Tim Enthoven: ‘Ik ben curator van mijn jeugd’

In het televisieprogramma De Canvasconnectie vertelt grafisch kunstenaar Tim Enthoven over werk van hemzelf en anderen.

De Nederlandse illustrator Tim Enthoven (Den Haag, 1985) studeerde in 2009 cum laude af aan de Design Academy Eindhoven met Binnenskamers, een striproman waarin hij speelt met de narratieve conventies. In het semi-autobiografische verhaal leeft de licht autistische student Tim als kluizenaar in zijn kamer waar hij zich onderwerpt aan een streng leef- en werkpatroon. Totdat de buitenwereld zich opdringt en hij op een feestje een meisje ontmoet: gebeurtenissen waardoor Tim in de war raakt.

Enthoven: ‘Die periode heb ik zeker zo gekend. Bepaalde eigenschappen deel ik ook met het personage, ik ga er nu alleen beter mee om. Die strikte werkethiek heb ik nog steeds, ook heb ik een voorkeur voor orde, maar het is allemaal niet zo extreem als in het boek.’

Slagveld
In De Canvasconnectie, waar iedere aflevering een kunstenaar of vormgever centraal staat die nieuw werk aan het voorbereiden is, toont Enthoven een serie etsen die tijdens de grafische kunstbeurs Pick me up in het Londense Somerset House te zien zijn (tot 1 april, red.) Deze etsen maakte Enthoven als tiener, waaronder een reeks van legerformaties uit het begin van de Gouden Eeuw gecombineerd met thema feest. ‘Ik heb indertijd een vertaling gemaakt van alle elementen die volgens mij op een discovloer aanwezig zijn en alle elementen die je op een slagveld vindt. Voor mij was dat toen strategisch gereedschap om inzicht te krijgen in zaken als feestjes en uitgaan, wat ik eigenlijk nooit deed.’

De prints zullen ook te zien zijn op de solotentoonstelling in MU te Eindhoven die eind mei opent, waar verschillende projecten die Enthoven als jongere maakte worden vertoond in nagebouwde ruimtes uit zijn verleden. ‘Ik ben de afgelopen maanden vooral bezig als curator van mijn jeugd,’ zegt de nog jonge illustrator. Toch is het thema van zijn verleden en het genre autobiografie, dat duidelijk in zijn beeldverhalen en de exposities naar voren komt, geen leidraad in zijn werk, vindt hij zelf. ‘Het onderwerp interesseert me wel, maar er zit geen uitgestippeld plan achter. Ook in werk van anderen vind ik het verhaalelement dat niet verteld wordt maar dat wordt gesuggereerd door de schijn van autobiografie, fascinerend. Ik speel met verhaalvormen en de vrijheden die je je daarbinnen kunt permitteren. Dat doe ik ook in mijn illustratiewerk, waarin ik bijvoorbeeld graag een mening verkondig die haaks staat op die van het artikel waar de afbeelding bij hoort.’

Enthovens illustraties staan onder andere in New York Times Magazine, Vice en de VPRO Gids.

De Canvasconnectie,
Canvas, zondag 25 maart 20.15 – 20.45

Dit artikel is gepubliceerd in VPRO Gids #12 (2012).

 

 

Expositie en smakelijke themabundel van Peter van Straaten

In samenwerking met het Persmuseum, Amsterdam, laat de tentoonstelling Peter van Straaten & Jo Spier: Virtuoze Tekenaars van het Nederlandse Leven werk zien van de bekende tekenaars Peter van Straaten (1935) en Jo Spier (1900-1978). Deze tentoonstelling is van 17 maart tot en met 17 juni 2012 te zien in het Stedelijk Museum Zutphen. Ook kwam er recent een nieuw album van Van Straaten uit: Heeft het gesmaakt?

31 maart zal er in Het Parool voor het laatst een cartoon staan van Peter van Straaten. Na 54 jaar houdt hij het voor gezien. Zijn eerst tekening stond op 26 juli 1958 in deze krant. Hij gaf in die krant aan de dagelijkse druk niet meer aan te kunnen. Niet zo gek natuurlijk, de cartoonist is inmiddels 76 jaar oud. Wel blijft hij voorlopig nog een stukje per week schrijven voor NRC Handelsblad. Voor Vrij Nederland maakt hij nog een politieke prent.

Expositie
Wie het werk van Peter eens van dicht bij wil bekijken, moet binnenkort naar Zutphen. Van Straaten heeft er nooit een geheim van gemaakt dat de, van oorsprong Zutphense, tekenaar/illustrator Jo Spier een van zijn grote voorbeelden is. In de tentoonstelling Peter van Straaten & Jo Spier: Virtuoze tekenaars van het Nederlandse leven zal een persoonlijke keuze van Van Straaten uit het werk van Spier te zien zijn, met daar tegenover vergelijkbaar werk van hemzelf. Zo zal ook het publiek kunnen constateren dat er een duidelijke verwantschap bestaat tussen de beide kunstenaars.

Portretten, politiek, maatschappij, kunst en cultuur, stad en platteland zijn thema’s die beide kunstenaars tot inspiratie hebben gediend. Ook vrij werk en uniek en veelal onbekend jeugdwerk van beide tekenaars zal in de tentoonstelling te zien zijn. Bij de tentoonstelling komt er een kleine publicatie over Peter van Straaten en Jo Spier en is te koop voor € 5,00 in de museumwinkel. De tentoonstelling zal in de zomer van 2012 ook in het Persmuseum te zien zijn.

Stedelijk Museum Zutphen
Rozengracht 3
Openingstijden: dinsdag t/m zondag: 11.00 – 17.00 uur

Heeft het gesmaakt? is de pakkende titel van alweer het zesde deel uit de serie themaboeken van Peter van Straaten. De bundel bevat een interessante selectie cartoons over de gevaren en de geneugten van het uit eten gaan. De restaurants van Van Straaten worden getypeerd door grofgebekte obers, dubieuze maaltijden en kieskeurige eters.

Van Straaten is een cartoonist die bij uitstek de menselijke aard weet weer te geven. In zijn universum zijn de opmerkingen die aan tafel worden uitgesproken, vaak net zo scherp als de messen die erop liggen. Wat dat betreft leren we de mens, en onze partners en vrienden, pas goed kennen tijdens het avondmaal.

Van Straaten tekent zoals altijd trefzeker: van het verschrikte gezicht van een oudere man die vanachter de menukaart vandaan komt en wanhopig aan zijn vrouw vraagt: ‘Hoe is jouw Frans?’ tot en met de wat stevige echtgenoot die verwijtend tegen zijn veel te magere vrouw zegt: ‘Jij zeker weer eeen héél klein voorgerechtje?’.

De beste cartoon uit de bundel vind ik die van de ober die een bord eten dicht bij zijn neus houdt terwijl de twee gasten hem boos aankijken. De ober: ‘Nou bedorven…, bedorven… Overdrijven we niet een beetje?’ In dat restaurant hebben we allemaal wel eens gegeten.

Overigens heeft Van Straaten, net als in eerdere bundels, de neiging om zo nu en dan te varieren op dezelfde soort grappen: anorexia-vrouwen, vies eten en onbeschofte obers komen dan ook veelvuldig voorbij. Wat dat betreft had de samensteller wat meer variatie in het menu mogen brengen.

Een smakelijke bundel cartoons om kado te doen of zelf plezierig van te peuzelen.

Peter van Straaten – Heeft het gesmaakt?
De Harmonie, € 14,90

 

Charles Burns: Puberen in de Twilight Zone

De Amerikaanse stripmaker Charles Burns werkt al jaren aan een somber, nachtmerrieachtig universum. Zijn werk schittert in een retrospectief in Leuven. ‘Ik probeer eerlijk te zijn en weer te geven wat ik zie, denk en voel.’

In de meesterlijke striproman Black Hole van Charles Burns (Washington, 1955) raken tieners besmet met een seksueel overdraagbare ziekte die lichamelijke afwijkingen veroorzaakt, zoals een mond in de nek, vergroeiingen in de rug of een staart. De meeste besmette tieners leven als verschoppelingen in het bos en proberen er het beste van te maken. Volgens Burns is de puberteit als een ziekte: de één groeit erover heen, de ander blijft er eeuwig in hangen. In de wereld van Burns kent deze periode daarom veel horrorachtige elementen, het is alsof je in de Twilight Zone pubert.

‘Misschien heb ik die tijd ook wel zo beleefd. Vrienden van mij hebben hetzelfde ondergaan als ik. Ze verkopen nu vastgoed en zijn gelukkig, dus misschien ligt het aan mij,’ zegt de stripmaker lachend. ‘Ik vind de puberteit een belangrijke periode. Ik word aangetrokken door de intensiteit van je emoties en van de transformaties die je fysiek en mentaal doormaakt.’

Fragment uit 'Black Hole'


Opgroeien

Burns’ jeugd blijkt een eindeloze bron van inspiratie voor hem te zijn. De stripmaker groeit in zijn werk langzaam op, men zou bijna kunnen spreken van surrealistische memoires. ‘In de loop der jaren heb ik verschillende leeftijden behandeld in mijn strips. De verhalen over Big Baby, de bijnaam van het jongetje Tony wiens hoofd veel lijkt op dat van een ruimtewezen, gaan over opgroeien in de vroege jaren zestig. Black Hole neemt me de middelbare school in. Ik wilde de personages in de wereld plaatsen die ik kende van mijn jeugd in de vroege jaren zeventig, toen ik opgroeide in Seattle. De drie boeken waar ik nu aan werk beginnen in de late jaren zeventig en het punktijdperk. Ik maak altijd de grap dat ik tegen de tijd van mijn sterfbed aan het schrijven over mijn midlifecrisis toe ben.’

Sombere visie
Naast strips maakt Burns ook commercieel werk: al jaren tekent hij de omslagen voor het literaire tijdschrift The Believer, maakt hij illustraties, advertenties en platenhoezen. Hij brak begin jaren tachtig door met strips in het avant-gardistische striptijdschrift RAW. In Museum M te Leuven is nu een retrospectief van zijn tekeningen en illustraties te zien. ‘Veel mensen die de expositie zien realiseren zich dat mijn obsessies en visie, wat die ook mogen zijn, vanaf het begin al aanwezig waren. Er zitten geen radicale veranderingen in mijn werk, alleen subtiele. Over het algemeen is het allemaal heel herkenbaar.’

Het universum van Burns kenmerkt zich door een sombere visie op de mensheid. ‘Dat is deel van mijn DNA, deel van wie ik ben,’ bekent de stripmaker. ‘Ik probeer eerlijk te zijn en weer te geven wat ik zie, denk en voel. ‘Het is niet een compleet zwart beeld van de wereld, ik ervaar niet overal walging of afkeer bij, maar sommige van die dingen komen wel aan de oppervlakte als ik aan het werk ben.’

De beroemde platenhoes die Burns maakte voor Iggy Pop

Body horror
De strips van Burns zijn vaak gecompliceerde vertellingen vol symboliek, vertelt vanuit meerdere perspectieven. Ze kennen een ingewikkelde narratieve structuur met flashbacks en flashforwards. De verhalen roepen associaties op met het surrealisme in de films van David Lynch en de body horror van regisseur David Cronenberg: ‘Met hen word ik het vaakst vergeleken. Er zijn ook zeker overeenkomsten tussen hun werk en het mijne. Toch zijn ze geen inspiratiebronnen voor me, want Lynch en Cronenberg kende ik niet toen ik jong was. Invloeden zijn voor mij dingen waar ik als kind aandachtig naar keek, stripmakers wiens werk ik natekende en die ik probeerde te evenaren. Zoals Saul Steinberg die in complexe en fantastische lijnen cartoons voor The New Yorker tekende. Een directere invloed in verband met wat ik nu maak is Harvey Kurtzman. Toen ik nog erg jong was keek ik naar Kurtzmans Mad Comics, niet te verwarren met het latere magazine zoals dat nog steeds wordt uitgeven. Mad Comics kwamen oorspronkelijk uit als een comic in de jaren vijftig, mijn vader had er zwart-witte heruitgaven van.’

Zelfportret
Om de vooroordelen omtrent zijn inspiratiebronnen tegen te spreken, staat in de expositie een muur volgehangen met honderd boekomslagen. ‘Het zijn boeken uit mijn boekenkast. Op een bepaalde manier is het een soort van zelfportret. De algemene aanname is namelijk dat ik alleen maar Amerikaanse horrorcomics uit de jaren vijftig en zestig ken, en ik wilde laten zien dat de reikwijdte van waar ik mee ben opgegroeid veel groter is dan dat.’

Burns nieuwste project wordt een trilogie, waarvan het eerste deel in 2010 verscheen: X’ed Out. De titel refereert volgens Burns naar twee zaken in het verhaal. De tiener Doug, die gewond en ziek het bed houdt, probeert de inname van zijn medicijnen te minderen. Hij heeft een schema gemaakt van het aantal dagen dat hij nog moet slikken en streept deze door, als een gevangene die de dagen tot zijn vrijlating bijhoudt. De andere verwijzing is naar de punkcultuur: de punks sloten zichzelf buiten de maatschappij en zetten als het ware een kruis door hun participatie daaraan.

Kuifje
Een belangrijke inspiratiebron zijn de strips van Hergé, geestelijk vader van Kuifje en uitvinder van de ‘klare lijn’-stijl. ‘Een groot deel van mijn kindertijd moest ik mezelf vermaken en dat deed ik door te tekenen en strips te lezen. Nog voordat ik kon lezen kreeg ik Kuifje-albums van mijn vader en werd verliefd op ze. Ze maakten grote indruk op mij.’ In X’ed Out zijn de invloeden van Hergé duidelijk terug te zien in de tekeningen: hoofdpersoon Doug lijkt in zijn dromen op een popartversie van Hergés held maar dan met een zwart kuifje haar. ‘Uiteindelijk hebben het verhaal, de personages en wat ik wil vertellen niets te maken met de wereld van Kuifje of die van Hergé, maar de beeldtaal en misschien ook de sfeer die ik als kind tot me genomen heb, komen er nu op deze manier uit.’

Charles Burns: Zwart gat (oorspr. Black Hole en X (oorspr. X’ed Out)
Oog & Blik/De Bezige Bij

Charles Burns in Museum M in Leuven te zien tot en met 11 maart.

Dit artikel is in VPRO Gids #9 gepubliceerd.

 

5348 lijnen van Hanco Kolk

De expositie 5348 lijnen van Hanco Kolk laat een dwarsdoorsnede zien van het werk van stripmaker/illustrator Hanco Kolk (1957). 

Naast de dagelijks verschijnende strip S1ngle, die hij samen met Peter de Wit maakt, produceert Kolk hoogst divers werk, zoals de grafische roman Van Istanbul naar Bagdad met Arnon Grunberg, de meermalen bekroonde serie Meccano en Tot Ziens, Justine Keller met de muzikant Spinvis.

Sinds dit jaar experimenteert Kolk met driedimensionale toepassingen van zijn stijl in de vorm van levensgrote draadfiguren waarin de kenmerkende soepele lijn duidelijk te herkennen is.

Voor Galerie De Etage in Gorinchem heeft Kolk een selectie gemaakt uit zijn vrije en toegepaste werk. Ook zal op de expositie een voorproefje te zien zijn van zijn nieuwe prentenserie rond Casanova, die in juni als printcollectie zal verschijnen.

5348 lijnen van Hanco Kolk is een eerbetoon aan het vakmanschap van Hanco Kolk.

De tentoonstelling wordt op zaterdag 3 maart om 16.00 uur (inloop vanaf 15.30 uur) geopend met een soort getekende speech van de kunstenaar/stripmaker zelf.

Galerie De Etage is gevestigd boven Boekhandel Cursief, Kruisstraat 4, 4201 GE Gorinchem.

De expositie van Hanco Kolk is nog te zien tot en met woensdag 28 maart, en geopend op maandag, dinsdag en vrijdag van 9.00-17.30 uur, donderdag van 9.00-21.00 uur en zaterdag van 9.00-17.00 uur.

Zie hier de meester aan het werk tijdens Manuscripta 2010:

Daily Webhead: Hanco Kolk Live from Michael Minneboo on Vimeo.