverslaafde fotograaf die ze zelden ziet. De twee Amerikanen zijn op elkaar aangewezen en er ontstaat een verrassende vriendschap.

Regisseur Sofia Coppola houdt afstand tot Tokio en benadert de wereldstad vanuit de ogen van haar personages. Vol verwondering en vragen dwalen die door de metropool, soms dromend, soms verdwaald, maar nooit echt alleen omdat ze elkaar hebben leren kennen. Of zoiets. Nou ja, ik heb al te veel gezegd. Ga maar gewoon kijken.

De volgende film A-Z is er over twee weken, op 2 juli.

 

Film A-Z: K

Vandaag is in mijn Film A-Z de K aan de beurt, maar het is vooral de K van karig lijstje. Ik heb niet zo veel filmfavorieten die met die letter beginnen.

Ik vond Karakter van Mike van Diem bijvoorbeeld een goede film: mooie artdirection, goed camerawerk. Maar ik zou hem toch niet tot mijn favorieten rekenen. Ook The Karate Kid, die ik erg leuk vond toen hij uitkwam, komt niet in dit rijtje voor. Ongetwijfeld zullen sommige mensen met Kill Bill op de proppen komen. Sorry, ik was niet erg onder de indruk van dit aan filmcitaten samenhangende hobbyprojectje van Quentin Tarantino. Vermakelijk is Kill Bill zeker, maar sinds de première heb ik niet de behoefte gevoeld de rolprent nog eens te bekijken.

De onderstaande twee films wel.

Kick-Ass (Matthew Vaugh, 2010)

Kick-Ass
kwam een paar maanden geleden uit in de bioscoop, dus hij is nog erg vers. Toch is het een film die ik graag nog een keer ga zien. Niet alleen omdat deze stripverfilming gebaseerd is op een origineel idee, namelijk dat gewone mensen opeens proberen superhelden te zijn, maar ook omdat dit idee prima is uitgevoerd. Al gaat mijn voorkeur uit naar het origineel: de prachtige strip van Mark Millar en John Romita Jr. Zie hier mijn recensie.

Kiss Kiss Bang Bang (Shane Black, 2005)
Ironische misdaadfilm van de scriptschrijver van Lethal Weapon, Last Action Hero en The Long Kiss Goodnight die met deze film zijn regiedebuut maakte. Robert Downey Jr. (daar is ie weer) speelt kruimeldief Harry Lockhart die op de vlucht voor de politie, bij een filmauditie terechtkomt. Hij mag naar Hollywood waar hij een paar dagen meeloopt met detective Perry Van Shrike, door iedereen Gay Perry genoemd vanwege zijn voorkeur voor de herenliefde. Lockhart komt al snel een oude jeugdvriendin tegen, en samen raken ze in meer intriges, problemen en intertekstuele verwijzingen verzeild om de rest van de film in volle vaart te houden.

Prima vertolkingen, ook van Val Kilmer als Gay Perrry en Michelle Monaghan als mooie jeugdvriendin. De filmvertelling refereert naar zichzelf: niet alleen spreekt Downey Jr. rechtstreeks het publiek aan, ook wordt de film vaak letterlijk even stilgezet voor een grappige terzijde of toevoeging. Regisseur en scenarist Black haalt een paar keer hard uit naar tinseltown en schetst een cynisch beeld van de filmfabriek die Hollywood heet.

De volgende keer gaan we verder met de letter L en wel op vrijdag 18 juni.